Op 24 januari 2021 vond op het Museumplein in Amsterdam een demonstratie plaats tegen het Covid-19-beleid, waarbij de burgemeester het plein had aangewezen als veiligheidsrisicogebied en een noodbevel had uitgevaardigd om de demonstratie te ontbinden vanwege ernstige vrees voor wanordelijkheden en gevaar voor de volksgezondheid.
De verdachte werd ervan beschuldigd zich opzettelijk niet te hebben verwijderd van het Museumplein ondanks herhaalde vorderingen van de politie en het noodbevel van de burgemeester. De verdachte stelde dat hij vreedzaam wilde demonstreren en dat het noodbevel onrechtmatig en disproportioneel was, maar het hof verwierp deze verweren.
Het hof stelde vast dat het noodbevel rechtsgeldig was en proportioneel werd toegepast gezien de omstandigheden, waaronder het negeren van eerdere waarschuwingen en het gevaar voor de openbare orde. Ondanks dat de verdachte geen geweld gebruikte en vreedzaam bleef zitten, was hij op de hoogte van het bevel en gaf hij er opzettelijk geen gehoor.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis en veroordeelde de verdachte tot een geldboete van €150, subsidiair 3 dagen hechtenis, met matiging van de straf vanwege het vreedzame gedrag van de verdachte. Hiermee werd het tenlastegelegde bewezen verklaard en strafbaar gesteld.