ECLI:NL:GHAMS:2024:1082
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte wegens termijnoverschrijding hoger beroep zonder verschoonbare psychische stoornis
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 14 september 2021. Het hoger beroep werd één dag na de wettelijke termijn van veertien dagen ingesteld. De raadsvrouw van verdachte voerde aan dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege een psychische stoornis die verdachte had opgelopen na de uitspraak van de rechtbank.
De raadsvrouw stelde dat verdachte in een diepe depressie was geraakt en daardoor niet in staat was tijdig hoger beroep in te stellen. Zij overhandigde onder meer een huisartsverklaring en verklaringen van de werkgever, moeder en vriendin van verdachte. Het hof onderzocht deze stellingen en concludeerde dat de overgelegde stukken onvoldoende bewijs boden voor een zodanige psychische gesteldheid die de termijnoverschrijding verschoonbaar maakt.
Het hof wees erop dat verdachte wel in staat was contact te zoeken met de huisarts en dat de huisartsverklaring niet duidelijk een diagnose stelde. Ook was verdachte en zijn raadsvrouw aanwezig bij de uitspraak van de rechtbank en had verdachte geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om ter terechtzitting in hoger beroep te verschijnen. Het hof achtte verder onderzoek niet nodig en verklaarde verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het niet tijdig instellen en het ontbreken van een verschoonbare psychische stoornis.