In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 26 april 2019 vernietigd en een andere bewezenverklaring gegeven. De verdachte werd vrijgesproken van de eerste twee tenlastegelegde feiten, maar het hof verklaarde hem schuldig aan witwassen van goederen en geld afkomstig uit een eigen misdrijf jegens een toenmalige vriendin.
De zaak betrof het witwassen van een Mercedes, een Rolex horloge, diverse Louis Vuitton goederen en een geldbedrag van circa 1400 euro, die met geld van de vriendin waren gekocht. De verdachte had dit geld verduisterd, zoals ondersteund door aangifte, getuigenverklaringen en WhatsApp-berichten.
Het hof oordeelde dat het bewezen was dat verdachte wist dat de goederen afkomstig waren uit een misdrijf en dat hij deze heeft omgezet en voorhanden had. Gezien de ernst van het feit, eerdere veroordelingen en de overschrijding van de redelijke termijn, legde het hof een gevangenisstraf van 2 maanden op, met aftrek van voorarrest.
De vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf werd afgewezen. Het hof verklaarde verdachte en officier van justitie niet-ontvankelijk voor het hoger beroep tegen de eerdere vrijspraken en sprak verdachte vrij voor hetgeen niet bewezen werd.