Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHAMS:2024:1545

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
4 juni 2024
Publicatiedatum
4 juni 2024
Zaaknummer
000919-23
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Raadkamer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 530 SvArt. 533 SvArt. 9a SrArt. 5 EVRMArt. 37 IVRK
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek schadevergoeding wegens ophouden voor verhoor minderjarige

Verzoeker, destijds minderjarig, verzocht het gerechtshof om vergoeding van schade en kosten als gevolg van ophouden voor verhoor in een strafzaak die zonder strafoplegging werd beëindigd.

De raadsman stelde dat ondanks het ontbreken van inverzekeringstelling verzoeker ontvankelijk moest worden verklaard, mede vanwege het verblijf in een politiecel en het recht op schadeloosstelling volgens het EVRM en IVRK.

Het hof oordeelde dat artikel 533 Sv Pro geen grondslag biedt voor schadevergoeding voor ophouden voor verhoor en verklaarde verzoeker niet-ontvankelijk. Het verzoek op grond van artikel 530 Sv Pro werd eveneens afgewezen.

De beschikking werd gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 4 juni 2024.

Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek op grond van artikel 533 Sv en het verzoek op grond van artikel 530 Sv wordt afgewezen.

Uitspraak

beschikking
GERECHTSHOF AMSTERDAM
afdeling strafrecht
rekestnummer(s): 000919-23 (530 Sv) en 000920-23 (533 Sv)
parketnummer in hoger beroep: 23-001176-23
Beschikking op het verzoekschrift op de voet van artikel 530 en Pro 533 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:
[verzoeker],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2004,
domicilie kiezende ten kantore van zijn advocaat, mr. D.W. Roos,
Nieuwe Uitleg 15, 2514 BP Den Haag.

1.Procesverloop

Het verzoekschrift is op 20 november 2023 ingekomen.
Op 6 maart 2024 heeft de advocaat-generaal het standpunt van het Openbaar Ministerie kenbaar gemaakt.
Het hof heeft kennis genomen van de stukken in de strafzaak met voormeld parketnummer en heeft op 23 april 2024 de advocaat-generaal, verzoeker en de advocaat van verzoeker ter gelegenheid van de openbare behandeling van het verzoekschrift in raadkamer gehoord.

2. Inhoud van het verzoek

Het verzoek strekt tot het verkrijgen van een vergoeding ter zake van:
schade die verzoeker stelt te hebben geleden als gevolg van de ondergane ophouding voor verhoor in de strafzaak met voormeld parketnummer ten bedrage van € 130,00;
kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van onderhavige verzoekschriftprocedure ten bedrage van € 680,00.

3.Beoordeling van het verzoek

Bij arrest van dit hof van 24 augustus 2023 is de strafzaak met voormeld parketnummer geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht (Sr).
Het verzoekschrift is tijdig ter griffie van dit hof ingediend.
Ten aanzien van het verzoek op de voet van artikel 533 Sv Pro
De raadsman heeft gesteld dat verzoeker ondanks dat hij niet in verzekering is gesteld, ontvankelijk moet worden verklaard in zijn verzoek. Verzoeker was indertijd 17 jaar en heeft voor en na zijn verhoor enkele uren in een politiecel verbleven wat hem veel stress zou hebben gegeven. Het opsluiten van kinderen is gelet op artikel 37 verdrag Pro inzake de Rechten van het Kind (IVRK) een
ultimum remedium, terwijl in casu voldoende alternatieven mogelijk waren. Gelet op artikel 5 EVRM Pro heeft verzoeker recht op schadeloosstelling.
Het hof is van oordeel dat artikel 533 Sv Pro gezien de wettekst geen grondslag geeft voor schadevergoeding als gevolg van de tijd die een gewezen verdachte is opgehouden voor verhoor. In hetgeen namens verzoeker is aangevoerd ziet het hof geen aanleiding verzoeker ontvankelijk te verklaren in deze verzoekschriftprocedure. Het hof zal verzoeker daarom niet-ontvankelijk verklaren in zijn verzoek ex artikel 533 Sv Pro.
Ten aanzien van het verzoek op de voet van artikel 530 Sv Pro
Het hof zal het verzoek gezien het voorgaande afwijzen.

4.Beslissing

Het hof :
Verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek ex artikel 533 Sv Pro.
Wijst af het verzoek ex artikel 530 Sv Pro.
Beveelt de onverwijlde betekening van deze beschikking aan verzoeker.
Deze beschikking is gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mrs. A.M.P. Geelhoed, P.F.E. Geerlings en P.C. Verloop, in tegenwoordigheid van mr. P.M. Groenenberg als griffier, is ondertekend door de voorzitter en de griffier en is uitgesproken op de openbare zitting van dit hof van 4 juni 2024.