ECLI:NL:GHAMS:2025:3301

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
11 december 2025
Publicatiedatum
11 december 2025
Zaaknummer
200.351.371/01 OK
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wanbeleid bij Oranjewoud N.V. en Strukton Groep N.V. vastgesteld door de Ondernemingskamer

In deze beschikking van de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam, gedateerd 11 december 2025, wordt vastgesteld dat er in de periode van 1 januari 2019 tot 26 april 2023 sprake was van wanbeleid bij Oranjewoud N.V. en Strukton Groep N.V., waarvoor [DGA] verantwoordelijk is. De Ondernemingskamer heeft op basis van een uitgebreid onderzoeksverslag, dat 687 pagina's beslaat en 376 bijlagen bevat, geconcludeerd dat de governance en de interne controle bij beide vennootschappen ernstig tekortschoten. De onderzoeker heeft vastgesteld dat [DGA] door zijn handelen en nalaten de belangen van de vennootschappen heeft genegeerd, wat heeft geleid tot aanzienlijke financiële problemen en verlieslatende projecten. De Ondernemingskamer heeft [DGA] met onmiddellijke ingang ontslagen als bestuurder van beide vennootschappen en heeft de aandelen van [DGA Investments B.V.] in Oranjewoud, met uitzondering van één aandeel, ten titel van beheer overgedragen aan mr. dr. M. Holtzer voor een periode van vijf jaar. Dit besluit is genomen om de continuïteit van de vennootschappen te waarborgen en om verdere schade te voorkomen. De Ondernemingskamer heeft ook vastgesteld dat de kosten van de procedure voor rekening komen van Oranjewoud en Strukton, en heeft geen kostenveroordeling uitgesproken omdat [DGA] en [DGA Investments B.V.] geen verweer hebben gevoerd.

Uitspraak

beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.351.371/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 11 december 2025
inzake
1. de naamloze vennootschap
ORANJEWOUD N.V.,
gevestigd te Gouda,
2. de naamloze vennootschap
STRUKTON GROEP B.V. (voorheen STRUKTON GROEP N.V.),
gevestigd te Utrecht,
VERZOEKSTERS,
advocaten:
mr. R.J.W. Analbers, mr. S.W.A.M. Viséeen
mr. V.L. Denswil, allen kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
1. de naamloze vennootschap
ORANJEWOUD N.V.,
gevestigd te Gouda,
2. de naamloze vennootschap
STRUKTON GROEP B.V.,
gevestigd te Utrecht,
VERWEERSTERS,
advocaten:
mr. R.J.W. Analbers, mr. S.W.A.M. Viséeen
mr. V.L. Denswil, allen kantoorhoudende te Amsterdam,
e n t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[DGA Investments B.V.],
gevestigd te [plaats] ,
2.
[DGA],
wonende te [plaats] ,
BELANGHEBBENDEN,
niet verschenen,
e n t e g e n

3 DE CENTRALE ONDERNEMINGSRAAD VAN STRUKTON GROEP N.V.,

BELANGHEBBENDE,
advocaten:
mr. M.H.C. Sinninghe Damsté, mr. R.W.M. Schrijveren
mr. B.A. Spliet, allen kantoorhoudende te Amsterdam.
Hierna zullen partijen en andere (rechts)personen (ook) als volgt worden aangeduid:
verzoeksters als Verzoeksters;
Oranjewoud N.V. als Oranjewoud;
Strukton Groep N.V. als Strukton;
belanghebbende sub 1 als [DGA Investments B.V.] ;
belanghebbende sub 2 als [DGA] ;
belanghebbende sub 3 als de COR;
[voorzitter RvC] (voorzitter van de raad van commissarissen van Oranjewoud en Strukton sedert 22 maart 2022) als [voorzitter RvC] ;
[RvC-lid 1] (lid van de raad van commissarissen van Oranjewoud en Strukton sedert 1 april 2022) als [RvC-lid 1] ;
[RvC-lid 2] (lid van de raad van commissarissen van Oranjewoud en Strukton sedert 1 mei 2022) als [RvC-lid 2] ;
[RvC-lid 3/bestuurder Strukton] (bestuurder van Strukton van 3 december 2015 tot 1 januari 2020 en lid van de raad van commissarissen van Oranjewoud en Strukton van 22 maart 2022 tot 8 juli 2023) als [RvC-lid 3/bestuurder Strukton] ;
[CFO Strukton-1] (CFO van Strukton van 8 januari 2021 tot 1 oktober 2021) als [CFO Strukton-1] ;
Centric Holding B.V. als Centric.

1.Het verloop van het geding

1.1
De Ondernemingskamer heeft bij beschikking van 1 juni 2023 (ECLI:NL:GHAMS:2023:1275, hierna “de eerstefasebeschikking”) een onderzoek gelast naar het beleid en de gang van zaken van Oranjewoud en Strukton over de periode vanaf 1 januari 2019 tot 26 april 2023. Bij die beschikking is bij wege van onmiddellijke voorzieningen [DGA] geschorst als bestuurder van Oranjewoud en Strukton en zijn de door [DGA Investments B.V.] gehouden aandelen in Oranjewoud (minus één) ten titel van beheer tijdelijk overdragen aan mr. dr. M. Holtzer te Amsterdam (hierna: de beheerder).
1.2
Bij beschikking van 5 juni 2023 is mr. E.L. Zetteler te Utrecht (hierna: de onderzoeker) tot onderzoeker benoemd. Bij beschikking van 25 juli 2023 is het onderzoeksbudget vastgesteld op € 180.000 en bij beschikking van 15 oktober 2024 is dat budget verhoogd tot € 400.000.
1.3
Bij beschikking van 23 december 2024 is het onderzoeksverslag ter griffie van de Ondernemingskamer gedeponeerd.
1.4
Verzoeksters hebben bij verzoekschrift van 20 februari 2025 de Ondernemingskamer verzocht:
vast te stellen dat zich in de onderzoeksperiode wanbeleid heeft voorgedaan bij Strukton en Oranjewoud en dat [DGA] als bestuurder verantwoordelijk is voor dit wanbeleid;
de volgende voorzieningen te treffen:
a. [DGA] te ontslaan als bestuurder van Oranjewoud en Strukton;
b. de overdracht ten titel van beheer van de door [DGA Investments B.V.] gehouden aandelen in Oranjewoud met uitzondering van één aandeel aan de door de Ondernemingskamer benoemde beheerder te handhaven voor een periode van vijf jaar, althans een andere door de Ondernemingskamer in goede justitie te bepalen termijn;
c. of een andere voorziening te treffen die de Ondernemingskamer juist acht; en
3. Oranjewoud en Strukton hoofdelijk te veroordelen in de kosten van de procedure.
1.5
De COR heeft bij verweerschrift van 12 juni 2025 het verzoek van Verzoeksters ondersteund.
1.6
[DGA] en [DGA Investments B.V.] zijn niet bij advocaat verschenen en hebben geen verweer gevoerd.
1.7
Het verzoek is behandeld op de zitting van de Ondernemingskamer van 3 juli 2025. De advocaten hebben de standpunten van Verzoeksters en de COR toegelicht aan de hand van overgelegde aantekeningen. Namens Verzoeksters heeft [voorzitter RvC] een document getiteld “
Actuals and mitigating measures from ’23 until May ‘25” overgelegd en toegelicht. Partijen en hun advocaten hebben vragen van de Ondernemingskamer beantwoord en inlichtingen verstrekt.

