ECLI:NL:GHAMS:2022:1312
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven
In deze strafzaak heeft de verdachte hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep op 24 maart 2022 verschenen de verdachte en zijn raadsman niet. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal dat de verdachte niet-ontvankelijk moet worden verklaard.
Het hof constateerde dat door of namens de verdachte geen schriftelijke grieven zijn ingediend, noch mondelinge bezwaren tegen het vonnis zijn opgegeven. Tevens is niet gebleken dat de verdachte een rechtens te respecteren belang heeft bij het onderzoek van de zaak in hoger beroep. Op grond hiervan heeft het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep, conform artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Het arrest is uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 24 maart 2022, waarbij de griffier aanwezig was. Hiermee is het hoger beroep van de verdachte niet-ontvankelijk verklaard en blijft het vonnis van de politierechter in stand.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en een rechtens te respecteren belang.