In hoger beroep is het vonnis van de rechtbank Noord-Holland te Haarlem bevestigd inzake de overtreding van de Opiumwet door uitvoer van ruim een kilogram cocaïne naar Japan in georganiseerd verband. De verdachte had een organiserende en faciliterende rol, waarbij een medeverdachte het meest gevaarlijke werk verrichtte.
De rechtbank had een gevangenisstraf van 12 maanden opgelegd, maar het hof vernietigde deze straf en legde een gevangenisstraf van 14 maanden op, waarbij rekening werd gehouden met een overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep van ruim 13 maanden. De straf is passend geacht gezien de ernst van het feit, de hoeveelheid cocaïne en de rol van de verdachte in de criminele keten.
De verdachte had meerdere eerdere veroordelingen, maar deze betroffen andere feiten en werden niet nadelig meegewogen. De raadsman had verzocht om een voorwaardelijke straf en taakstraf, maar het hof achtte een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend. De tenuitvoerlegging zal plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting met mogelijkheid tot deelname aan een penitentiair programma of voorwaardelijke invrijheidstelling.