2.Inleiding en feiten

2.1
Deze zaak betreft de tweede fase in de enquêteprocedure over de betrokkenheid van [DGA] bij Oranjewoud en Strukton. [DGA] is een uitermate succesvol ondernemer die in de loop der jaren leiding heeft gegeven aan diverse vennootschappen waarvan hij indirect ook nagenoeg alle aandelen houdt, waaronder Oranjewoud en Strukton. De wijze waarop [DGA] leiding gaf aan Oranjewoud en Strukton en deze vennootschappen bij een privégeschil met zijn ex-partner betrok, zorgde vanaf 2019 in toenemende mate voor problemen met de accountants en de banken van de vennootschappen en leidde uiteindelijk ook tot een vertrouwensbreuk met de raden van commissarissen Dit heeft zijn weerslag gehad op het functioneren van de vennootschappen waaraan hij leiding gaf. De raden van commissarissen van Oranjewoud en Strukton hebben [DGA] op 17 maart 2023 geschorst als bestuurder van beide vennootschappen. Zij blijven van mening dat een terugkeer van [DGA] , in welke hoedanigheid ook, een reële bedreiging vormt voor de continuïteit van de vennootschappen, hun werknemers en andere belanghebbenden. De COR is dezelfde mening toegedaan.
2.2
Oranjewoud is enig aandeelhouder van Strukton en Antea Group N.V. (hierna: Antea). Oranjewoud is een onderneming waarin nationaal en internationaal opererende bedrijven zijn ondergebracht. De tot Oranjewoud behorende ondernemingen verrichten activiteiten op het gebied van civiele infrastructuur, railsystemen, techniek en gebouwen, milieu, ruimtelijke ordening, water en recreatie. Strukton is een bouw- en spoorbedrijf dat zich bezighoudt met ontwerp, financiering, bouw, beheer en onderhoud van infrastructuur. Antea houdt zich bezig met ingenieurs- en adviesdiensten.
2.3
[DGA] was tot de datum van zijn schorsing enig bestuurder van Oranjewoud. Ook van Strukton was [DGA] gedurende (nagenoeg) de gehele onderzoeksperiode bestuurder. Strukton had in de onderzoeksperiode naast [DGA] gedurende enige tijd een tweede bestuurder: [RvC-lid 3/bestuurder Strukton] tot 1 januari 2020 en [CFO Strukton-1] van 8 januari 2021 tot 1 oktober 2021.
2.4
De raad van commissarissen van beide vennootschappen bestaat op dit moment uit [voorzitter RvC] (voorzitter), [RvC-lid 1] en [RvC-lid 2] en twee recentelijk benoemde leden. Hierna wordt in het algemeen gesproken van de raad van commissarissen, tenzij specifiek wordt verwezen naar de raad van commissarissen van Oranjewoud of die van Strukton.
2.5
De aandelen in Oranjewoud worden voor ca. 99% gehouden door [DGA Investments B.V.] , waarvan [DGA] enig bestuurder is. Tot 7 februari 2022 waren de aandelen in Oranjewoud genoteerd aan Euronext Amsterdam. De aandelen in [DGA Investments B.V.] worden gehouden door Stichting Administratiekantoor [DGA Investments B.V.] (StAK). [DGA] is enig bestuurder van StAK. [DGA Investments B.V.] is ook enig aandeelhouder van Centric.
2.6
Vanaf 2018 had Strukton te maken met tegenvallende resultaten als gevolg van een aantal verlieslatende projecten. In dat jaar was sprake van een negatief nettoresultaat van € 0,2 miljoen, waar het jaar ervoor nog sprake was van een positief resultaat van € 25,1 miljoen. In 2019 was sprake van een negatief nettoresultaat van Strukton van € 19,7 miljoen.
2.7
Uit de notulen van de vergadering van de raad van commissarissen van 14 februari 2019 blijkt dat de toenmalige accountant van Oranjewoud en Strukton, PwC, twijfelde aan de continuering van de relatie vanwege enerzijds een gebrek aan interne (financiële) beheersing en anderzijds de volgens PwC gebrekkige governance binnen Oranjewoud en Strukton.
2.8
Op 15 februari 2019 heeft de FIOD een inval gedaan bij het hoofdkantoor van Strukton in verband met een verdenking van het betalen van steekpenningen bij een metroproject in Riyad, Saudi Arabië (hierna: het Riyad Project), waar Strukton sinds 2011 via een consortium bij betrokken was. De inval en de bijbehorende (interne) onderzoeken hebben een groot beslag gelegd op het management van Strukton. De directie van Strukton heeft overwogen zich terug te trekken uit het Riyad Project, omdat Strukton te weinig invloed had op de besluitvorming binnen het consortium dat het project uitvoerde. Over een daartoe strekkend schikkingsvoorstel, dat op 27 maart 2019 in de raad van commissarissen van Strukton aan de orde is geweest, is geen overeenstemming met de consortiumpartners bereikt en Strukton heeft daarop besloten om bij het Riyad Project betrokken te blijven. Aan het Riyad Project kleefden verschillende financiële risico’s voor Strukton, onder meer in de vorm van door Strukton ten behoeve van het project verstrekte retentiegaranties.
2.9
In april 2019 heeft PwC te kennen gegeven te willen stoppen als accountant van de vennootschappen.
2.1
In opdracht van [DGA] is op 1 juli 2019 op de website van Strukton een verklaring van [DGA] en [RvC-lid 3/bestuurder Strukton] gepubliceerd. In die verklaring werd ingegaan op een vonnis van (de voorzieningenrechter van) de rechtbank Overijssel in een geding met [ex-echtgenote] , voormalig partner van [DGA] (hierna: [ex-echtgenote] ) als eiseres en [DGA] als gedaagde, waarin [DGA] werd veroordeeld tot rectificatie. [DGA] was het blijkens die verklaring niet met het vonnis eens, beschouwde het als censuur en meende dat hij slechts zijn visie op het initiatief voor de FIOD-inval had laten weten. [DGA] heeft overigens ook aan Quote gevraagd zijn verklaring te publiceren.
2.11
De zoektocht naar een nieuwe accountant verliep moeizaam. In mei 2019 waren voor de controle van de jaarrekening over boekjaar 2019 drie accountants benaderd en had één daarvan (BDO) al laten weten niet mee te willen doen aan een eventueel tenderproces, dit vanwege de volgens BDO gebrekkige governance en de media-aandacht. In juli 2019 was duidelijk geworden dat er bij andere accountantskantoren ook geen belangstelling was om de controle voor het jaar 2019 over te nemen.
2.12
Per e-mail van 14 augustus 2019 heeft [RvC-lid 4] , die vanaf 29 oktober 2010 commissaris was bij Oranjewoud en vanaf 20 december 2017 bij Strukton, laten weten zich uit beide raden van commissarissen terug te trekken. Zijn motivering luidde:
“Door het vrijwel in een keer wegsturen van de voltallige directie van Centric staat[ [DGA] - OK]
voor de onmogelijke taak om leiding te geven aan zowel Strukton, Oranjewoud en Centric. (...) In plaats van de continuïteit van de ondernemingen te versterken wordt die afgebroken. De zorg voor de continuïteit hebben wij als RVC meerdere malen uitgesproken.
Ondanks herhaalde toezeggingen over de jaren heen geen invulling gegeven aan de internal auditfunctie.
Onnodige negatieve publiciteit, die slecht is voor het imago van de ondernemingen.
Samenwerking[ [DGA] - OK]
en accountants moeizaam, waardoor het vinden van een nieuwe accountant lastig is.
Door de Raad van Bestuur Strukton geen advocaat ingeschakeld bij de FIOD-kwestie.”
Van Zeeland is tijdens de aandeelhoudersvergadering van Oranjewoud van 24 oktober 2019 teruggetreden en heeft gelijktijdig zijn positie als commissaris bij Strukton neergelegd.
2.13
Van Zeeland is per direct in beide raden van commissarissen opgevolgd door [RvC-lid 5] , voormalig non-executive lid van de board van Centric. Op 12 februari 2020 is [RvC-lid 5] teruggetreden als commissaris van Oranjewoud en Strukton. De reden was dat [DGA] in een commissarissenvergadering in december 2019 allerlei beschuldigingen en verdachtmakingen aan het adres van [RvC-lid 6] had geuit. [RvC-lid 6] was lid van de raden van commissarissen van Strukton en Oranjewoud geweest en had deze posities opgegeven toen zij per 1 juli 2019 lid van het bestuur van Centric werd. [RvC-lid 5] , die [RvC-lid 6] goed kende, meende dat de aantijgingen (zoals dat [RvC-lid 6] met [ex-echtgenote] samenspande) volledig uit de lucht waren gegrepen, maar [DGA] geloofde ze kennelijk wel en heeft haar in december 2019 als bestuurder van Centric op non-actief gesteld. Nadat [RvC-lid 5] in een mail van 8 januari 2020 aan [DGA] liet weten het opzeggen van het vertrouwen in [RvC-lid 6] onverteerbaar te achten en te zien als een indirecte motie van wantrouwen aan zijn adres (hij had [RvC-lid 6] indertijd op het spoor gezet voor Centric), heeft hij op 11 februari 2020 laten weten af te treden.
2.14
Van 12 februari 2020 tot 22 maart 2022 bestond de raad van commissarissen van Oranjewoud in strijd met haar statuten en in strijd met de vereisten voor beursvennootschappen slechts uit twee leden: [RvC-lid 7] (hierna: [RvC-lid 7] ) en [RvC-lid 8] (hierna: [RvC-lid 8] ). Deze laatsten hadden te kennen gegeven omstreeks mei/juni 2021 af te zullen treden. De invulling van de vacature heeft meermalen op de agenda van de raad van commissarissen gestaan, ook nadat daarover van de AFM een “vermaning” was ontvangen en met de AFM overleg was gevoerd.
2.15
PwC is alsnog bereid geweest nog één jaar (het boekjaar 2019) de controle van de jaarrekening uit te voeren, maar vanaf 2020 niet meer. Over de jaarrekening 2019 kon PwC aanvankelijk geen goedkeurende verklaring afgeven omdat de kredietfaciliteiten van Strukton zouden aflopen op 13 april 2021 en daardoor niet werd voldaan aan de continuïteitseis. Met het bankenconsortium moest in gesprek worden getreden over verlenging van de financiering. De verstrekkers van de kredietfaciliteit (ABN AMRO en Rabobank) waren uiteindelijk alleen bereid tot verlenging als de limiet van de kredietfaciliteit zou worden verlaagd van € 115 miljoen naar € 80 miljoen. Het daardoor ontstane gat in de financiering van Strukton zou enerzijds moeten worden aangevuld vanuit Oranjewoud (via Antea Group en Centric) en anderzijds door de verkoop van assets van Strukton.
2.16
Op 13 mei 2020 vond een bijeenkomst plaats van de groepsraad van Strukton, waarbij [DGA] volgens de notulen aanwezig was. In die vergadering is gesproken over de NOW-regeling waar Strukton gebruik van had gemaakt en de beperkingen die dat meebracht voor de uitbetaling van dividenden en bonussen. De NOW-regeling bracht onder meer mee dat aan het groepshoofd van Strukton geen dividend mocht worden uitgekeerd. In dat kader rees de vraag welke rechtspersoon als groepshoofd van Strukton moest worden aangemerkt. In de notulen staat hierover vermeld: “
Door PwC en CMS is bevestigd dat als we het hebben over concernniveau dat het gaat om Oranjewoud. Er zijn aanvullende voorwaarden op concernniveau – OW dus – zij mag geen dividend uitkeren aan [DGA Investments B.V.] en geen eigen aandelen inkopen en ook de directie aldaar mag geen bonus ontvangen”. Dit onderwerp is ook besproken in de vergadering van de raad van commissarissen van Oranjewoud op 25 mei 2020. De notulen vermelden onder meer: “
Onder concern wordt hier verstaan – getoetst door zowel CMS als PwC – het beursfonds Oranjewoud”. [DGA] was volgens de notulen ook bij die vergadering aanwezig.
2.17
Op 3 juli 2020 bevestigde PwC schriftelijk dat zij de relatie daadwerkelijk zou beëindigen. De eerdergenoemde redenen voor die opzegging waren niet veranderd. PwC schreef op die datum aan (onder anderen) [DGA] :

