ECLI:NL:GHAMS:2023:2368

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
5 oktober 2023
Publicatiedatum
16 oktober 2023
Zaaknummer
23-000101-23
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8 lid 5 WVW 1994Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 23 Sr
Verwijzingen
11 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep wegens overtreding artikel 8 lid 5 Wegenverkeerswet met ontzegging rijbevoegdheid

Op 11 september 2021 heeft verdachte te Den Helder de overtreding van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994 begaan. De politierechter in de rechtbank Noord-Holland heeft op 6 januari 2023 een vonnis gewezen waartegen hoger beroep is ingesteld.

Het gerechtshof Amsterdam heeft het vonnis van de politierechter vernietigd en doet nu opnieuw recht. De verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete van €1.200, te voldoen in acht termijnen van €150, en tot een hechtenis van 22 dagen die bij gebreke van betaling in plaats van de boete wordt opgelegd.

Daarnaast wordt de verdachte ontzegd de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van zes maanden. Deze ontzegging wordt niet ten uitvoer gelegd tenzij de verdachte binnen een proeftijd van twee jaar opnieuw een strafbaar feit pleegt. De vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke ontzegging wordt afgewezen.

De uitspraak is gewezen door mr. D.A.C. Koster, in aanwezigheid van griffiers T. Zikken en mr. R.M. ter Horst.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geldboete van €1200 en ontzegging rijbevoegdheid voor 6 maanden met een proeftijd van 2 jaar.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg : 96-070781-22 en 96-164418-19 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-000101-23
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 5 oktober 2023 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 6 januari 2023 in de zaak tegen de verdachte:
naam:
[verdachte01]
voornamen: [verdachte01]
geboren: op [geboortedatum01] 1986 te [plaats01]
adres: [adres01] .

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
gepleegd
op 11 september 2021 te Den Helder.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24a, 24c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 8, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
geldboetevan
€ 1.200,00 (duizend tweehonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
22 (tweeëntwintig) dagen hechtenis.
Bepaalt dat het totaal van de
geldboetesmag worden voldaan in
8 (acht) termijnenvan
1 maand, elke termijn groot
€ 150,00 (honderdvijftig euro).
Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
6 (zes) maanden.
Bepaalt dat de bijkomende straf van ontzegging niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Wijst af de vordering van de officier van justitie van het arrondissementsparket Utrecht van 28 oktober 2022, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 17 januari 2020, parketnummer 96-164418-19, voorwaardelijk opgelegde ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 3 maanden.
Gewezen door mr. D.A.C. Koster, in bijzijn van T. Zikken en mr. R.M. ter Horst, griffiers.
mr. D.A.C. Koster