De Ondernemingskamer Amsterdam behandelde op 22 juli 2025 een zaak betreffende Hoad Holding B.V. waarbij eerdere voorzieningen, waaronder de schorsing van een bestuurder en de benoeming van een derde persoon als bestuurder, ter discussie stonden. Deze voorzieningen waren getroffen na een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Hoad Holding vanaf eind 2016.
Tijdens een comparitie van partijen op 18 juli 2025 werd overeenstemming bereikt over het wijzigen van deze voorzieningen. De partijen verzochten de schorsing van de bestuurder op te heffen en de benoeming van een derde persoon als bestuurder te beëindigen. In plaats daarvan werd voorgesteld mr. E.L. Zetteler te benoemen als commissaris van Hoad Holding, met alle wettelijke rechten en bevoegdheden die aan een raad van commissarissen toekomen, ondanks het ontbreken van een dergelijke raad in de statuten.
De Ondernemingskamer stemde in met het gewijzigde verzoek, oordeelde dat de huidige situatie van Hoad Holding deze wijziging rechtvaardigt en bepaalde dat de kosten van de commissaris en de OK-beheerder voor rekening van Hoad Holding komen. Tevens werd bepaald dat Hoad Holding zekerheid dient te stellen voor de betaling van het salaris en de kosten van de commissaris. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en werd in het openbaar uitgesproken.