ECLI:NL:GHAMS:2023:2898

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
16 november 2023
Publicatiedatum
30 november 2023
Zaaknummer
23-002217-23
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 69 SrArt. 404 lid 5 SvArt. 422 lid 2 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard wegens overlijden verdachte

In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 16 november 2023 uitspraak gedaan in hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 28 juli 2023. De verdachte, geboren in 2005, is overleden op een datum in 2023, zoals vastgelegd in een akte van overlijden van 16 oktober 2023. Hierdoor vervalt het recht tot strafvervolging tegen hem volgens artikel 69 van Pro het Wetboek van Strafrecht.

De verdachte had hoger beroep ingesteld tegen het vonnis, waarin hij primair en subsidiair was vrijgesproken in bepaalde zaken. Het hof verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep voor zover dit gericht was tegen de vrijspraken, omdat hoger beroep tegen vrijspraak niet is toegestaan volgens artikel 404, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering.

Het hof vernietigt het vonnis voor zover het aan zijn oordeel is onderworpen en verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging van de verdachte in de overige tenlasteleggingen. De uitspraak is gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarbij één rechter niet kon medeondertekenen.

Uitkomst: Het openbaar ministerie is niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging wegens overlijden van de verdachte.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002217-23
datum uitspraak: 16 november 2023
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 28 juli 2023 in gevoegde strafzaken onder de parketnummers 13-137649-22, 13-155524-22, 13-180835-22 alsmede 13-111502-21 (TUL) tegen
[verdachte01],
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 2005.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 16 november 2023 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
Omvang van het hoger beroep: ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
De verdachte is door de rechtbank Amsterdam vrijgesproken van hetgeen aan hem in de zaak met parketnummer 13-137649-22 onder 1 en in de zaak met parketnummer 13-155524-22 onder 2 primair en subsidiair is tenlastegelegd. Het hoger beroep is door de verdachte onbeperkt ingesteld en is derhalve mede gericht tegen de in eerste aanleg gegeven beslissingen tot vrijspraak. Gelet op hetgeen is bepaald in artikel 404, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering staat voor de verdachte tegen deze beslissingen geen hoger beroep open. Het hof zal de verdachte mitsdien niet-ontvankelijk verklaren in het ingestelde hoger beroep, voor zover dat is gericht tegen de in het vonnis waarvan beroep gegeven vrijspraken.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere beslissing komt dan de rechtbank.

Ontvankelijkheid openbaar ministerie

Blijkens een op 16 oktober 2023 door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Amsterdam opgemaakte akte van overlijden, nr. [nummer01] , is de verdachte op [datum01] 2023 overleden.
Ingevolge artikel 69 van Pro het Wetboek van Strafrecht is het recht tot strafvervolging tegen deze verdachte vervallen en dient het openbaar ministerie – overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal – niet-ontvankelijk te worden verklaard in de vervolging van de verdachte ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 13-137649-22 onder 2 en 3, in de zaak met parketnummer 13-155524-22 onder 1 en in de zaak met parketnummer 13-180835-22 ten laste gelegde.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep, voor zover gericht tegen de beslissingen ter zake van het in de zaak met parketnummer 13-137649-22 onder 1 en in de zaak met parketnummer 13-155524-22 onder 2 primair en subsidiair tenlastegelegde.
Vernietigt het vonnis waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en doet opnieuw recht:
Verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 13-137649-22 onder 2 en 3, in de zaak met parketnummer 13-155524-22 onder 1 en in de zaak met parketnummer 13-180835-22 ten laste gelegde.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. C.J. van der Wilt, mr. M.J.A. Duker en mr. M. Jeltes, in tegenwoordigheid van mr. E.C. Damo, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 16 november 2023.
Mr. M. Jeltes is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.