ECLI:NL:GHAMS:2022:2249
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep wegens intrekking bezwaren
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de politierechter van 28 september 2021. Tijdens de behandeling van het hoger beroep gaf de raadsvrouw aan dat verdachte zijn hoger beroep wenst in te trekken. Omdat het onderzoek ter terechtzitting reeds was aangevangen op 16 november 2021, was intrekking niet meer mogelijk.
Het hof concludeerde dat verdachte zijn oorspronkelijke bezwaren niet langer handhaaft en dat er geen rechtens te respecteren belang is bij voortzetting van het hoger beroep. Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering verklaarde het hof verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 7 januari 2022, waarbij één van de rechters afwezig was bij ondertekening van het arrest.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens intrekking van zijn bezwaren na aanvang van het onderzoek ter terechtzitting.