De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor het opzettelijk gebruik van een vals Portugees rijbewijs. Tegen dit vonnis stelde hij hoger beroep in bij het gerechtshof Amsterdam. Tijdens de terechtzitting op 22 augustus 2024 en op basis van de stukken heeft het hof het bewijs opnieuw gewogen.
Het hof acht bewezen dat de verdachte op 6 november 2023 in Amsterdam het valse rijbewijs aan de politie heeft getoond. Niet bewezen is dat hij gebruik maakte van een vals of vervalst reisdocument anders dan het rijbewijs. De verdachte overhandigde ook zijn echte verblijfstitel, wat erop wijst dat hij zijn identiteit niet wilde verhullen maar het rijbewijs gebruikte als bewijs van rijbevoegdheid.
Het hof vernietigt het vonnis van de politierechter vanwege een andere bewezenverklaring en kwalificatie. Gelet op de ernst van het feit, de omstandigheden en de persoonlijke situatie van verdachte, legt het hof geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf op maar een geldboete van €1.000 en 20 dagen hechtenis bij niet-betaling. De verdachte wordt vrijgesproken van de overige tenlasteleggingen.