ECLI:NL:GHAMS:2023:1665
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- B.E. Dijkers
- S. Jongeling
- A.M.M.E. Doekes - Beijnes
- Rechtspraak.nl
Verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep wegens te late indiening en onmogelijkheid hoger beroep tegen tenuitvoerleggingsbeslissing
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis en de beslissing van de politierechter in de rechtbank Amsterdam. De politierechter had verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 40 dagen, waarvan 38 dagen voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden en een proeftijd van twee jaar. Daarnaast was op een latere datum een beslissing genomen tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straf wegens overtreding van de bijzondere voorwaarden.
Verdachte stelde op 2 september 2021 hoger beroep in tegen de beslissing van 27 augustus 2021 tot tenuitvoerlegging van de straf. Het hof oordeelde dat het hoger beroep tegen het vonnis van 31 maart 2021 te laat was ingesteld, omdat de beroepstermijn van veertien dagen was verstreken. Bovendien is hoger beroep tegen de beslissing tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke straf niet mogelijk op grond van artikel 6:6:7 van Pro het Wetboek van Strafvordering.
Daarom verklaarde het hof verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep. Dit arrest werd gewezen door de meervoudige kamer van het gerechtshof Amsterdam op 27 juni 2023, waarbij één rechter buiten staat was het arrest mede te ondertekenen.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens te late indiening en onmogelijkheid van hoger beroep tegen tenuitvoerleggingsbeslissing.