De beslissing om afscheid te nemen hebben wij begin 2019 genomen en aan u kenbaar gemaakt en toegelicht. Belangrijke reden hiervoor was (en is), kort gezegd, dat de interne beheersing binnen Oranjewoud naar maatstaven van PwC onvoldoende is. Het belang van een tijdige en kwalitatief goede jaarafsluiting en van de noodzaak van de bijbehorende investeringen in de kwaliteit van de financiële kolom worden binnen Oranjewoud onvoldoende erkend. (…)
Ook speelde een rol dat wij zorgen hadden (en hebben) over uw governance, die wij deelden in een gesprek met uw raad van commissarissen (‘RvC’) op 27 maart 2019, en dat de opstelling van Oranjewoud in het controleproces niet altijd constructief was.(…)
Als gezegd zien wij geen grond om op onze beslissing terug te komen. Weliswaar is de opstelling van Oranjewoud sinds begin 2020 constructiever, maar de interne beheersing voldoet, ondanks onze eerdere adviezen tot verbetering, nog steeds niet aan de kwaliteitsmaatstaven die wij daaraan stellen(…)
De zorgen over de werking van de governance van Oranjewoud zijn ook onverminderd groot. De directie van Oranjewoud N.V. bestaat uit één persoon, die tevens voor bijna 99% aandeelhouder is en die zijn mening sterk laat gelden. Het controleteam van PwC heeft ervaren dat er onvoldoende countervailing powers zijn, zoals een RvC die waar nodig effectief tegenwicht biedt. Hier lijkt ook een relatie te liggen met het niet op peil krijgen van de kwaliteit van de financiële kolom.(…)”
PwC heeft op 14 juli 2020 uiteindelijk wel nog een goedkeurende verklaring bij de jaarrekeningen over 2019 afgegeven.
2.18
Strukton had zich in september 2020 verplicht tot het verstrekken van retentiegaranties tot een totaalbedrag van circa $ 60 miljoen ten behoeve van het Riyad Project, maar was er niet in geslaagd om te zorgen dat die op tijd werden afgegeven. Op 26 oktober 2020 ontving Strukton daarom een
notice of material breachvan de consortiumpartners in het Riyad Project. Op 12 november 2020 liet Atradius, de partij waarmee Strukton in gesprek was over de voor de retentiegarantie benodigde contragarantie, weten dat zij die niet zou verschaffen. Doordat Strukton haar verplichtingen ten aanzien van de consortiumpartners niet nakwam, liep zij aanzienlijke financiële risico’s.
2.19
Uiteindelijk hebben ABN AMRO en Rabobank (hierna ook wel: het bankenconsortium) zich bereid verklaard de retentiegaranties aan Strukton te verstrekken zonder de contragarantie van Atradius, onder voorwaarden die zijn vastgelegd in een
term sheetvan 1 december 2020. In de
term sheetis onder het kopje “Governance” onder meer opgenomen dat er uiterlijk per 31 december 2022 een ontkoppeling diende plaats te vinden tussen aandeelhouder en
operational/
day to daymanagement van Strukton, dat de formele procedure voor de werving van een nieuwe CEO (ter vervanging van [DGA] ) uiterlijk per 1 januari 2022 zou moeten aanvangen, dat uiterlijk 31 december 2022 een uitsluitend uit onafhankelijke leden bestaande raad van commissarissen voor Strukton zou worden ingesteld en er op zeer korte termijn ook een nieuwe, voor de financiers aanvaardbare CFO voor Strukton moest komen.
2.2
In opdracht van [DGA] heeft een advocaat van Lumen Lawyers onderzoek gedaan naar de procesgang rondom de FIOD-inval en vermeend onrechtmatige handelingen van [ex-echtgenote] in dat verband en daarover een rapport opgesteld. Bij arrest van 3 november 2020 (ECLI:NL:GHARL:2020:8890) heeft het gerechtshof Arnhem/Leeuwarden geoordeeld dat dat rapport niet als een fraudeonderzoek door een onafhankelijk bureau kwalificeert, omdat Lumen Lawyers [DGA] ook in privé en Strukton in andere geschillen bijstond. [DGA] heeft dit rapport in december 2020 in hoedanigheid van “chairman of the board of directors” aan meer dan 200 medewerkers van Strukton en aan het bankenconsortium gestuurd.
2.21
De relatie met het bankenconsortium verbeterde niet. Bij de uitwerking van de
term sheetvan 1 december 2020 stelden zij aanvullende eisen, waaronder de eis dat al per 1 juli 2021 een nieuwe CEO bij Strukton zou zijn aangesteld.
2.22
Op 21 december 2020 heeft de deurwaarder (bewijs)beslag gelegd op de telefoon en e-mailboxen van [DGA] bij Strukton, in opdracht van [ex-echtgenote] . Diverse media hebben vervolgens uitvoerig bericht dat [DGA] tijdens de beslaglegging een politie-inspecteur heeft bedreigd en ter plekke de bestanden op zijn telefoon heeft laten vernietigen, hoewel deze onder het gelegde beslag vielen.
2.23
Op 4 januari 2021 heeft Oranjewoud een persbericht laten uitgaan, waarin staat dat [DGA] per direct zijn bestuurlijke taken bij Oranjewoud en Strukton heeft neergelegd. Volgens het persbericht was de aanleiding daarvoor dat [DGA] en de raad van commissarissen de ontstane onrust rond de persoon [DGA] niet in het belang van de bedrijven van Oranjewoud vonden. Bij Oranjewoud is [DGA] ook na deze datum als enig bestuurder aangebleven (zie ook hierna, in 2.25) en bij Strukton is hij als bestuurder uitgeschreven geweest in de periode van 8 januari 2021 tot 3 juni 2021, maar onverkort op het hoofdkantoor aanwezig gebleven. Bij Strukton is [CFO Strukton-1] , CFO van de groepsdirectie van Strukton, per 8 januari 2021 tot bestuurder, tevens CFO, benoemd.
2.24
Op 13 januari 2021 vond overleg plaats met het bankenconsortium, waarin zij hun zorgen uitten en wederom eisen stelden. Onder meer drong dit consortium erop aan dat er zo spoedig mogelijk een externe interim-CEO zou komen om de onderneming in rustig vaarwater te brengen, dat de betrokkenheid van [DGA] – naast zijn positie als aandeelhouder – zou worden gelimiteerd tot een positie als adviseur op specifieke dossiers, dat er geen communicatie vanuit [DGA] richting het bankenconsortium meer zou komen over een geschil tussen hem en zijn ex-partner of een andere privékwestie en dat zo spoedig mogelijk een accountant zou worden benoemd, passend bij de complexiteit en grootte van de onderneming.
2.25
In de vergadering van de raad van commissarissen van Oranjewoud van 20 januari 2021, waarbij ook [DGA] aanwezig was, heeft de (toenmalige) raad van commissarissen van Oranjewoud [DGA] verzocht om toch aan te blijven als bestuurder van Oranjewoud, om op die manier met hem overleg te kunnen blijven voeren in verband met zijn positie als grootaandeelhouder van Oranjewoud. [DGA] heeft daarmee ingestemd.
2.26
Uit notulen van diezelfde vergadering volgt verder dat op dat moment nog steeds geen accountant was gevonden en dat daarbij onder meer “
de persoon [DGA]” een belemmerende factor was. Dat was ook al aan de orde gekomen in de vergadering van de raad van commissarissen van Strukton van 12 november 2020, waarin werd opgemerkt dat naast de
“FIOD-kwestie” ook de “
negatieve publiciteit rondom [DGA]” daarbij een rol speelde. Door de raad van commissarissen van Oranjewoud werd aangedrongen op het vrijmaken van geldmiddelen opdat de “
hinderlijke druk” van het bankenconsortium kon worden verminderd. [DGA] gaf toen aan bezig te zijn met plannen voor de verkoop van activa. Uiteindelijk is besloten tot de verkoop van bedrijfsonderdeel Strukton Worksphere.
2.27
In de vergadering van de raad van commissarissen van Strukton van 4 maart 2021 is onder meer aan de orde geweest dat de raad van commissarissen [RvC-lid 9] (hierna: [RvC-lid 9] ) heeft voorgedragen voor benoeming als derde commissaris bij Oranjewoud en Strukton en dat in verband met het vertrek van [RvC-lid 7] en [RvC-lid 8] in juni 2021 een wervingstraject moest worden opgestart. Verder is gesproken over de “
ingewikkelde financieringsstructuur” van Strukton en is geconstateerd dat een impasse met het bankenconsortium was ontstaan. Ook zijn er zorgen geuit over de liquiditeitspositie van Strukton.
2.28
In maart 2021 heeft het bankenconsortium de kredietrelatie met Strukton opgezegd per 13 oktober 2021. Het wenste nadien niet meer te participeren in enige vorm van dienstverlening. Het bankenconsortium was evenwel bereid om de looptijd van de leningen nog te verlengen zolang voortgang werd geboekt met de verkoop van Strukton Worksphere.
2.29
Op 23 april 2021 heeft Mazars zich bereid verklaard te onderzoeken of zij als accountant kon worden aangesteld bij Oranjewoud en Strukton, onder de voorwaarden dat de beursnotering van de aandelen in Oranjewoud zou worden beëindigd en een passende invulling aan de governance zou worden gegeven.
2.3
In mei 2021 was het goedkeuringstraject binnen Strukton voor de benoeming van [RvC-lid 9] als commissaris gereed en lag het voornemen er om [RvC-lid 9] later dat jaar voor te dragen voor benoeming door de algemene vergadering tot commissaris bij Oranjewoud en Strukton. Eind mei 2021 werd de benoeming van [RvC-lid 9] zonder aankondiging vooraf door [DGA] geblokkeerd.
2.31
Op 31 mei 2021 vond een gesprek plaats tussen [CFO Strukton-1] , [DGA] en [RvC-lid 3/bestuurder Strukton] (die sinds 1 januari 2020 geen formele functie meer vervulde bij Strukton of Oranjewoud). Daarin is [CFO Strukton-1] met onmiddellijke ingang door [DGA] geschorst als bestuurder van Strukton. Kort nadien heeft [CFO Strukton-1] zich ziekgemeld. Met [CFO Strukton-1] is uiteindelijk een vaststellingsovereenkomst gesloten.
2.32
Op 3 juni 2021 is [DGA] door de raad van commissarissen van Strukton gevraagd tijdelijk de functie van bestuurder waar te nemen en diezelfde dag is hij als beletfunctionaris van Strukton ingeschreven in het handelsregister. [interim-CFO 1] (hierna: [interim-CFO 1] ) is vanaf dat moment op grond van een overeenkomst van opdracht de rol van (niet-statutaire) interim-CFO van Strukton gaan vervullen.
2.33
Op 1 oktober 2021 is [CFO Strukton-1] in het handelsregister uitgeschreven als bestuurder van Strukton en [DGA] weer als enig bestuurder ingeschreven.
2.34
Op 14 oktober 2021 heeft het bankenconsortium een standstill toegezegd tot 15 januari 2022, waarbij het onder meer als voorwaarden stelde een uiterlijk op 30 november 2021 ondertekende overeenkomst met Mazars en de benoeming van vier nieuwe commissarissen bij Strukton uiterlijk op 15 november 2021 als voorwaarden werden gesteld.
2.35
Op 19 oktober 2021 stuurden de consortiumpartners in het Riyad Project een formele
statement of exclusionaan Strukton, als gevolg waarvan Strukton geen stemrecht meer had binnen het consortium en geen recht meer had op uitbetaling van haar deel van de betalingen door de opdrachtgever van het project.
2.36
Op 21 december 2021 heeft de Ondernemingskamer bij tussenarrest een vordering van [DGA Investments B.V.] tot uitkoop van de overige aandeelhouders van Oranjewoud toegewezen en een waarderingsdeskundige benoemd om de waarde van de aandelen in Oranjewoud te bepalen (ECLI:NL:GHAMS:2021:3980).
2.37
Op 27 januari 2022 is de verkoop van Strukton Worksphere afgerond. Met de verkoopopbrengst zijn de kredietfaciliteiten bij het bankenconsortium voor een substantieel deel afgelost. De gestelde retentiegaranties bleven in stand.
2.38
Op 7 februari 2022 is de notering van Oranjewoud aan Euronext Amsterdam beëindigd.
2.39
Op 16 februari 2022 vond een vergadering van de raad van commissarissen van Strukton plaats, waarbij [DGA] aanwezig was. In de notulen van die vergadering is, voor zover relevant, het volgende opgenomen:

