ECLI:NL:GHAMS:2022:2989

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
7 juli 2022
Publicatiedatum
21 oktober 2022
Zaaknummer
23-003014-21
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 41 SrArt. 422 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging vonnis jeugdige verdachte wegens openlijke geweldpleging met verwerping noodweerverweer

In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de kinderrechter in de strafzaak tegen een jeugdige verdachte bevestigd. De zaak betrof openlijke geweldpleging waarbij de verdachte samen met een groep de confrontatie met het slachtoffer opzocht en geweld gebruikte.

De verdediging voerde aan dat de verdachte uit noodweer handelde, maar het hof sloot zich aan bij de eerdere verwerping van dit verweer door de kinderrechter. Het hof gaf daarbij nadrukkelijk gewicht aan het feit dat de verdachte de confrontatie actief heeft opgezocht en een significante bijdrage heeft geleverd aan het geweld.

Het hof benadrukte dat medeverdachte het initiatief tot geweld nam, maar dat dit de verantwoordelijkheid van de verdachte niet wegneemt. Na het toepassen van geweld heeft de verdachte zich wel verwijderd, maar dit deed niet af aan zijn aandeel in de bewezenverklaarde feiten.

Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 7 juli 2022, waarbij het vonnis van 3 november 2021 van de kinderrechter werd bekrachtigd met een nadere motivering omtrent het noodweerverweer.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt het vonnis van de kinderrechter en wijst het beroep op noodweer af.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-003014-21
datum uitspraak: 7 juli 2022
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Noord-Holland van 3 november 2021 in de strafzaak onder parketnummer 15-223360-21 tegen
[verdachte01],
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 2004,
adres: [adres01] .

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 24 februari 2022 en 23 juni 2022 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsman naar voren hebben gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis zal worden bevestigd.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen, met dien verstande dat het hof de verwerping van het beroep op noodweer als volgt aanvult.

Aanvullende overweging

Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de raadsman overeenkomstig zijn notities aangevoerd dat de verdachte heeft gehandeld uit noodweer, als bedoeld in artikel 41, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.
Het hof sluit zich met de bevestiging van het vonnis aan bij de verwerping van dat verweer door de kinderrechter. Daarbij geeft het nadrukkelijk gewicht aan de omstandigheid dat de verdachte de confrontatie heeft opgezocht op de wijze zoals door de kinderrechter overwogen, en leest het de gebezigde bewijsmiddelen alsmede de overwegingen van de kinderrechter aldus dat medeverdachte [medeverdachte01] bij de poortdeur het initiatief tot geweld jegens de aangever nam.
Voorts laat de omstandigheid dat de verdachte zich heeft verwijderd na aangever zelf te hebben geschopt, onverlet dat hij met het aanvankelijk opzoeken van de confrontatie, het deel uitmaken van de groep die zich naar de achtertuin begaf en aldaar de confrontatie met aangever aanging alsmede met zijn eigen daarop volgende geweldshandeling een significante bijdrage heeft geleverd aan de bewezenverklaarde openlijke geweldpleging jegens de aangever, dus ook voor zover dat geweld nog volgde op zijn eigen geweldshandeling.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.J.A. Duker, mr. J.J.J. Schols en mr. M.K. Durdu-Agema, in tegenwoordigheid van mr. D. Damman, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 7 juli 2022.
Mr. M.K. Durdu-Agema en mr. D. Damman zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
[…]