De verdachte, werkzaam als advocaat, werd beschuldigd van het opzettelijk beïnvloeden van de verklaring van een aangever in een strafzaak tegen zijn cliënt. Dit gebeurde op 20 juli 2018 te Leiden, waarbij hij de aangever telefonisch benaderde en bezocht met het doel diens vrijheid om naar waarheid te verklaren te belemmeren.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte onder meer had gezegd dat de aangever onderdrukt werd door de politie, dat hij moest zeggen dat hij niet helder was en dat ze het samen konden oplossen. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en kwam tot een iets andere bewezenverklaring en strafoplegging.
De verdachte werd veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 2 jaar. Het hof nam daarbij de ernst van het feit, de bijzondere rol en het vertrouwen dat aan advocaten wordt toegekend, en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte mee. De verdachte is inmiddels geschorst als advocaat, verslaafd en dakloos geworden.
De uitspraak benadrukt het belang van de vrijheid van getuigen om onbelemmerd te verklaren, vooral in het strafproces, en veroordeelt het gedrag van de verdachte als ernstig onwenselijk en schadelijk voor het vertrouwen in de advocatuur.