Update accountant
- Controle NOW1
NOW-controle loopt nog. Er loopt een discussie met de accountant m.b.t. het dividendverbod in de NOW-regeling. Bij het begin van de regeling was het uitgangspunt dat Oranjewoud groepshoofd is. Mazars stelt zich nu op het standpunt dat [DGA Investments B.V.] ( [DGA Investments B.V.] ) gezien moet worden als groepshoofd. Het dividendverbod geldt voor alle vennootschappen die onder de groep [DGA Investments B.V.] vallen. Dat zijn dus ook Centric en Oranjewoud. In 2020 heeft een dividenduitkering plaatsgevonden vanuit Centric naar [DGA Investments B.V.] . In principe zijn alle gelden binnen de groep van [DGA Investments B.V.] gebleven. We kijken naar de mogelijkheden om dit te repareren (terugbetaling of anders omzetten in tijdelijke lening).
2.4
Op 10 maart 2022 is de engagementletter met Mazars voor de controle van de jaarrekening 2020 van Strukton door [DGA] als bestuurder ondertekend.
2.41
In verband met de NOW-problematiek is een door Centric aan [DGA Investments B.V.] uitbetaald dividend van € 80 miljoen gerepareerd door in een Share Contribution Agreement een agiostorting van [DGA Investments B.V.] overeen te komen, waarbij de betaling als lening verschuldigd blijft. De lening moet op grond van een
Intra-Group Loan Agreementvan 29 maart 2022 uiterlijk op 1 april 2023 worden terugbetaald.
2.42
In de periode 22 maart 2022 tot 1 mei 2022 zijn [RvC-lid 8] en [RvC-lid 7] teruggetreden als commissaris en zijn [RvC-lid 3/bestuurder Strukton] , [voorzitter RvC] , [RvC-lid 1] en [RvC-lid 2] tot commissaris benoemd.
2.43
In juni 2022 hebben de consortiumpartners in het Riyad Project een nieuw schikkingsvoorstel aan Strukton gedaan. Strukton heeft dat verworpen en een tegenvoorstel gedaan. In een memorandum van Strukton aan de accountant van 10 augustus 2022 is vermeld dat een exit uit het consortium onvermijdelijk is en dat het doel is om uit het consortium te stappen met zo min mogelijk financiële schade voor Strukton. In notulen van de vergadering van de raad van commissarissen van Strukton van 29 augustus 2022 wordt opgemerkt dat een
“minnelijke regeling[…]
niet in de lijn der verwachting” ligt.
2.44
Vlak voor september 2022 had [DGA] namens Strukton de overeenkomst van opdracht met [interim-CFO 1] als interim-CFO beëindigd en [interim-CFO 2] (hierna: [interim-CFO 2] ) per 1 september 2022 benoemd tot niet-statutaire CFO van Strukton. Blijkens de notulen van de vergadering van de raad van commissarissen van 29 augustus 2022 heeft de raad van commissarissen het belang benadrukt dat hij tijdig in aanstellingsprocessen op dergelijk managementniveau wordt betrokken. De notulen vermelden verder: “
Het moment van wisseling verdient niet de aanbeveling c.q. heeft de RvC verrast in verband met (onder andere) afrondende werkzaamheden van de jaarrekening 2020.” Het is Strukton vervolgens niet gelukt om de controle over de jaarrekening 2020 nog in 2022 door Mazars af te laten ronden.
2.45
In oktober 2022 heeft [DGA] , die in januari 2021 was teruggetreden als (niet uitvoerende) bestuurder van Centric na negatieve publiciteit rondom zijn persoon, zichzelf opnieuw benoemd tot voorzitter van de raad van bestuur van Centric.
2.46
Op 3 november 2022 deed de Ondernemingskamer uitspraak op het verzoek van het Openbaar Ministerie om onmiddellijke voorzieningen te treffen bij Centric (ECLI:NL:GHAMS:2022:3139). Daarbij is [DGA] per direct geschorst als bestuurder van die vennootschap en zijn de aandelen die [DGA Investments B.V.] hield in Centric (minus één) overgedragen aan een tijdelijk beheerder.
2.47
Op 25 november 2022 vond een vergadering plaats van de raad van commissarissen van Strukton. Hoewel uitgenodigd voor deze vergadering en aanwezig in het gebouw van Strukton (waar de vergadering plaatsvond), heeft [DGA] de vergadering niet bijgewoond. Blijkens de notulen van die vergadering heeft de raad van commissarissen de vergadering geschorst voor overleg met [DGA] . De notulen vermelden daarover onder meer:

Tijdens de schorsing zijn[ [voorzitter RvC] – OK]
en[ [RvC-lid 2] – OK]
naar het kantoor van[ [DGA] – OK]
gegaan en hebben met[ [DGA] – OK]
op de gang gesproken. Na hervatting van de vergadering doen[ [voorzitter RvC] – OK]
en[ [RvC-lid 2] – OK]
verslag van het gesprek dat zij zojuist hebben gehad met[ [DGA] – OK]
.[ [DGA] – OK]
leek uit zijn gewone doen en maakt zich ernstig zorgen over zijn eigen veiligheid. Ook is hij van mening dat zijn situatie niet begrepen wordt dan wel onvoldoende ernstig ingeschat wordt door anderen, waaronder de RvC. Op het aanbod van de RvC om concreet hulp en beveiliging te bieden is[ [DGA] – OK]
verder niet ingegaan. Het was moeilijk om echt in contact te komen met[ [DGA] – OK]
.[ [voorzitter RvC] – OK]
en[ [RvC-lid 2] – OK]
benoemen de situatie als zorgelijk en vragen zich af of de bestuurder nog in voldoende mate capabel is om in deze toestand alleen de vennootschap te besturen. Met[ [DGA] – OK]
is afgesproken volgende week vrijdag (2 december) in klein comité verder met elkaar te spreken. Tijdens dit gesprek zal ook ingegaan worden op een door de RvC voorgesteld transitieplan Governance voor de onderneming.
2.48
In diezelfde vergadering werden wederom zorgen geuit over de cashpositie van Strukton. [interim-CFO 2] liet weten dat hij van [DGA] geen steun kreeg voor het treffen van door hem voorgestelde maatregelen om die positie te verbeteren. Ook werd gesproken over een wijziging van de governance, waarbij er uiteindelijk toegewerkt moest worden naar een situatie waarin [DGA] (zoals in eerdere vergaderingen van de raad van commissarissen besproken) uiterlijk eind 2023 afgetreden zou zijn als bestuurder. De raad van commissarissen sprak de voorkeur uit om dit proces samen met [DGA] te doorlopen, maar indien dat te veel vertraging opliep, verdere stappen daartoe te zullen ondernemen.
2.49
Op 2 december 2022 vond een gesprek plaats tussen [DGA] en enkele commissarissen over onder meer de cashpositie van Strukton, publicatie van de voorlopige jaarcijfers, de governance en lopende rechtszaken (waaronder het FIOD-onderzoek). In dat overleg gaf [DGA] onder meer aan voor het Riyad Project nog een laatste poging te willen ondernemen om tot een “
aantrekkelijkere deal” te komen. De raad van commissarissen benadrukte het belang om op zeer korte termijn tot een schikking te komen, opdat de
cash collateralvan € 60 miljoen voor de afgegeven retentiegaranties vrij zou vallen. De raad van commissarissen wilde verder de voorlopige cijfers over 2020 en 2021 zo spoedig mogelijk publiceren, maar [DGA] wilde dat niet op korte termijn. Hij stemde er wel mee in dit uiterlijk in januari 2023 te doen. In het kader van de governance zei [DGA] dat hij “
bestuurder en aandeelhouder is en dat hij uit dien hoofde er aan hecht om zelf te bepalen wanneer hij als bestuurder vertrekt.” De raad van commissarissen benadrukte volgens de notulen dat het bestuur uitgebreid zou moeten worden, omdat het hebben van slechts één bestuurder de organisatie kwetsbaar maakt. [DGA] reageerde in dat kader dat een extra bestuurder wel iemand zou moeten zijn die “
werk uit handen neemt” en niet tot “
allemaal discussies gaat leiden”. Wat betreft de cashpositie is genotuleerd dat werd gewerkt aan een actielijst waarmee binnen twee maanden liquiditeit vrij zou moeten komen. Blijkens de notulen deelde [DGA] in dat overleg verder mee wantrouwend te zijn ten aanzien van de Nederlandse overheid en zoveel als mogelijk te willen stoppen met overheidsopdrachten in Nederland. Hij zei zich ook zorgen te maken om zijn eigen veiligheid, waarop [voorzitter RvC] hem vanuit de vennootschap beveiliging heeft aangeboden.
2.5
Op 22 december 2022 stuurde de raad van commissarissen een brief aan [DGA] , waarin zorgen zijn geuit over verschillende onderwerpen. De raad van commissarissen schreef, voor zover hier relevant:

Ten eerste is de omvang van de problemen die wij aantroffen groot. De continuïteit van[Strukton - OK]
wordt momenteel bedreigd door enkele grote en zeer verlieslatende projecten. De cashpositie en liquiditeitsprognose van Strukton baren ons grote zorgen. Ten tweede verdient het structureel verbeteren van de bestaande business in de huidige, uitdagende marktomstandigheden aandacht. Een en ander heeft de RvC twee maanden geleden doen besluiten om extra overlegvergaderingen te hebben binnen de RvC, met u als bestuurder, de Executive Board, de Centrale Ondernemingsraad en accountant Mazars.
(…)
Naar het oordeel van de RvC zullen de komende weken en maanden ingrijpende beslissingen
moeten worden genomen in vele belangrijke dossiers.
(…)
Wij vinden dat de mogelijkheid van een schikking van het Riyad project op een zo kort
mogelijke termijn moet worden benut omdat daarmee in de loop van 2023 ca € 60 miljoen
aan liquiditeiten wordt vrij gespeeld. Verder zijn dringend risicobeheersingsmaatregelen
voor de andere grote projecten noodzakelijk: RIVM, Station Groningen(…)
We ontvangen graag op korte termijn (1e helft januari 2023) een schriftelijk, puntig plan van aanpak van het met concrete acties ter directe verbetering van de liquiditeitspositie van Strukton. Daarnaast vragen we om de komende maanden twee wekelijks, of vaker indien nodig, geïnformeerd te worden over de voortgang van deze acties en het verloop van de cashposities en de meest actuele cashplanning.
(…)
De jaarrekeningen over 2020 en 2021 alsmede de accountantscontrole daarover dienen
met de grootste spoed te worden afgerond.
(…)
Ons beeld is dat de financiële functie binnen Strukton verzwakt is door de recente reorganisatie, de openstaande vacatures en het vertrek van[ [interim-CFO 1] – OK]
als CFO. De financiële kolom dient op korte termijn versterkt te worden. Graag vernemen wij in de eerste helft van januari 2023 welke maatregelen zullen worden genomen om de financiële functie binnen Strukton kwalitatief en kwantitatief te versterken.
(…)
Wij zijn van mening dat het topmanagement op het niveau van Strukton dringend versterkt moet worden. Gezien de omvang en complexiteit van de onderneming, de veelheid aan zaken die intensief aandacht vragen, de inherent aanwezige risico’s en de internationale positionering, achten wij versterking en opvolging urgent. Voor de nabije en verdere toekomst moet er een goede corporate governance structuur komen met adequaat topmanagement en onafhankelijk toezicht.
(…)
De huidige situatie binnen de ondernemingen vraagt van u als bestuurder en ons als RvC
eenduidigheid en duidelijkheid.
2.51
Als bijlage bij de brief zat een memorandum van de raad van commissarissen, dat inging op voorgestelde wijzigingen van de governance van Oranjewoud, Strukton en Antea Group. De raad van commissarissen vroeg daarin op korte termijn een planning en plan van aanpak te ontvangen over de belangrijkste lopende kwesties bij Strukton, onder meer het afronden van de jaarrekeningen 2020, 2021 en 2022, het Riyad Project en een liquiditeitsprognose en bijbehorend actieplan. In het memorandum is onder meer opgenomen:

