ECLI:NL:GHAMS:2025:260
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- P. Greve
- J.W.H.G. Loyson
- H. Sytema
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel bij medeplichtigheid hennepteelt
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland, waarin de betrokkene was veroordeeld voor medeplichtigheid aan het opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet. De politierechter had tevens een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van €33.682,72 toegewezen.
In hoger beroep werd het vonnis van de politierechter vernietigd. Het hof oordeelde dat de betrokkene slechts medeplichtig was aan het ter beschikking stellen van een pand voor hennepteelt en de aanwezigheid van hennep. Uit het dossier bleek echter geen concrete aanwijzing voor de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel dat aan deze medeplichtigheid kon worden toegerekend.
De advocaat-generaal had een lagere vordering van €7.420,86 ingediend, maar het hof concludeerde dat zonder voldoende bewijs geen ontnemingsmaatregel kon worden opgelegd. Daarom wees het hof de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel af en bevestigde het arrest de strafrechtelijke veroordeling voor medeplichtigheid aan de Opiumwet.
Uitkomst: De vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel wordt afgewezen wegens gebrek aan bewijs.