In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de rechtbank Amsterdam bevestigd waarin de verdachte werd veroordeeld voor twee pogingen tot doodslag. Het hof vernietigde echter de beslissingen omtrent het beslag en paste de bewijsmotivering aan. De verdachte had gesteld dat hij tijdens het incident een jas over zijn hoofd had, waardoor hij niet gericht zou hebben gestoken, maar het hof achtte dit niet aannemelijk gezien de verklaringen van de slachtoffers.
Met betrekking tot de tbs-maatregel heeft het hof de overwegingen van de rechtbank aangevuld. De reclassering acht een klinische behandeling noodzakelijk vanwege het hoge recidiverisico en het gebrek aan intrinsieke motivatie van de verdachte. Deskundigen adviseerden een tbs-maatregel met voorwaarden, maar het hof oordeelde dat alleen een tbs-maatregel met verpleging van overheidswege passend is, mede vanwege de gesloten houding van de verdachte en het hoge risico op onttrekken aan voorwaarden.
Ten aanzien van het beslag heeft de verdachte afstand gedaan van de verdovende middelen, het mes en de iPhone, waardoor het hof geen beslissing meer hoefde te nemen over deze voorwerpen. De redelijke termijn was licht overschreden, maar dit leidde niet tot matiging van de opgelegde maatregel.
Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 23 oktober 2025.