Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHAMS:2022:3420

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
14 november 2022
Publicatiedatum
6 december 2022
Zaaknummer
200.272.984/01 OK
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:352a BWArt. 16 lid 5 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Benoeming raadsheer-commissaris voor getuigenverhoor in enquêteprocedure TAF Asset 11 B.V.

De Ondernemingskamer Amsterdam behandelt een enquêteprocedure gericht op het beleid en de gang van zaken van TAF Asset 11 B.V. over de periode vanaf 1 september 2014. Eerder zijn diverse beschikkingen genomen, waaronder de benoeming van een onderzoeker en het vaststellen van een kostenplafond voor het onderzoek.

Bij eerdere beschikkingen zijn ook een OK-bestuurder en een OK-beheerder benoemd om het bestuur en het beheer van aandelen in TAF te waarborgen. Verzoeken tot beëindiging van de enquêteprocedure zijn afgewezen en het kostenplafond is verhoogd.

Op verzoek van de onderzoeker is een getuigenverhoor gelast conform artikel 2:352a BW, waarbij aanvankelijk mr. A.W.H. Vink als raadsheer-commissaris was aangewezen. In deze beschikking wijzigt de Ondernemingskamer dit door mr. M.A.M. Vaessen te benoemen als raadsheer-commissaris voor het getuigenverhoor.

De beschikking is gegeven door de Ondernemingskamer, bestaande uit drie raadsheren en twee raden, en in het openbaar uitgesproken op 14 november 2022.

Uitkomst: Mr. M.A.M. Vaessen wordt benoemd tot raadsheer-commissaris voor het gelaste getuigenverhoor in de enquêteprocedure tegen TAF Asset 11 B.V.

Uitspraak

beschikking
_________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.272.984/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 14 november 2022
inzake
1. de vennootschap naar het recht van Estland
ATTEXO OÜ,
gevestigd te Tallinn, Estland,
2.
[A],
wonende te [....] ,
VERZOEKERS,
advocaat:
mr. G.C. Endedijk, kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
TAF ASSET 11 B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER,
thans zonder advocaat, voorheen: mr. L.D. Bruining, kantoorhoudende te Amsterdam,
e n t e g e n
1. de vennootschap naar het recht van Cyprus
AVERLINE HOLDINGS LIMITED,
gevestigd te Larnaca, Cyprus,
BELANGHEBBENDE,
advocaten:
mrs. A. Schenninken
S.V. Stephenson, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,

2 [B] ,

wonende te [....] ,
3.
[C],
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDEN,
advocaten:
mrs. S.C.M. van Thielen
C.L. Kruse, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,

4 [D] ,

wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
niet verschenen,

5 [E] ,

wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat:
mr. R de Bree, kantoorhoudende te Den Haag.
Partijen worden in deze beschikking ook als volgt aangeduid:
  • Attexo OÜ als Attexo;
  • [A] als [A] ;
  • TAF Asset 11 B.V. als TAF.

1.Het verloop van het geding

1.1
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 14 en 17 september 2020, van 3 februari 2021, van 26 april 2022 en van 24 oktober 2022.
1.2
Bij de beschikkingen van 14 en 17 september 2020 en van 3 februari 2021 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van TAF over de periode vanaf 1 september 2014, mr. W.J.B. van Nielen (hierna: de onderzoeker) benoemd om het onderzoek te verrichten en het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 180.000, exclusief btw. Ook heeft de Ondernemingskamer bij die beschikkingen, bij wijze van onmiddellijke voorzieningen, mr. J.G. Princen (hierna: de OK-bestuurder) benoemd als bestuurder van TAF en mr. R. le Grand (hierna: de OK-beheerder) benoemd als beheerder van aandelen in TAF.
1.3
Bij de beschikking van 26 april 2022 heeft de Ondernemingskamer het verzoek van Attexo en [A] tot beëindiging van de enquêteprocedure afgewezen en het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten verhoogd tot € 220.000, exclusief btw.
1.4
Bij de beschikking van 24 oktober 2022 heeft de Ondernemingskamer op verzoek van de onderzoeker een getuigenverhoor gelast op de voet van artikel 2:352a BW en mr. A.W.H. Vink benoemd tot raadsheer-commissaris in de zin van artikel 16 lid 5 Rv Pro voor wie dit getuigenverhoor zal plaatsvinden.

2.De gronden van de beslissing

2.1
In afwijking van hetgeen in de beschikking van 24 oktober 2022 in deze zaak is bepaald, zal de Ondernemingskamer mr. M.A.M Vaessen benoemen tot raadsheer-commissaris in de zin van artikel 16 lid 5 Rv Pro, voor wie het getuigenverhoor zoals gelast bij beschikking van 24 oktober 2022 zal plaatsvinden.

3.De beslissing

De Ondernemingskamer:
benoemt tot raadsheer-commissaris in de zin van artikel 16 lid 5 Rv Pro voor wie het getuigenverhoor zoals gelast bij beschikking van 24 oktober 2022 zal plaatsvinden mr. M.A.M. Vaessen.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.W.H. Vink, voorzitter, mr. C.C. Meijer en mr. M.A.M. Vaessen, raadsheren, en prof dr. mr. S. ten Have en prof. dr. A.J.C.C.M. Loonen, raden, in tegenwoordigheid van mr. B.J. Blok, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 14 november 2022.