ECLI:NL:GHAMS:2022:395
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing gezamenlijk gezag en verlaging kinderalimentatie met terugbetalingsverplichting
Partijen zijn de ouders van een minderjarige kind, waarbij de vrouw het eenhoofdig gezag heeft. De man verzocht om gezamenlijk gezag en verlaging van de kinderalimentatie. Het hof oordeelt dat gezamenlijk gezag niet in het belang van het kind is vanwege de ernstig verstoorde communicatie en het risico op besluiteloosheid.
De kinderalimentatie werd vastgesteld op basis van de netto besteedbare inkomens van partijen. De man stelde een lagere draagkracht door verminderde inkomsten, maar het hof vond onvoldoende bewijs voor blijvende inkomensdaling en ging uit van het inkomen van 2019. De behoefte van het kind werd vastgesteld op €601 per maand.
De draagkrachtvergelijking leidde tot een alimentatie van €42 per maand voor de man. Omdat de man tot maart 2021 de hogere alimentatie had betaald, moet de vrouw het teveel betaalde vanaf die datum terugbetalen in maandelijkse termijnen. De beschikking van de rechtbank wordt op deze punten vernietigd en herzien, terwijl het verzoek tot gezamenlijk gezag wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het verzoek tot gezamenlijk gezag is afgewezen en de kinderalimentatie verlaagd naar €42 per maand met terugbetalingsverplichting van de vrouw.