Uitspraak
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (één) week.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd dat op 17 oktober 2023 was gewezen. De verdachte werd beschuldigd van het opzettelijk en wederrechtelijk geheel of ten dele onbruikbaar maken van een goed dat aan een ander toebehoort, zoals bedoeld in artikel 350 lid 1 van Pro het Wetboek van Strafrecht.
Het hof heeft de strafoplegging opnieuw vastgesteld en veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van één week, met een proeftijd van twee jaren. Dit betekent dat de straf niet direct ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de verdachte zich binnen de proeftijd aan een nieuw strafbaar feit schuldig maakt.
Voor het overige bevestigt het hof het vonnis van de politierechter en voegt het artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht toe aan de toepasselijke wettelijke voorschriften. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 14 juni 2024.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van één week met een proeftijd van twee jaren wegens opzettelijk onbruikbaar maken van andermans goed.