De Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam behandelde op 4 januari 2024 een verzoekschrift van [A] Beheer B.V. gericht tegen Mezutec Groep en aanverwante vennootschappen. [A] Beheer vorderde een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Mezutec c.s. vanaf 30 maart 2023, het treffen van onmiddellijke voorzieningen en een kostenveroordeling. Tegelijkertijd diende [B] Beheer een eigen verzoek in met soortgelijke doelen vanaf 1 januari 2022.
Tijdens de mondelinge behandeling waren vertegenwoordigers van de betrokken vennootschappen en hun advocaten aanwezig. De Ondernemingskamer constateerde op basis van de stukken en het verhandelde ter zitting gegronde redenen om te twijfelen aan het juiste beleid en de juiste gang van zaken binnen Mezutec c.s. Dit leidde tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen.
De Kamer besloot bij wijze van uitzondering een derde persoon te benoemen als bestuurder van Mezutec Groep B.V. en Enjatec Holding B.V., met beslissende stem en zelfstandig vertegenwoordigingsbevoegdheid. Tevens werden aandelen van [A] Beheer en [B] Beheer ten titel van beheer overgedragen aan deze bestuurder. Deze maatregelen gelden voor de duur van de procedure en zijn uitvoerbaar bij voorraad. De benoemde bestuurder krijgt tevens de taak om te bezien of een minnelijke regeling tussen partijen mogelijk is.
De Kamer zal binnen een redelijke termijn beslissen over het verzoek tot onderzoek en kostenveroordeling. Het salaris en de kosten van de bestuurder komen voor rekening van Mezutec Groep en Enjatec, die hiervoor zekerheid moeten stellen. De mondelinge uitspraak werd vastgelegd in een proces-verbaal en aan partijen verzonden.