De korte en middellange cash positie van Strukton staat ernstig onder druk, ondanks de verkoopopbrengst van Worksphere aan Spie. Hiervoor zijn op korte termijn acties en keuzes noodzakelijk.
(…)
Banken en financiële instellingen hebben veel moeite met het ontbreken van goedgekeurde jaarcijfers sinds 2019, de voortdurende onduidelijkheid over dossiers zoals FIOD en enquête onderzoeken Ondernemingskamer en de negatieve publiciteit rond de persoon van de bestuurder. Op dit moment is er bij deze instellingen geen animo om Oranjewoud/Strukton/ Antea Group te faciliteren.
(…)
Strukton is/wordt betrokken bij verschillende (ook persoonlijke) rechtszaken. Dit is voor de RvC niet helder genoeg.
CFO[ [interim-CFO 1] – OK]
is (te vroeg) teruggetreden. (…) [interim-CFO 2] heeft hem vervangen. Hiermee is geen invulling gegeven aan de gewenste statutair benodigde invulling voor deze positie en is de facto de financiële organisatie verzwakt.
(…)
(…) [DGA] is momenteel enige bestuurder en CEO van[Strukton – OK]
en Oranjewoud. Heeft een zeer grote opgave. Span of control te groot, niet verantwoord bij de omvang en complexiteit van deze groep ondernemingen. Dit maakt de ondernemingen kwetsbaar. Te weinig checks and balances. (…) [DGA] heeft aangegeven dat hij eraan werkt om eind 2023 te kunnen terugtreden. Nog niet duidelijk is of (…) [DGA] dan toe wil treden tot de RvC of hij uitsluitend de rol van aandeelhouder wil invullen.
2.52
[DGA] heeft niet schriftelijk gereageerd op de brief met de bijlage van 22 december 2022.
2.53
Op 13 januari 2023 vond een vergadering plaats van de raad van commissarissen van Strukton. Wederom werd door de raad van commissarissen aangedrongen op het deponeren en publiceren van de voorlopige cijfers over 2020 en 2021 van Strukton en Oranjewoud. [DGA] stelde zich in dat kader blijkens de notulen van die vergadering terughoudend op. Inmiddels was ook definitief het besluit genomen dat Strukton zich zou terugtrekken uit het Riyad Project. De onderhandelingen daarvoor liepen, al waren die moeizaam. Streven was om in januari 2023 tot een juridische afwikkeling te komen, met een beoogde
closingop 15 april 2023. Afgesproken werd om mede gelet op het overleg van 2 december 2022 en de brief van de raad van commissarissen van 22 december 2022 een vervolggesprek te doen plaatsvinden tussen [voorzitter RvC] , [RvC-lid 1] en [DGA] over onder andere de continuïteit van de onderneming en het transitieplan ten aanzien van de governance.
2.54
Op 18 januari 2023 vond het geplande gesprek plaats tussen [DGA] , [interim-CFO 2] , [voorzitter RvC] en [RvC-lid 1] . In het verslag van dat gesprek is onder meer opgenomen:
[ [DGA] – OK]
geeft aan dat hij de rolverdeling RvC en bestuurder zuiver wil houden. Hij is van mening dat de RvC de neiging heeft om op de stoel van de bestuurder te gaan zitten. Dit is niet in lijn met het two tier model waarin Strukton en Oranjewoud opereren.
[ [RvC-lid 1] – OK]
en[ [voorzitter RvC] – OK]
geven aan dat juist in deze uitdagende tijden het van belang is dat de rolverdeling inderdaad zuiver gehouden moet worden. Waarbij het wel degelijk van belang is dat het bestuur de adviezen van de RvC serieus ter harte neemt. Daarnaast zal ook het bestuur binnen de kaders van de statuten en overige afspraken tussen RvC en bestuur moeten opereren.(…)
Governance
Er wordt gesproken over versterking van het bestuur van Strukton.[ [DGA] – OK]
geeft aan dat hij het van belang acht dat de besturen van de divisies van Strukton sterk ingevuld worden.[ [RvC-lid 1] – OK]
en[ [voorzitter RvC] – OK]
geven aan dat de RvC het van belang acht dat het bestuur van Strukton versterkt wordt met een Chief Operating Officer die taken van[ [DGA] – OK]
kan invullen, zodat de werklast beter verdeeld wordt en de kwetsbaarheid wordt verlaagd. Ook de financiële functie dient verder versterkt te worden om de huidige achterstanden op te lossen en in toekomst te voorkomen.(…)
Liquiditeit
Gesproken wordt over de definitieve beslissing t.a.v. de exit uit Riyad.[ [voorzitter RvC] – OK]
en[ [RvC-lid 1] – OK]
geven aan dat dit een belangrijke stap is voor Strukton en dat die genomen moet worden. Ook worden andere punten genoemd die de krappe liquiditeit het hoofd moeten bieden. Desinvestering Ooms, interne verkoop twee bedrijfsonderdelen aan Antea Group, uitstel belasting, lening vanuit Italië en betalingen vanuit de probleemprojecten.[ [voorzitter RvC] – OK]
en[ [RvC-lid 1] – OK]
geven aan dat de onderneming nu te krap bij kas zit en er snel acties ondernomen moeten worden. De RvC wil hier een duidelijk en regelmatig inzicht in hebben.
Publicatie (voorlopige) cijfers 2020
[ [voorzitter RvC] – OK]
en[ [RvC-lid 1] – OK]
geven nogmaals aan dat het publiceren en deponeren noodzakelijk is en vinden de argumenten van het bestuur om dit opnieuw uit te stellen niet valide genoeg. Ter sprake komt tevens het belang in de onderlinge samenwerking dat dringende adviezen van de RvC opgevolgd moeten worden. In de eerste plaats in het belang van de onderneming, om te voldoen aan wet- en regelgeving en ook in het kader van professioneel en zorgvuldig bestuur en toezicht.(…)”
2.55
Op 17 februari 2023 vond een vergadering plaats van de raad van commissarissen van Strukton, waarin wederom zorgen werden geuit en actie werd gevraagd ten aanzien van de invulling van de
governance. In de notulen van die vergadering is verder, voor zover relevant, opgenomen:

(iii) dividendverbod van toepassing op niveau [DGA] Investment B.V. Er dienen een aantal correcties (van tijdelijke aard) bij zowel Antea Group als Centric plaats te vinden. Voor Antea Group is dit mogelijk, maar specifiek voor Centric (EUR 10 mio) is dit gegeven de nieuwe governance situatie binnen Centric – zeer lastig en complex. Parallel hieraan is bestuurder[ [DGA] – OK]
eveneens niet bereid hier zijn medewerking aan te verlenen. Dit betekent dat men er nog niet in geslaagd is een oplossing te vinden, waar het dividend echt een compliance vraagstuk is voor de toekenning van de NOW-gelden (…). Het later verkrijgen van de NOW-gelden (met maximaal 14 weken) verergert de huidige liquiditeitsdip met enkele miljoenen.
(…)
Voor nu wenst bestuurder[ [DGA] – OK]
geen wisselingen/versterkingen door te voeren. Het management moet ook de tijd krijgen de functie/het beleid ‘eigen’ te maken en parallel hieraan zijn nog niet alle positioneringen definitief.
De huidige executive board bestaat uit[ [DGA] – OK]
(statutair) en[ [interim-CFO 2] – OK]
(niet statutair). De RvC maakt zich ernstig zorgen over de ontoereikende invulling van de organisatie van het bestuur. De management aansturing van de business hoort in de businessunits/portfoliobedrijven zelf thuis. Vanuit kwetsbaarheid en overload is het zeer dringende advies van de RvC aan[ [DGA] – OK]
om de komende maanden te komen tot concrete operationele ondersteuning in de vorm van een rechterhand. Geen opvolger van[ [DGA] – OK]
zelf, maar iemand die[ [DGA] – OK]
kan ontlasten in de operatie. De huidige situatie is ongewenst en onhoudbaar.
2.56
Op 28 februari 2023 stuurde de raad van commissarissen een advies aan [DGA] , waarin werd benadrukt dat de jaarrekeningen van 2020 en 2021 met de grootste spoed dienden te worden afgerond. Ook werd van [DGA] op korte termijn een reactie gevraagd op een aantal vragen, onder meer over de timing van de deponering van de voorlopige jaarcijfers 2020 en 2021 en de tijdslijnen wat betreft de accountantscontrole voor de jaarcijfers 2020 en 2021.
2.57
Op 10 maart 2023 zou een bespreking tussen [DGA] en de raad van commissarissen plaatsvinden over de governance, specifiek over het aantrekken van een Chief Operating Officer. Op 7 maart 2023 zegde [DGA] dat overleg af. In reactie op dit bericht liet [voorzitter RvC] [DGA] weten dat de raad van commissarissen juist waarde hechtte aan het laten doorgaan van de bespreking en dat in het gesprek van 18 januari 2023 was afgesproken om over die onderwerpen verder te spreken. [DGA] heeft daar niet meer op gereageerd.
2.58
Bij brief van 14 maart 2023 heeft [DGA] zich namens [DGA Investments B.V.] op het standpunt gesteld dat de
Intra Group Loan Agreementtussen [DGA Investments B.V.] en Centric (die op 1 april 2023 moest worden terugbetaald, zie 2.41) nietig is op grond van dwaling, misleiding en bedrog. Volgens [DGA] hebben [interim-CFO 2] en Mazars begin 2022 gezegd dat de dividendtransactie van 2020 teruggedraaid moest worden, wilde Strukton gebruik kunnen maken van de NOW-regeling. Mazars zou anders geen schone controleverklaring kunnen geven. [DGA] betwist dit standpunt en betoogt dat Mazars en RSM (accountant van Centric) de NOW-regeling onjuist hebben toegepast; niet [DGA Investments B.V.] maar Oranjewoud moet volgens [DGA] als groepshoofd van Strukton worden aangemerkt. Daarbij beroept hij zich op een memo van CMS van 20 december 2021 waarin CMS volgens [DGA] schrijft dat de dividenduitkering door Centric aan [DGA Investments B.V.] geen schending (van de ratio) van het NOW-dividendverbod heeft opgeleverd. Volgens [DGA] is dat memo destijds aan hem onthouden. Hij schrijft verder dat “
de twee accountants te weten Mazars van Strukton en Antea Group en RSM van Centric Holding nooit de directie van [DGA Investments B.V.] hadden mogen dwingen de Share Premium Contribution Agreement aan te gaan c.q. te tekenen. Er zal dan ook een aansprakelijkheidsstelling uitgaan naar beide accountants.
2.59
Op 15 maart 2023 heeft [DGA] [interim-CFO 2] (op dat moment een half jaar niet-statutaire CFO van Strukton) op staande voet ontslagen.
2.6
Naar aanleiding van dat ontslag heeft de raad van commissarissen gebeld met [DGA] en hem bij brief van 15 maart 2023 opgeroepen voor een gesprek nog diezelfde avond:

