ECLI:NL:GHAMS:2022:758
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlenging uithuisplaatsing minderjarige noodzakelijk in belang van verzorging en opvoeding
De minderjarige is sinds april 2021 uit huis geplaatst en verblijft in een pleeggezin. De ouders zijn het niet eens met de verlenging van de uithuisplaatsing en verzoeken om terugkeer van de minderjarige middels een gefaseerd terugplaatsingstraject. De gecertificeerde instelling (GI) en de Raad voor de Kinderbescherming ondersteunen de verlenging vanwege aanhoudende zorgen over de opvoedsituatie en veiligheid.
De ouders kampen met psychiatrische problematiek en er zijn meerdere incidenten geweest waarbij de vader agressief gedrag vertoonde, waaronder bedreigingen en overlast. De moeder is overbelast en kan onvoldoende stabiliteit bieden. Ondanks positieve ontwikkelingen in de hulpverlening is het hof van oordeel dat de ouders nog niet structureel in staat zijn om de opvoeding op een veilige wijze te hervatten.
Het hof benadrukt het belang van een emotioneel veilige en voorspelbare opvoedsituatie voor de minderjarige en acht de verlenging van de uithuisplaatsing noodzakelijk totdat het terug-naar-huisonderzoek het opgroeiperspectief duidelijk maakt. De inbreuk op het gezinsleven wordt als proportioneel en noodzakelijk beoordeeld, waardoor het beroep op het EVRM en IVRK faalt.
Uitkomst: De verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige is noodzakelijk en wordt bekrachtigd.