ECLI:NL:GHAMS:2022:355
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging gezagsbeeindiging moeder over minderjarige ondanks hoger beroep
De zaak betreft het hoger beroep van de moeder tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland die het ouderlijk gezag van de ouders over hun minderjarige kind beëindigde en de gecertificeerde instelling (GI) als voogd benoemde.
De minderjarige verblijft sinds december 2019 in een perspectiefbiedend gezinshuis vanwege een onveilige thuissituatie met huiselijk geweld en gebrek aan stabiliteit. De moeder voert aan dat zij in staat is voor het kind te zorgen en dat beëindiging van het gezag de hechting schaadt, terwijl de GI onvoldoende betrokkenheid toont.
Het hof oordeelt dat de moeder niet in staat is de zorg en opvoeding binnen een aanvaardbare termijn te dragen, mede gezien de belaste voorgeschiedenis en het feit dat de minderjarige de voorkeur geeft aan voortzetting van de huidige voogdij. Het verzoek van de moeder wordt afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd. De moeder wordt niet in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het ouderlijk gezag van de moeder en wijst haar hoger beroep af.