De Ondernemingskamer Amsterdam behandelde een verzoek tot vaststelling van de vergoeding van een onderzoeker die een enquêteonderzoek verrichtte naar het beleid en de gang van zaken van de besloten vennootschap TAF Asset 11 B.V. over de periode vanaf 1 september 2014. Het onderzoek was bij eerdere beschikkingen bevolen en het maximale budget voor het onderzoek was verhoogd tot €220.000 exclusief btw.
De onderzoeker diende op 23 november 2023 zijn onderzoeksverslag en een specificatie van de bestede uren in, waaruit bleek dat het bedrag van €220.000 exclusief btw werd bereikt na een door de onderzoeker toegepaste afslag. Een belanghebbende partij betwistte de redelijkheid van dit bedrag, stellende dat het onderzoek niet complex of omvangrijk was, de duur te lang was en de specificatie onvoldoende inzicht bood in de bestede uren.
De Ondernemingskamer oordeelde echter dat de onderzoeker zijn werkzaamheden voldoende concreet had toegelicht en dat de bezwaren onvoldoende onderbouwd waren. De Kamer vond het bedrag niet onredelijk en stelde de vergoeding van de onderzoeker daarom vast op €220.000 exclusief btw. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en op 13 december 2023 in het openbaar uitgesproken.