ECLI:NL:GHAMS:2024:966
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Wijziging hoofdverblijfplaats en zorgregeling kinderen onder toezicht GI
De ouders zijn gescheiden en gezamenlijk belast met het gezag over hun twee minderjarige kinderen. Na eerdere voorzieningenrechterlijke beslissingen en een ondertoezichtstelling van de kinderen door de gecertificeerde instelling (GI), is het geschil gericht op de hoofdverblijfplaats van het tweede kind en de zorgregeling.
De vader verzoekt de hoofdverblijfplaats van het tweede kind bij hem te bepalen en een zorgregeling waarbij de kinderen deels bij de moeder verblijven onder strikte veiligheidsvoorwaarden. De moeder wenst bekrachtiging van de bestaande beschikking en uitbreiding van de zorgregeling naar een 50/50-verdeling. De GI en de Raad voor de Kinderbescherming adviseren een zorgvuldige opbouw van de zorgregeling met aandacht voor de veiligheid en het welzijn van de kinderen.
Het hof overweegt dat de kinderen feitelijk het meest bij de vader verblijven en dat praktische problemen bij hulpverlening ontstaan doordat de hoofdverblijfplaats van het tweede kind bij de moeder is vastgesteld. Gezien de veiligheidssituatie, de ondertoezichtstelling en de lopende hulpverlening acht het hof het in het belang van de kinderen om de hoofdverblijfplaats van het tweede kind bij de vader te bepalen en de zorgregeling vast te leggen zoals die nu geldt, met een geleidelijke uitbreiding onder regie van de GI.
De beschikking van de rechtbank wordt vernietigd voor zover deze de hoofdverblijfplaats en zorgregeling betreft en het hof beslist opnieuw conform het verzoek van de vader, met uitvoerbaarheid bij voorraad.
Uitkomst: De hoofdverblijfplaats van het jongste kind wordt bij de vader vastgesteld en de zorgregeling wordt aangepast met geleidelijke uitbreiding onder regie van de GI.