Vanochtend begrepen wij dat u (…) [interim-CFO 2] , CFO van Strukton Groep, zonder overleg met ons op staande voet heeft ontslagen. Aanleiding daarvoor was een memo van CMS over de geoorloofdheid van een dividenduitkering onder de NOW regeling dat aan u onthouden zou zijn.
Ons inziens heeft uw staf inclusief (…) [interim-CFO 2] er destijds met de kennis (en omstandigheden) van toen, alles aan gedaan om de grote voorlopige NOW uitkering die Strukton Groep heeft ontvangen definitief veilig te stellen, hetgeen van groot belang is voor de liquiditeitspositie van de onderneming. Wij zien vooralsnog geen enkele grond voor een ontslag van de heer [interim-CFO 2] , laat staan voor een ontslag op staande voet. Integendeel, de heer [interim-CFO 2] is een sleutelfunctionaris die Strukton Groep op dit moment niet kan missen. Zoals met u meermaals besproken (onder meer in RvC vergaderingen) is de financiële organisatie onvoldoende op sterkte. Dit blijkt uit het feit dat er tot op de dag van vandaag nog geen (goedgekeurde) jaarrekening voor boekjaar 2020 is en ook de jaarrekening voor 2021 ernstige vertraging oploopt. Wij hebben diverse malen aangedrongen op versterking van de financiële organisatie en u doet nu (net als bij het ontslag van de heer [interim-CFO 1] ) het tegenovergestelde. Ons voorlopig oordeel is dat het ontslag van de heer [interim-CFO 2] per direct ongedaan moet worden gemaakt.
U heeft vandaag ook ernstige, (naar het stellig lijkt) ongegronde bezwaren geuit over(…)
, leider van het accountantsteam van Mazars bij Oranjewoud en Strukton Groep. Dit dreigt de hoognodige accountscontrole bij deze vennootschappen die juist met veel inspanning van een ieder enigszins op stoom begint te komen, in gevaar te brengen(…)
.
U heeft zich vandaag ook onheus uitgelaten over (…) [voorzitter RvC] , onze voorzitter. Dit dreigt te leiden tot een ernstige vertrouwensbreuk tussen u en onze raad.
(…)
Hierbij roepen wij u op voor een bespreking vanavond om 19.00 uur op het kantoor van Strukton in Maarssen. Het is in het belang van Oranjewoud en[Strukton – OK]
en in uw belang dat wij elkaar vanavond spreken teneinde te voorkomen dat uw (voorgenomen) acties de ondernemingen en uw eigen positie verder beschadigen.
2.61
[DGA] heeft aan de oproep voor dat gesprek geen gehoor gegeven.
2.62
Mazars heeft vervolgens in gesprekken met de raad van commissarissen meegedeeld de werkzaamheden voor Oranjewoud en Strukton niet voort te zullen zetten als [DGA] als bestuurder zou aanblijven.
2.63
Op 16 maart 2023 vond een zitting plaats bij de rechtbank Almelo in een procedure waarin onder meer Strukton als gedaagde was betrokken. [DGA] heeft de raad van commissarissen en het hoofd juridische zaken van Strukton niet over deze zitting geïnformeerd. [DGA] is tijdens die zitting uit de zaal verwijderd.
2.64
De raad van commissarissen heeft [DGA] vervolgens op 17 maart 2023 als bestuurder van Oranjewoud en Strukton geschorst en heeft hem daarover bij brief van dezelfde datum geïnformeerd. In de brief werd [DGA] uitgenodigd om zijn zienswijze te geven op het besluit in een gesprek een dag later. [voorzitter RvC] heeft [DGA] tevens telefonisch geïnformeerd over de schorsing. In dat gesprek heeft [DGA] gezegd dat hij zich niet bij de schorsing neer zal leggen en dat hij als aandeelhouder de raad van commissarissen zal schorsen. [voorzitter RvC] nodigde hem wederom uit voor een gesprek om het schorsingsbesluit te bespreken. Daar heeft [DGA] uiteindelijk mee ingestemd en op 18 maart 2023 heeft een gesprek plaatsgevonden tussen [DGA] , [echtgenote] (met wie hij kort voordien was getrouwd) en de raad van commissarissen. Ook in dat gesprek heeft [DGA] gezegd dat hij zich niet zou neerleggen bij de schorsing. Zijn echtgenote heeft strafrechtelijke aangiftes tegen de leden van de raad van commissarissen en aansprakelijkstellingen in het vooruitzicht gesteld.
2.65
Op 21 maart 2023 heeft de COR een brief gestuurd aan de raad van commissarissen, waarin de COR schrijft dat hij het besluit van de raad van commissarissen tot schorsing van [DGA] als bestuurder van Strukton ondersteunt.
2.66
Op 29 maart 2023 heeft de toenmalige advocaat van [DGA] in een brief aan de raad van commissarissen bezwaar gemaakt tegen de schorsing, verzocht die op te heffen en verzocht een aandeelhoudersvergadering van Oranjewoud bijeen te roepen. Op 7 april 2023 verzocht de advocaat van [DGA] wederom om bijeenroeping van een aandeelhoudersvergadering met als onderwerpen de opheffing van de schorsing en de beoordeling van de handelwijze en het functioneren van de raad van commissarissen sinds 1 oktober 2022. De advocaat van de raad van commissarissen heeft op die brieven gereageerd bij brief van 13 april 2023. Daarin werd [DGA] opnieuw uitgenodigd om in gesprek te gaan met de raad van commissarissen over een aanpassing van de governance van Oranjewoud. Op die brief is van [DGA] geen (inhoudelijke) reactie gekomen. Op 24 april 2023 hebben de advocaten van [DGA] en [DGA Investments B.V.] aan de raad van commissarissen bericht dat zij [DGA] en [DGA Investments B.V.] niet langer bijstonden.
2.67
Op 18 april 2023 heeft [DGA] namens [DGA Investments B.V.] aan het bestuur van Mazars onder meer geschreven:
Gezien de ernst van de zaak vragen wij u dringend om onmiddellijk het dividend van 80 miljoen met terugwerkende kracht aan [DGA Investments B.V.] uit te keren. Er is sprake van misleiding en bedrog. Het dividend van 80 miljoen had op 29 maart 2022 niet omgezet hoeven worden in een lening, omdat Centric en [DGA Investments B.V.] gebonden zijn aan genoemde faciliteitenovereenkomst van 15 mei 2020 en omdat het dividend buiten de Covidregelingen viel.
U als accountant had dit moeten weten. U als accountant bent juist verplicht te controleren of zowel Centric als [DGA Investments B.V.] hun afspraken met de Rabobank nakomen. Dat heeft u niet gedaan. In tegendeel. Uw partner, [accountant] heeft mij gedwongen middels de Share Premium Contribution Agreement en de bijbehorende overeenkomst van geldlening van 29 maart 2022 het dividend van 80 miljoen terug te draaien. Hij heeft me daarbij misleid en heeft opzettelijk, samen met de commissarissen en [interim-CFO 2] , alle informatie die dit tegen sprak bij mij weggehouden. Hij heeft mij meerdere malen samen met [interim-CFO 2] onder druk gezet met de mededeling dat Mazars, indien ik beide overeenkomsten niet zou tekenen, de jaarrekening 2020 niet zou afwerken en de NOW-regeling voor Strukton niet kon aanvragen. Ik verzoek u onmiddellijk actie te ondernemen tegen de daders van het bedrog. Peter Wakkie, de commissarissen [voorzitter RvC] en [RvC-lid 1] , [interim-CFO 2] en [ex-echtgenote] . Het kan en mag niet zo zijn dat u als Raad van Bestuur meewerkt aan het camoufleren van een drugskartel, het witwassen van gelden, van misleiding, bedrog, van corruptie en de afpersing. Zo niet, volgt er een aansprakelijkheidstelling van mij en mijn holding aan [accountant] persoonlijk, u als Raad van Bestuur persoonlijk en als Raad en een melding aan de Spaanse en Europese autoriteiten.
2.68
Bij vonnis van 28 juni 2023 (ECLI:NL:RBOVE:2023:2423), gewezen tegen onder andere [echtgenote] en Strukton, ( [DGA] was geen gedaagde) heeft de rechtbank Overijssel geoordeeld (zie rov. 4.49 van dat vonnis) dat Strukton onrechtmatig jegens [ex-echtgenote] heeft gehandeld door het plaatsen en geplaatst houden van de verklaring van [DGA] en [RvC-lid 3/bestuurder Strukton] op de website van Strukton, het plaatsen en geplaatst houden van het door [DGA] bewerkte interview op de website van Strukton en het verspreiden onder werknemers van het (volgens de rechtbank: niet-onafhankelijke) rapport van Lumen Lawyers (zie2.20). Strukton is daarop veroordeeld tot schadevergoeding aan [ex-echtgenote] , nader op te maken bij staat.
2.69
Op 7 mei en 13 mei 2023 heeft [DGA] naar aanleiding van de oproep voor de mondelinge behandeling van de verzoeken in de eerste fase van deze enquêteprocedure brieven gestuurd aan leden van de Tweede Kamer. In de brieven stelde [DGA] onder meer dat met die verzoeken zou worden geprobeerd om Oranjewoud en Strukton op onrechtmatige wijze van hem af te pakken, onder andere ten behoeve van witwaspraktijken. Tevens stelde hij dat het opeisen van de lening van € 80 miljoen van Centric aan [DGA Investments B.V.] oplichterij is, dat de afspraak was dat de lening met rente omgezet zou worden in dividend en dat het dividend is teruggedraaid op grond van misleiding en bedrog. In de brieven schreef hij ook dat verschillende personen die bij beschikking van de Ondernemingskamer inzake Centric benoemd zijn banden zouden hebben met de Russische maffia, waardoor gevoelige informatie in verkeerde handen dreigt te vallen met verstrekkende gevolgen voor de nationale stabiliteit en dat hetzelfde risico bestond voor Strukton en Oranjewoud indien de verzoeken in deze procedure zouden worden toegewezen.
2.7
Op 19 mei 2023 heeft de algemene vergadering van Strukton de jaarrekening 2020 vastgesteld. De accountant heeft daarbij een verklaring met een oordeelsonthouding afgegeven. De jaarrekening 2020 van Strukton is op 20 mei 2023 gepubliceerd.
2.71
In de zomer van 2023 is met de consortiumpartners in het Riyad Project een schikking met gesloten beurzen tot stand gekomen.
2.72
Bij brief van 10 juli 2024 heeft [DGA] het advocatenkantoor dat Oranjewoud en Strukton bijstaat aansprakelijk gesteld, onder meer stellende dat de Ondernemingskamer een verboden instituut is dat onrechtmatige beslissingen heeft genomen en dat er geen enkele grond is hem uit zijn bestuursfunctie te zetten.

