In deze zaak is het hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 9 juli 2021. De verdachte werd veroordeeld voor het zonder geldige bevoegdheid besturen van een motorrijtuig.
Het gerechtshof Amsterdam heeft het vonnis waarvan beroep bevestigd, behalve ten aanzien van de strafoplegging. Het hof vernietigde dit deel en deed in zoverre opnieuw recht. De strafoplegging bestaat uit een gevangenisstraf van drie weken, een geldboete van 500 euro en tien dagen hechtenis, waarbij de hechtenis kan worden vervangen door betaling van de boete.
Daarnaast ontzegt het hof de verdachte de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van zes maanden. De overige onderdelen van het vonnis blijven ongewijzigd bevestigd.
Het arrest is gewezen door mr. D. Radder, in aanwezigheid van griffier E.C. van Eijck van Heslinga.