ECLI:NL:GHAMS:2023:2376

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
5 oktober 2023
Publicatiedatum
16 oktober 2023
Zaaknummer
23-003351-22
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 onder C OpiumwetArt. 13 lid 1 Wet Wapens en MunitieArt. 63 Wetboek van Strafrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging vonnis opzettelijk handelen in strijd met Opiumwet en Wet Wapens en Munitie

In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de politierechter te Amsterdam van 13 december 2022. De verdachte werd veroordeeld voor opzettelijk handelen in strijd met artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet en artikel 13 lid 1 van Pro de Wet Wapens en Munitie.

Het hof heeft het vonnis van de politierechter bevestigd en daarbij de gebruikte bewijsmiddelen aangepast voor mogelijke cassatieprocedures. Het hof heeft tevens artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht toegepast, wat betrekking heeft op de tenuitvoerlegging van de straf.

De straf die is opgelegd betreft een taakstraf van 40 uur. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 5 oktober 2023. De raadsman van de verdachte was gemachtigd aanwezig tijdens de behandeling van het hoger beroep.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de taakstraf van 40 uur voor opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet en Wet Wapens en Munitie.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 13-023308-22
parketnummer hoger beroep : 23-003351-22
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 5 oktober 2023 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 13 december 2022 in de zaak tegen de verdachte:
naam:
[verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 2001 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat de door de rechtbank gebezigde bewijsmiddelen worden vervangen door de bewijsmiddelen die na het eventueel instellen van beroep in cassatie zullen worden opgenomen in de uitwerking van deze aantekening en dat het bepaalde in artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht van toepassing is.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Gewezen door mr. D.A.C. Koster, in bijzijn van T. Zikken en mr. R.M. ter Horst, griffiers.
mr. D.A.C. Koster