3.Het onderzoeksverslag

3.1
Het onderzoeksverslag bevat een gedetailleerde analyse van de door de Ondernemingskamer in de eerstefasebeschikking besproken onderwerpen. Het bestaat uit 687 bladzijden en bevat 376 bijlagen. De bijlagen betreffen met name notulen van vergaderingen en correspondentie. De onderzoeker heeft 25 betrokkenen geïnterviewd, sommigen van hen meer dan één keer, en de relevante passages uit die gesprekken in het onderzoeksverslag geciteerd. Het verslag bevat 14 hoofdstukken waarin na een inleiding (hoofdstuk 1) de verschillende onderwerpen uit de eerstefasebeschikking aan bod komen: de ontwikkelingen binnen de governance van de raad van bestuur van de vennootschappen (hoofdstuk 2); de ontwikkelingen binnen de governance van de raad van commissarissen van de vennootschappen (hoofdstuk 3); relevante geschillen en rechtszaken (hoofdstuk 4); de relatie met accountants (hoofdstuk 5); financiële ontwikkelingen (hoofdstuk 6); de administratieve organisatie en interne controle (hoofdstuk 7); de kwestie rondom de NOW-gelden (hoofdstuk 8); de positie en rol van [DGA] binnen Strukton en Oranjewoud (hoofdstuk 9); projecten in het algemeen (hoofdstuk 10); het Riyad Project (hoofdstuk 11); het RIVM-project (hoofdstuk 12) en het HSG-project (hoofdstuk 13). Het verslag sluit af met conclusies (hoofdstuk 14).
3.2
De onderzoeker heeft – samengevat – de volgende conclusies getrokken.
3.2.1
De samenwerking met [DGA] tot 2019 is door tal van personen als zeer positief beschreven. De FIOD-inval bij Strukton op 15 februari 2019 heeft bij [DGA] echter zijn sporen nagelaten. Sindsdien is hij in toenemende mate wantrouwend tegenover de Nederlandse staat en verslechterde de relatie van Strukton met haar accountant PwC en haar financiers.
3.2.2
Vanaf 2019 werd Strukton bovendien steeds verder meegesleept in het privégeschil tussen [DGA] en zijn ex-partner [ex-echtgenote] . Zo werd op verzoek van [DGA] op 1 juli 2019 een verklaring van [DGA] over [ex-echtgenote] op de website van Strukton geplaatst. Ook heeft [DGA] eind 2020 een rapport van Lumen Lawyers, dat ook betrekking had op de vraag of [ex-echtgenote] gedurende haar werk bij een andere groepsmaatschappij van [DGA] of een zustervennootschap daarvan fraude had gepleegd, aan honderden medewerkers van Strukton gemaild terwijl daar geen enkele objectieve reden voor was. In juni 2023 oordeelde de rechtbank Overijssel dat Strukton aansprakelijk is voor de schade die [ex-echtgenote] daardoor heeft geleden.
3.2.3
Omdat [DGA] het rapport van Lumen Lawyers ook heeft toegezonden aan het bankenconsortium, is de relatie met het bankenconsortium verder onder druk komen te staan.
3.2.4
Het optreden van [DGA] bij de beslaglegging op 21 december 2020 op verzoek van [ex-echtgenote] was voor de raad van commissarissen reden om [DGA] te verzoeken terug te treden als bestuurder van Strukton, Oranjewoud en Antea. Vervolgens is [DGA] op verzoek van de raad van commissarissen toch aangebleven als bestuurder van Oranjewoud, omdat er anders geen formele link meer zou zijn met Oranjewoud (de aandeelhouder van Strukton).
3.2.5
Met ingang van 8 januari 2021 werd [CFO Strukton-1] statutair bestuurder van Strukton. Op 31 mei 2021 is [CFO Strukton-1] in een bespreking met [DGA] en [RvC-lid 3/bestuurder Strukton] (die toen geen formele positie binnen Strukton meer bekleedde) door [DGA] geschorst, volgens [CFO Strukton-1] zonder enige toelichting. Gevraagd naar de reden voor de schorsing verklaarde [DGA] tegenover de onderzoeker: “
Graaier geweest, graaien, beter worden. Ik weet niet wat voor rare mentaliteit het is. (…) Er zijn zaken geweest, zeg maar in Riyad dat hij bij mij een aantal dingen weggehouden heeft. (…) Hij heeft allerlei projecten die niet goed liepen bij mij weggemoffeld. Waarvan ik dus totaal geen kijk had wat er aan de hand was.”De onderzoeker constateert dat aan de schorsing een aantal formele gebreken kleefden (o.a. het verzuim om [CFO Strukton-1] vooraf te horen en om advies van de COR in te winnen) en zij heeft ook geen gegronde reden kunnen vaststellen voor de schorsing van [CFO Strukton-1] . [DGA] heeft bij de schorsing ook de raad van commissarissen omzeild; [DGA] heeft de raad van commissarissen niet over de (voorgenomen) schorsing van [CFO Strukton-1] geïnformeerd. De onderzoeker merkt op dat de raad van commissarissen [DGA] op deze handelwijze had kunnen aanspreken, maar ook, dat de mogelijkheid om maatregelen jegens [DGA] te treffen beperkt waren. [DGA] was immers (indirect) de (nagenoeg enige) aandeelhouder van Strukton. De raad van commissarissen heeft [DGA] vervolgens gevraagd om beletfunctionaris bij Strukton te worden, wat hij heeft gedaan; daardoor was de bestuurswissel bij Strukton per 8 januari 2021 feitelijk al snel weer teruggedraaid.
3.2.6
[interim-CFO 1] (zie 2.32) was sedert begin juni 2021 krachtens een overeenkomst van opdracht werkzaam als (niet-statutair) CFO van Strukton. [DGA] heeft die overeenkomst per medio september 2022 beëindigd, op een tijdstip waarop Strukton midden in het proces van de controle van de jaarrekening 2020 zat, zonder een aanwijsbare gegronde reden en zonder voorafgaand overleg met de raad van commissarissen. Deze beëindiging werd door de raad van commissarissen afgekeurd vanwege onder meer de nadelige gevolgen voor de afronding van de jaarrekening 2020 en de reeds verzwakte financiële kolom van Strukton.
3.2.7
De opvolgend niet-statutair CFO [interim-CFO 2] (zie 2.44) is op 15 maart 2023 door [DGA] op staande voet ontslagen, ook zonder gegronde reden en ook zonder de COR te informeren.
3.2.8
In de onderzoeksperiode kwam de vraag op of de dividenduitkering van € 80 miljoen die Centric in 2020 had gedaan aan [DGA Investments B.V.] (zie 2.41) toelaatbaar was, gelet op het dividendverbod dat gold krachtens de NOW-regeling waar Strukton gebruik van had gemaakt. Bepalend voor het antwoord op die vraag is welke entiteit – Oranjewoud of [DGA Investments B.V.] – binnen de groep ondernemingen moet worden aangemerkt als groepshoofd. Nadat PwC en CMS (de advocaat van Strukton) nog het standpunt hadden ingenomen dat Oranjewoud het groepshoofd is, heeft Mazars, na uitgebreid onderzoek, geconcludeerd dat [DGA Investments B.V.] als groepshoofd moet worden aangemerkt. Om de door Strukton ontvangen NOW-gelden niet in gevaar te brengen is in het belang van Strukton besloten de dividendbetaling aan [DGA Investments B.V.] te repareren door een agiostorting door [DGA Investments B.V.] overeen te komen, waarbij de betaling van het agio als lening schuldig is gebleven (zie 2.41).
3.2.9
[DGA] heeft het standpunt ingenomen dat [interim-CFO 2] en zijn eigen commissarissen hem hebben misleid en onder druk hebben gezet, dat hij niet op de hoogte is gesteld van de adviezen van PwC en CMS en dat deze informatie op oneigenlijke wijze van hem is weggehouden door [interim-CFO 2] en Mazars. Volgens de onderzoeker is dit standpunt aantoonbaar onjuist. De opmerkingen van [DGA] dat accountant Opzitter een “boef” en “een grote oplichter” is en Mazars “een boevenbende”, ontberen een deugdelijke grondslag. Met zijn uitlatingen heeft [DGA] de verhoudingen met zijn CFO, de raad van commissarissen en de accountant van Strukton en Oranjewoud willens en wetens onnodig op scherp gezet (zie hierna onder 3.2.14).
3.2.10
Vanaf eind 2022 uitte de (nieuwe) raad van commissarissen regelmatig zijn zorgen omtrent de gebeurtenissen bij Centric en de impact daarvan op [DGA] , Strukton en Oranjewoud. De raad van commissarissen heeft diverse malen getracht om passende afspraken te maken met [DGA] omtrent zijn terugtreding als bestuurder en opvolging. [DGA] bleek daartoe echter niet bereid en uitte in steeds scherpere bewoordingen zijn ongenoegen over de opstelling van onder andere Mazars, hetgeen resulteerde in een aansprakelijkstelling richting Mazars. Mazars dreigde haar dienstverlening te beëindigen, hetgeen een bedreiging was voor de continuïteit van Strukton, Oranjewoud en Antea. De controle van de jaarrekening 2020 zou dan immers niet kunnen worden afgerond.
3.2.11
Deze omstandigheden tezamen hebben tot de schorsing van [DGA] met ingang van 17 maart 2023 geleid. De onderzoeker komt tot de conclusie dat die schorsing in het belang was van Strukton, Oranjewoud en Antea teneinde rust in de organisatie te verkrijgen en de continuïteit te waarborgen.
3.2.12
Naast de door [DGA] veroorzaakte wisselingen in het (al dan niet statutaire) bestuur hebben in de onderzoeksperiode ook de raden van commissarissen van de vennootschappen de nodige wisselingen ondergaan als gevolg van het handelen van [DGA] . Van Zeeland trad in oktober 2019 terug als commissaris omdat [DGA] , nadat hij de top van Centric had weggestuurd, zowel aan Centric als de vennootschappen leiding moest geven, hetgeen Van Zeeland als een onmogelijke taak beschouwde. Van Zeeland had bovendien zorgen geuit over het niet invullen van de interne auditfunctie, de negatieve publiciteit en de moeizame verhouding met de accountant (toen nog PwC, zie daarover verder onder 3.2.13). [RvC-lid 5] trad begin 2020 terug als commissaris nadat [DGA] in de commissarissenvergadering in december 2019 diverse ernstige maar ongegronde beschuldigingen had geuit aan het adres van [RvC-lid 6] , op dat moment CFO bij Centric, en haar vervolgens als CFO van Centric op non-actief heeft gezet. Daarmee waren in één jaar twee commissarissen door toedoen van [DGA] opgestapt. Na het opstappen van [RvC-lid 5] resteerden slechts twee commissarissen (terwijl voor Oranjewoud als beursfonds een raad van commissarissen van minimaal drie leden was vereist) die bovendien beide medio 2021 zouden terugtreden. De beoogde aanstelling van [RvC-lid 9] als derde commissaris is eind 1 mei 2021 vrij onverwachts door [DGA] geblokkeerd. Dat de vennootschappen nadien toch nog een raad van commissarissen hadden, kwam alleen omdat de twee resterende commissarissen ( [RvC-lid 8] en [RvC-lid 7] ) hun voornemen per medio 2021 terug te treden in het belang van de vennootschappen niet hebben doorgezet. Zij hebben in gesprekken met [DGA] aangedrongen op benoeming van meer commissarissen, maar zonder resultaat. De onderzoeker concludeert dat
“ [DGA] medio 2021 in feite niet bereid was tot het zetten van materiële stappen in het op orde brengen van de governance – zowel op bestuursniveau als ten aanzien van het aanstellen van nieuwe commissarissen – en dat hij de daartoe benodigde stappen blokkeerde. Immers, [CFO Strukton-1] was met ingang van 31 mei 2021 geschorst als bestuurder en [RvC-lid 9] was buiten de deur gezet, terwijl op dat moment het Bankenconsortium de financiering had opgezegd en [RvC-lid 9] juist zou kunnen ondersteunen bij het voeren van gesprekken met het Bankenconsortium teneinde te onderzoeken of de financiering toch kon worden voortgezet.” Uiteindelijk zijn [voorzitter RvC] , [RvC-lid 3/bestuurder Strukton] (beiden op 22 maart 2022) [RvC-lid 1] (op 1 april 2022) en [RvC-lid 2] (1 mei 2022) toegetreden tot de raad van commissarissen en zijn [RvC-lid 8] en [RvC-lid 7] teruggetreden.
3.2.13
