In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd en opnieuw recht gedaan in een zaak over winkeldiefstal en diefstal van twee loktassen. De verdachte werd ervan beschuldigd op 19 november 2020 in Amsterdam samen met anderen twee loktassen van de politie en meerdere blikjes drank van een winkel te hebben weggenomen met het oogmerk zich deze wederrechtelijk toe te eigenen.
De verdediging voerde onder meer aan dat de dagvaarding ten aanzien van de blikjes drank onvoldoende specifiek was en dat het Tallon-criterium was geschonden door de inzet van lokmiddelen. Het hof verwierp deze verweren, oordeelde dat de dagvaarding geldig was en dat de inzet van lokmiddelen rechtmatig was, waarbij de verdachte niet tot andere handelingen werd gebracht dan zijn opzet reeds voorzag.
Het bewijs werd als voldoende overtuigend beoordeeld, ondanks enkele vragen over een proces-verbaal, mede door bevestiging van politieverklaringen en camerabeelden. De verdachte werd wettig en overtuigend bewezen verklaard schuldig aan beide feiten. Gelet op de ernst van de feiten, de overlast en het effect op het veiligheidsgevoel, legde het hof een gevangenisstraf van drie weken op, waarbij rekening werd gehouden met het ontbreken van eerdere veroordelingen.