ECLI:NL:GHAMS:2024:1106

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
5 april 2024
Publicatiedatum
25 april 2024
Zaaknummer
200.260.224/01 OK
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:350 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vergoeding onderzoeker vastgesteld in enquêterechtprocedure over Veldman Beheer

De Ondernemingskamer Amsterdam behandelde een verzoek tot vaststelling van de vergoeding van een onderzoeker die een onderzoek verrichtte naar het beleid en de gang van zaken van Veldman Beheer over de periode vanaf 11 juli 2011. Het onderzoek werd bevolen bij eerdere beschikkingen en de onderzoeker, mr. J.T. Stekelenburg, stelde een onderzoeksverslag op dat op 18 maart 2024 aan de Ondernemingskamer werd overgelegd.

Het onderzoeksbudget was eerder vastgesteld op maximaal €65.000 exclusief btw. De onderzoeker maakte kosten en uren bekend die het budget overschreden, maar verzocht de vergoeding toch op het maximum vast te stellen. Partijen kregen de gelegenheid zich uit te laten over de kostenopgave, maar maakten geen bezwaar.

De Ondernemingskamer oordeelde dat de kosten voldoende waren toegelicht en niet onredelijk waren. Daarom werd de vergoeding van de onderzoeker conform artikel 2:350 lid 3 BW Pro vastgesteld op €65.000 exclusief btw. De beschikking werd op 5 april 2024 in het openbaar uitgesproken en is direct uitvoerbaar verklaard.

Uitkomst: De vergoeding van de onderzoeker wordt vastgesteld op €65.000 exclusief btw.

Uitspraak

beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.260.224/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 5 april 2024
inzake

1.[A] ,

wonende te [....] ,
2.
[B],
wonende te [....] ,
3.
[C],
wonende te [....] ,
VERZOEKSTERS,
advocaten: voorheen
mr. Y.H. Talstraen
mr. A. Middel,thans
mr. Y.H. Talstraen
mr. J.C. van Galen, kantoorhoudende te Assen,
t e g e n

1.de stichtingSTICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR VAN AANDELEN [D Beheer B.V.] ,

gevestigd te [....] ,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[D Beheer B.V.],
gevestigd te [....] ,
VERWEERSTERS,
advocaten: voorheen
mr. R.G. Jengibarjanen
mr. P.P.R. Hoekstra, thans
mr. G.W. Breukeren
mr. T. van Dijken, kantoorhoudende te Groningen,
e n t e g e n

1.[E] ,

wonende te [....] ,
2.
[F],
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDEN,
advocaten: voorheen
mr. R.G. Jengibarjanen
mr. P.P.R. Hoekstra, thans
mr. G.W. Breukeren
mr. T. van Dijken, kantoorhoudende te Groningen,
e n t e g e n

3.[G] ,wonende te [....] ,

BELANGHEBBENDE,
verschenen in persoon,
4.
[H],
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
niet verschenen.
Hierna zal verweerster sub 2 (ook) worden aangeduid als Veldman Beheer.

1.Het verloop van het geding

1.1
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 15 en 26 oktober 2021, 17 december 2021 en 19 maart 2024 in deze zaak.
1.2
Bij de beschikkingen van 15 en 26 oktober 2021 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Veldman Beheer over de periode vanaf 11 juli 2011, mr. J.T. Stekelenburg benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, de vaststelling van het onderzoeksbudget aangehouden en bepaald dat de kosten van het onderzoek ten laste komen van Veldman Beheer.
1.3
Bij de beschikking van 17 december 2021 heeft de Ondernemingskamer het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 65.000 exclusief btw.
1.4
Op 18 maart 2024 heeft de onderzoeker het verslag, met bijlagen, van het in 1.2 bedoelde onderzoek aan de Ondernemingskamer doen toekomen.
1.5
Bij de beschikking van 19 maart 2024 heeft de Ondernemingskamer bepaald dat het op die dag door de griffier ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegde onderzoeksverslag, aldaar ter inzage ligt voor belanghebbenden.
1.6
Op 19 maart 2024 heeft de onderzoeker een overzicht van de door hem aan het onderzoek bestede uren en van de door hem en door hem ingeschakelde derden in verband met het onderzoek gemaakte kosten, met urenspecificaties en facturen van deze derden, aan de Ondernemingskamer doen toekomen. Daarbij is uitgegaan van een door hem gehanteerd uurtarief van € 350 exclusief btw. Hoewel het totaalbedrag van bestede uren en gemaakte kosten uitkomt op een hoger bedrag dan het in 1.3 genoemde onderzoeksbudget, heeft de onderzoeker de Ondernemingskamer verzocht zijn vergoeding te bepalen op € 65.000 exclusief btw.
1.7
Nadat de Ondernemingskamer partijen gelegenheid heeft geboden om, alvorens de vergoeding van de onderzoeker overeenkomstig artikel 2:350 lid 3 BW Pro zal bepalen, zich over de opgave en het verzoek van de onderzoeker uit te laten, heeft de Ondernemingskamer op 28 en 29 maart 2024 berichten ontvangen van respectievelijk mrs. Van Galen en Breuker voormeld. Zij hebben ieder afzonderlijk namens hun cliënten aan de Ondernemingskamer gemeld geen opmerkingen te hebben ten aanzien van de in 1.6 genoemde stukken.

2.De gronden van de beslissing

De onderzoeker heeft de in verband met het onderzoek gemaakte kosten voldoende toegelicht door middel van de in 1.6 genoemde stukken. Geen van partijen heeft bezwaar tegen die kosten gemaakt. Het bedrag aan onderzoekskosten komt de Ondernemingskamer ook niet onredelijk voor. De Ondernemingskamer zal de vergoeding van de onderzoeker overeenkomstig artikel 2:350 lid 3 BW Pro dan ook bepalen als hierna te vermelden.

3.De beslissing

De Ondernemingskamer:
bepaalt de vergoeding van de onderzoeker op € 65.000 exclusief btw;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.M. de Jongh, voorzitter, mr. C.C. Meijer en mr. A.W.H. Vink, raadsheren, prof. dr. M.N. Hoogendoorn RA en drs. V.G. Moolenaar, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 5 april 2024.