Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[belanghebbende 1] ,
2. [belanghebbende 2] ,
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
200.841.577/01heeft hij eerst de advocaat van [belanghebbende 1] en [belanghebbende 2] ingeschakeld.
stelt dat er sprake is van een verlieslijdend bedrijf. Dit duidt er ook op dat er sprake is van schulden. Daar komt bij dat er drie onderscheidende vermogens zijn. Hoewel ze met elkaar samenhangen en met elkaar zijn verbonden, vallen de vermogens van de nalatenschappen niet samen met het vermogen van de huwelijksgoederengemeenschap.”