ECLI:NL:GHAMS:2024:1086
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot uitbreiding zorgregeling en overnachtingen minderjarige na echtscheiding
De ouders zijn gescheiden en oefenen gezamenlijk gezag uit over hun minderjarige kind, geboren in 2021. De rechtbank had de hoofdverblijfplaats bij de moeder vastgesteld en een zorgregeling vastgesteld waarbij het kind op zondagmiddag en maandag en dinsdag overdag bij de vader verblijft, zonder overnachtingen.
De vader verzocht in hoger beroep om uitbreiding van de zorgregeling met overnachtingen bij hem en een gelijkwaardige verdeling van vakanties en feestdagen, waaronder een aaneengesloten vakantieperiode van twee weken. De moeder verzocht dit af te wijzen, stellende dat het kind vermoedelijk autisme heeft en dat overnachtingen bij de vader te belastend waren.
De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde geen wijziging af te dwingen en het diagnostisch traject bij ’t Kabouterhuis af te wachten. Het hof oordeelde dat het belang van het kind voorop staat en dat de huidige regeling passend is zolang de diagnose en behoeften van het kind onvoldoende duidelijk zijn. Het verzoek van de vader werd daarom afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de vader tot uitbreiding van de zorgregeling met overnachtingen en vakantieverdeling af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.