Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter van 30 maart 2021, waarin verdachte was veroordeeld voor overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en deed opnieuw recht.
De bewezenverklaring betrof een overtreding gepleegd op 11 maart 2020 te Den Helder. Het hof veroordeelde verdachte tot een taakstraf van 30 uren, welke bij niet-nakoming kan worden vervangen door 15 dagen hechtenis. Tevens verklaarde het hof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in twee vorderingen tot tenuitvoerlegging met verschillende parketnummers.
De uitspraak werd gedaan door mr. D. Radder, in aanwezigheid van mr. A. Ivanov als griffier. Het arrest bevestigt de straf en regelt de procedurele aspecten omtrent de tenuitvoerlegging van eerdere vorderingen.