In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter heeft het gerechtshof Amsterdam het primair tenlastegelegde niet bewezen verklaard en de verdachte daarvan vrijgesproken. Wel acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte op 9 december 2018 te Nijmegen heeft geprobeerd het slachtoffer zwaar lichamelijk letsel toe te brengen door met kracht een glas in diens gezicht te duwen.
De bewijsvoering steunde op de verklaringen van het slachtoffer en twee belastende getuigen, die consistent waren en werden ondersteund door het waargenomen letsel en verklaringen van andere getuigen. De verdediging stelde dat de verklaringen niet betrouwbaar waren en dat het letsel niet op het incident terug te voeren was, maar het hof verwierp deze stellingen.
De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van één dag en een taakstraf van 150 uren. Het hof hield rekening met het taakstrafverbod, het grote tijdsverloop sinds het incident, en de positieve ontwikkeling in het leven van de verdachte. Tevens werd de overschrijding van de redelijke termijn meegewogen, wat leidde tot een vermindering van de taakstraf.