De verdachte bedreigde op 24 oktober 2022 in een trein te Alkmaar de aangever met zware mishandeling door herhaaldelijk te zeggen "I'm going to smash you" en "I'm going to smash your face" en door een gevechtshouding aan te nemen met gebalde vuisten. De aangever was hierdoor ernstig angstig en gaf zelfs een armband aan de verdachte uit angst.
De rechtbank Noord-Holland veroordeelde verdachte tot twee weken gevangenisstraf. In hoger beroep vernietigde het hof dit vonnis en verklaarde het bewezen dat de bedreiging met zware mishandeling had plaatsgevonden, maar sprak verdachte vrij van bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht.
Het hof oordeelde dat de bedreiging onder de gegeven omstandigheden zodanig was dat de aangever in redelijkheid vrees kon hebben voor zware mishandeling. De verdachte had voorwaardelijk opzet op het ontstaan van deze vrees. Gelet op de ernst van het feit, de omstandigheden en het strafblad van verdachte, legde het hof een gevangenisstraf van vier weken op met aftrek van voorarrest.
Het hof wees het verzoek van de verdediging af om een geheel voorwaardelijke straf op te leggen vanwege het vertrek van verdachte naar het buitenland. De straf is opgelegd mede vanwege de impact van het feit op de aangever en andere treinreizigers die getuige waren van de bedreiging.
Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 23 januari 2024.