Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHAMS:2024:2232

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
16 juli 2024
Publicatiedatum
9 augustus 2024
Zaaknummer
000040-24
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 530 SvArt. 534 SvArt. 9a Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toekenning van reiskosten- en proceskostenvergoeding in strafzaak zonder strafoplegging

Verzoeker diende een verzoek in op grond van artikel 530 Sv Pro tot vergoeding van kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand en reiskosten in een strafzaak. De strafzaak was eerder door het hof beëindigd zonder oplegging van straf of maatregel.

Na kennisname van het standpunt van het Openbaar Ministerie en een openbare behandeling in raadkamer, waarbij verzoeker niet aanwezig was, beoordeelde het hof het verzoek. De advocaat van verzoeker had een kilometervergoeding van 30 cent per kilometer voorgesteld, maar het hof handhaafde de standaardvergoeding van 23 cent per kilometer.

Het hof vond gronden van billijkheid aanwezig voor toekenning van een vergoeding van €62,56 voor reiskosten en €340,00 voor kosten rechtsbijstand in de verzoekschriftprocedure. Het totaalbedrag van €402,56 werd toegekend, terwijl overige verzoeken werden afgewezen.

De beschikking werd op 16 juli 2024 uitgesproken door de meervoudige raadkamer van het Gerechtshof Amsterdam en de betaling werd bevolen.

Uitkomst: Het hof kent verzoeker een vergoeding van €402,56 toe voor reiskosten en proceskosten in de strafzaak.

Uitspraak

beschikking
GERECHTSHOF AMSTERDAM
afdeling strafrecht
rekestnummer(s): 000040-24 (530 Sv)
parketnummer in hoger beroep: 23-000221-23
Beschikking op het verzoekschrift op de voet van artikel 530 van Pro het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:
[verzoeker],
geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedatum] 1999,
domicilie kiezende ten kantore van zijn advocaat, mr. J. Visscher,
[adres].

1.Procesverloop

Het verzoekschrift is op 6 januari 2024 ingekomen.
Op 22 maart 2024 heeft de advocaat-generaal het standpunt van het Openbaar Ministerie kenbaar gemaakt.
Het hof heeft kennis genomen van de stukken in de strafzaak met voormeld parketnummer en heeft op 18 juni 2024 de advocaat-generaal en de advocaat van verzoeker ter gelegenheid van de openbare behandeling van het verzoekschrift in raadkamer gehoord. Verzoeker is niet in raadkamer verschenen.

2. Inhoud van het verzoek

Het verzoekschrift strekt tot het verkrijgen van een vergoeding ter zake van:
kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van de strafzaak met voormeld parketnummer ten bedrage van € 159,00;
reiskosten gemaakt ten behoeve van het bijwonen van de behandeling van de strafzaak ten bedrage van € 81,60;
kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van onderhavige verzoekschriftprocedure ten bedrage van € 340,00.
Per email van 17 juni 2024 is het verzoek onder a ingetrokken.

3.Beoordeling van het verzoek

Bij arrest van dit hof van 26 september 2023 is de strafzaak met voormeld parketnummer geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht (Sr).
Het verzoekschrift is tijdig ter griffie van dit hof ingediend.
Ingevolge het bepaalde in artikel 534, eerste lid, Sv heeft de toekenning van een schadevergoeding steeds plaats, indien en voor zover daartoe naar het oordeel van de rechter, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn.
Onder b is verzocht om een kilometervergoeding van 30 cent per kilometer met de auto afgelegd. De advocaat heeft daarbij gewezen op de adviezen van de ANWB. In hetgeen door de advocaat is aangevoerd ziet het hof geen aanleiding de door het hof standaard toegekende kilometervergoeding van 23 cent per kilometer te wijzigen.
Gronden van billijkheid zijn aanwezig voor toekenning van een vergoeding ter zake van reiskosten gemaakt ten behoeve van het bijwonen van de behandeling van de strafzaak ten bedrage van (272 * 0,23) € 62,56.
Gronden van billijkheid zijn aanwezig voor toekenning van een vergoeding ter zake van kosten rechtsbijstand in de onderhavige verzoekschriftprocedure tot een bedrag van € 340,00.

4.Beslissing

Het hof :
Kent op de voet van artikel 530 Sv Pro aan verzoeker een vergoeding toe van € 402,56 (vierhonderdtwee euro en zesenvijftig cent).
Wijst het anders of meer verzochte af.
Beveelt de onverwijlde betekening van deze beschikking aan verzoeker.
Deze beschikking is gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mrs. A.W.T. Klappe, A.M.P. Geelhoed en B. de Wilde, in tegenwoordigheid van mr. P.M. Groenenberg als griffier, is ondertekend door de oudste raadsheer en de griffier en is uitgesproken op de openbare zitting van dit hof van 16 juli 2024.
De oudste raadsheer beveelt:
de tenuitvoerlegging van deze beschikking door overmaking van € 402,56 (vierhonderdtwee euro en zesenvijftig cent) op bankrekeningnummer [bankrekeningnummer]
Amsterdam, 16 juli 2024,
mr. A.M.P. Geelhoed, oudste raadsheer.