ECLI:NL:GHAMS:2024:31
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kinderalimentatie: draagkracht vader vastgesteld op laatst bekend salaris
De zaak betreft een hoger beroep over de vaststelling van kinderalimentatie tussen de ouders van een minderjarige geboren in 2017. De vader was het niet eens met de verhoging van de kinderalimentatie door de rechtbank en stelde dat zijn draagkracht door ontslag per 15 november 2022 was gedaald, waardoor hij minder zou moeten betalen.
Het hof heeft de draagkracht van de moeder en vader vastgesteld op basis van het inkomen in 2022, waarbij het netto besteedbaar inkomen en de NIBUD-tabellen zijn toegepast. De vader heeft geen bewijs geleverd van zijn inkomensdaling of van het ontbreken van inkomen na zijn ontslag, ondanks dat hij daartoe in staat was. Ook heeft hij niet onderbouwd dat hij zijn oude inkomen niet redelijkerwijs kan herwinnen.
Daarom heeft het hof de draagkracht van de vader vastgesteld op het salaris van oktober 2022, wat leidt tot een maandelijkse bijdrage van €269. De eerdere beschikking die een hogere alimentatie van €300 vaststelde, is vernietigd. Het hof wijst het verzoek van de vader om een lagere bijdrage te betalen af, omdat dit niet voldoende onderbouwd is.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de toekomstige termijnen dienen telkens bij vooruitbetaling te worden voldaan.
Uitkomst: De kinderalimentatie wordt vastgesteld op €269 per maand vanaf 12 juli 2022, gebaseerd op het laatst bekende salaris van de vader.