ECLI:NL:GHAMS:2023:414

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
30 januari 2023
Publicatiedatum
20 februari 2023
Zaaknummer
23-000064-22
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3a OpiumwetArt. 422 lid 2 Sv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van invoer cocaïne op Schiphol

Het gerechtshof Amsterdam heeft in hoger beroep het vonnis van de politierechter vernietigd en de verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde feit van het opzettelijk binnenbrengen van cocaïne op het Nederlandse grondgebied.

De zaak betrof een verdenking van het invoeren van een hoeveelheid cocaïne op of omstreeks 21 december 2021 te Schiphol. De verdachte had tegen het vonnis van de politierechter beroep ingesteld. Tijdens de behandeling van het hoger beroep, gehouden op 19 mei 2022 en 30 januari 2023, heeft het hof de vorderingen van de advocaat-generaal en de verdediging afgewogen.

Het hof oordeelde dat niet wettig en overtuigend was bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde feit had begaan. Daarom werd het vonnis van de politierechter vernietigd en de verdachte vrijgesproken. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 30 januari 2023.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van invoer van cocaïne.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000064-22
datum uitspraak: 30 januari 2023
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 6 januari 2022 in de strafzaak onder parketnummer
15-341239-21 tegen
[verdachte01],
geboren te [geboorteplaats01] ( [geboorteland01] ) op [geboortedatum01] 1972,
adres: [adres01] .

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
19 mei 2022 en 30 januari 2023 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsvrouw naar voren hebben gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 21 december 2021 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere beslissing komt dan de politierechter.

Vrijspraak

Met de advocaat-generaal en de raadsvrouw is het hof van oordeel dat niet wettig en overtuigend is bewezen hetgeen de verdachte is tenlastegelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. R.A.E. van Noort, mr. C.J. van der Wilt en mr. P.K. van Riemsdijk, in tegenwoordigheid van mr. L. van Dijk, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
30 januari 2023.
Mr. P.K. van Riemsdijk is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.