ECLI:NL:GHAMS:2023:2822

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
26 oktober 2023
Publicatiedatum
23 november 2023
Zaaknummer
23-000055-23
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 Leerplichtwet 1969Art. 28 Leerplichtwet 1969Art. 404 lid 2 sub a SvArt. 9a Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep wegens schuldigverklaring zonder strafoplegging

De verdachte werd door de kantonrechter schuldig bevonden aan een overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Leerplichtwet 1969, zonder dat een straf of maatregel werd opgelegd. Tegen dit vonnis stelde de verdachte hoger beroep in. Het gerechtshof heeft het hoger beroep behandeld en de vordering van de advocaat-generaal tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in hoger beroep overgenomen.

Volgens artikel 404, tweede lid, onder a, van het Wetboek van Strafvordering is hoger beroep tegen vonnissen betreffende overtredingen in beginsel niet mogelijk indien geen straf of maatregel is opgelegd, zoals bepaald in artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht. Omdat de verdachte schuldig werd verklaard zonder strafoplegging en het vonnis op tegenspraak is gewezen, zijn de uitzonderingen op deze regel niet van toepassing.

Het hof concludeert daarom dat de verdachte niet-ontvankelijk is in het hoger beroep en verklaart het hoger beroep ongegrond. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 26 oktober 2023.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens schuldigverklaring zonder strafoplegging.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000055-23
datum uitspraak: 26 oktober 2023
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Amsterdam van 21 december 2022 in de strafzaak onder parketnummer 13-254719-22 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1974,
adres: [adres].

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 26 oktober 2023.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal strekkende tot de niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Op 21 december 2022 is de verdachte door de kantonrechter schuldig verklaard aan overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Leerplichtwet 1969 zonder oplegging van straf of maatregel. Uit artikel 28 van Pro de Leerplichtwet 1969 volgt dat dit feit wordt aangemerkt als een overtreding. De verdachte heeft op 4 januari 2023 hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de kantonrechter.
Gelet op hetgeen is bepaald in artikel 404, tweede lid, onder a, Wetboek van Strafvordering (Sv) staat tegen vonnissen betreffende overtredingen in beginsel geen hoger beroep open voor de verdachte aan wie met toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht (Sr) geen straf of maatregel werd opgelegd.
Het door de verdachte ingestelde hoger beroep heeft betrekking op hetgeen door de kantonrechter is bewezen verklaard, te weten een overtreding. De verdachte is daaraan met toepassing van artikel 9a Sr schuldig verklaard zonder oplegging van een straf of maatregel. Nu het bestreden vonnis op tegenspraak is gewezen doet zich de in het derde lid van voormeld artikel omschreven uitzondering niet voor, en gelet op het ten laste gelegde ook niet de uitzondering van het vierde lid. Bij deze stand van zaken staat voor de verdachte tegen dit vonnis geen hoger beroep open zodat de verdachte daarin niet kan worden ontvangen.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. C.J. van der Wilt, mr. N.R.A. Meerbeek en mr. M.K. Durdu-Agema, in tegenwoordigheid van mr. I.A. de Bruijne, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 26 oktober 2023.
De jongste raadsheer is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.