Over de problemen in de samenwerking met de accountants concludeert de onderzoeker het volgende. PwC had in 2019 al aangegeven dat zij de controle over de jaarrekeningen 2019 niet meer wilde uitvoeren, onder meer vanwege de moeizame verhouding met [DGA] en de zorgen van PwC over de gebrekkige governance van de vennootschappen en de interne beheersing. Mede door de FIOD-inval in 2019 lukte het niet een nieuwe accountant te vinden; daarom heeft PwC uiteindelijk (zij het onder voorwaarden) de controle 2019 toch nog uitgevoerd. In juli 2020 bleek dat PwC de controleopdracht niet wilde verlengen. De zorgen omtrent de governance waren niet weggenomen en de interne beheersing voldeed niet aan PwC’s kwaliteitsmaatstaven; redenen die [DGA] afdeed als “klinkklare onzin”.
De zoektocht naar een nieuwe accountant verliep moeizaam. De enige geschikte optie die resteerde was Mazars. In maart 2021 bleek Mazars onder voorwaarden bereid de controleopdracht te aanvaarden, te weten (a)
delistingvan Oranjewoud en (b) een passende (juiste) invulling van de governance. Pas in september 2021 is overeenstemming bereikt met Mazars en in maart 2022 is (nadat de vier nieuwe commissarissen (materieel) waren aangetreden) de engagement letter ondertekend. De voortgang van de controle verliep om verschillende redenen problematisch en uiteindelijk is pas in mei 2023 een verklaring bij de jaarrekening 2020 van Strukton en Oranjewoud (een oordeelsonthouding) afgegeven.
3.2.14
De verhouding tussen [DGA] en Mazars accountant Opzitter is vanaf december 2022 geëscaleerd. Op 14 maart 2023 heeft [DGA] Mazars aansprakelijk gesteld in de kwestie met betrekking tot de NOW-gelden en het terugdraaien van het aan [DGA Investments B.V.] uitgekeerde dividend. Op 15 maart 2023 heeft [DGA] Opzitter toegesproken op een manier die volgens Opzitter “echt niet kon” en in april 2023 heeft [DGA] de onder 2.67 genoemde brief met verwijten aan Mazars gezonden. Dit alles leidde ertoe dat Mazars de overeenkomst van opdracht met [DGA Investments B.V.] heeft opgezegd. De overeenkomst van Mazars met Strukton zou eveneens zijn opgezegd als de raad van commissarissen niet op 17 maart 2023 tot schorsing van [DGA] was overgegaan. Mazars heeft tegenover de onderzoeker verklaard de dienstverlening aan Strukton en Oranjewoud te zullen beëindigen op het moment dat [DGA] terugkeert.
3.2.15
Over de liquiditeit van Oranjewoud en Strukton en de relatie met het bankenconsortium concludeert de onderzoeker als volgt. Vanaf begin 2020 werd de relatie met het bankenconsortium steeds problematischer en werd, naast de mogelijkheid van kapitaalstortingen door aan Strukton/Oranjewoud gelieerde ondernemingen, ook gesproken over de verkoop van assets om de “hinderlijke druk” van het bankenconsortium te verminderen. Eind januari 2021 constateerde de raad van commissarissen daarin bij [DGA] een ommezwaai, die resulteerde in de verkoop van Strukton Worksphere (zie 2.26). In maart 2021 heeft het bankenconsortium de financiering opgezegd met ingang van 13 oktober 2021 (zie 2.28) en dat werd binnen Strukton gezien als een bedreiging voor haar continuïteit. Nadat met de opbrengst van Worksphere de bankfaciliteit grotendeels was afgelost, beschikte Strukton niet meer over een bankfinanciering en moest zij ter versterking van haar financiële positie kijken naar de aandeelhouder. De cashplanning en liquiditeitsforecast leidden in de tweede helft van 2022 tot zorgen bij de raad van commissarissen; onder meer door grote tegenvallers bij het Riyad Project, het HSG-project en het RIVM-project (zie 2.50). Ondanks verzet daartegen van [DGA] heeft de door de raad van commissarissen gewenste publicatie plaatsgevonden van de voorlopige cijfers 2020 en 2021.
3.2.16
Over de AO/IC (administratieve organisatie en interne controle) concludeert de onderzoeker dat deze gedurende de onderzoeksperiode ondermaats waren. Er is melding gemaakt van onvolkomenheden in de systemen waardoor daarop in het kader van de controle niet kon worden vertrouwd. Beschikbare informatie was onvoldoende gedetailleerd en bepaalde belangrijke projecten beschikten niet over separate financiële gegevens. De gebrekkige AO/IC leidde ook tot gebrekkige projectbeheersing. Daardoor kwamen omvangrijke verliezen in belangrijke projecten (zoals Riyad, HSG en RIVM, zie hierna 3.2.17) pas laat aan het licht. Binnen Strukton was wel bekend dat er verbeteringen ten aanzien van projectbeheersing en administratieve organisatie moesten worden gerealiseerd, maar het tempo waarin verbetering werd gerealiseerd lag te laag.
3.2.17
De onderzoeker heeft de gang van zaken onderzocht ten aanzien van een drietal concrete projecten die in de eerstefasebeschikking waren vermeld: het Riyad Project (zie 2.8), het HSG-project en het RIVM-project.
Het Riyad Project is als gevolg van een aantal specifieke negatieve ontwikkelingen verlieslatend (minimaal € 56 miljoen) geworden. Omdat het een zeer groot project was met omvangrijke risico’s had Strukton omvangrijke zekerheden moeten verstrekken, waardoor Strukton sterk afhankelijk was van Atradius en het bankenconsortium. Deze afhankelijkheid nam toe door (de nasleep van) de FIOD-inval omdat Atradius en het bankenconsortium steeds verdergaande eisen gingen stellen aan het verstrekken van zekerheden. Strukton heeft voorts een aantal keren niet aan haar verplichtingen jegens de consortiumpartners voldaan. Onder die omstandigheid kan de onderzoeker weinig begrip opbrengen voor het feit dat [DGA] en [CFO Strukton-1] een addendum hebben ondertekend dat de juridische positie van Strukton ten opzichte van dit consortium verzwakte: zij werd namelijk
excludeden ontving geen betaling meer, maar bleef volledig aansprakelijk en verplicht om zekerheid te stellen voor de afronding van het project. Pas in de zomer van 2023, na de schorsing van [DGA] , is een schikking bereikt; daardoor vielen pas toen de verstrekte zekerheden vrij, waarmee de financiële positie van Strukton versterkt kon worden. De schikking vond plaats met gesloten beurzen. Verschillende betrokkenen van Strukton hebben verklaard dat in oktober 2022 al duidelijk was dat dat het maximaal haalbare resultaat was, maar dat [DGA] zich tegen een schikking met gesloten beurzen bleef verzetten.
Het RIVM-project was eveneens sterk verlieslatend: de prognose einde werk per juli 2024 bedroeg € 194,1 miljoen negatief. Het project, dat dateert van 2014, is contractueel in de vorm van een DBFMO-contract gegoten, een vorm die ongeschikt want risicovol is voor een werk met het unieke karakter van het RIVM-gebouw. De risico’s hebben zich ook gemanifesteerd, onder meer door vele wijzigingsverzoeken met grote financiële consequenties voor Strukton. De vraag of het gebouw voldoende bestand zou zijn tegen de trillingen van de in de toekomst langsrijdende trams leidde bovendien al snel tot nader onderzoek en discussies, waardoor het werk al verlieslijdend was (en de verhoudingen in een juridische dynamiek verzeild waren geraakt) voordat de bouwwerkzaamheden waren gestart. Vanaf 2021 trok [DGA] dit project steeds meer naar zich toe, waardoor het voor bestuur en raad van commissarissen van Strukton lange tijd onduidelijk was hoe het project er voor stond: zij werden slechts op hoofdlijnen geïnformeerd. De gesprekken tussen [DGA] en het Rijksvastgoedbedrijf (“RVB”) bleken in 2023 in hoge mate te zijn geëscaleerd; de onderzoeker concludeert dat als [DGA] niet was geschorst, het RVB de overeenkomst met Strukton ten aanzien van dit project waarschijnlijk had ontbonden.
Voor het HSG-project (hoofdstation Groningen), met een aanneemsom van € 130 miljoen, bleek in juli 2024 een verlies begroot van € 124,5 miljoen. Volgens de onderzoeker kwam dat deels door fouten in de aanneemfase, waardoor bepaalde onderdelen van het project niet of te opportunistisch in de begroting zijn meegenomen, en deels door onvoorziene omstandigheden. Door een gebrekkige projectadministratie en terughoudendheid bij het projectteam om verliezen te melden kwamen deze verliezen pas later naar boven. In het bereiken van een schikking met ProRail voor compensatie voor deze verliezen heeft [DGA] een positieve rol gespeeld. Het project HSG is sedert de schorsing van [DGA] wel in rustiger vaarwater gekomen.
3.2.18
De onderzoeker beschrijft dat de samenwerking met [DGA] in de periode eind 2018/2019 veranderde. Dat had allereerst te maken met de toename van verliezen van Strukton en de hoeveelheid werk (ook voor Centric) die op het bord van [DGA] lag. Debet daaraan was ook het in de openbaarheid komen van het privéleven van [DGA] (het geschil met [ex-echtgenote] en alle procedures tegen haar en de rol van zijn nieuwe partner [echtgenote] ; in januari 2020 leidde dat zelfs tot Kamervragen over de wijze waarop Centric en Oranjewoud bestuurd werden) en de aandacht die dat van [DGA] vergde. De onderzoeker beschrijft dat [DGA] van medewerkers verwachtte dat zij problemen zouden oplossen, maar dat ook een steeds hogere drempel bij medewerkers ontstond om slechte financiële resultaten te melden, vanwege de van [DGA] te verwachten scherpe reactie. Samen met de stroeve samenwerking met [DGA] leidde dat tot het vertrek (door ontslag of op eigen initiatief) van een groot aantal medewerkers. Ook daardoor nam de druk op [DGA] toe, die vervolgens de aansturing van de gehele organisatie steeds verder naar zich toetrok, met weinig tot geen ruimte voor andere (niet-statutaire) bestuurders. In feite was [DGA] niet bereid tot een wezenlijke wijziging in de governance-structuur, noch op bestuurlijk, noch op toezichthoudend niveau. Weliswaar zijn in 2022 nieuwe commissarissen benoemd, maar [DGA] heeft zich tegenover de onderzoeker zeer kritisch over hen uitgelaten en verklaard dat hij hen nooit had moeten binnenhalen. De onderzoeker concludeert ten slotte dat na de schorsing van [DGA] als bestuurder van Centric door de Ondernemingskamer in november 2022, door veel personen is verklaard dat zij de samenwerking met [DGA] als zwaar hebben ervaren en dat geen fatsoenlijk gesprek meer met hem mogelijk was. [DGA] heeft sindsdien een groot aantal personen aansprakelijk gesteld, blijk gegeven van groot wantrouwen in de kennis en kunde van (voormalige) bestuurders, accountants en leden van de raad van commissarissen, en heeft diverse personen binnen de Strukton-organisatie ten onrechte gekwalificeerd als “oplichter”, “graaier” en “criminelen”.

4.De gronden van de beslissing

4.1
Verzoeksters hebben aan hun verzoek ten grondslag gelegd dat uit het verslag blijkt van wanbeleid bij Oranjewoud en Strukton Groep, waarvoor [DGA] verantwoordelijk is. Zij onderschrijven de conclusies van de onderzoeker. De COR ondersteunt de verzoeken en onderschrijft de daarvoor door Verzoeksters aangevoerde gronden, daaraan toevoegend dat er ook op het medezeggenschapsrecht gebaseerde gronden voor wanbeleid zijn. Bij herhaling zijn bestuurders door [DGA] ontslagen zonder tijdig advies van de COR te hebben ingewonnen.
4.2
[DGA] en [DGA Investments B.V.] hebben geen verweer gevoerd en de stellingen van Verzoeksters en de COR zijn daarom onweersproken gebleven.
4.3
De Ondernemingskamer overweegt als volgt.
Het onderzoeksverslag beschrijft een organisatie die al in 2019 te maken had met teruglopende resultaten en een onder druk staande liquiditeit. Er was in het bijzonder sprake van een aantal grote, verlieslatende projecten (het RIVM-gebouw, het Riyad Project en later kwam daar onder meer het hoofdstation Groningen bij). De onderzoeker heeft in het verslag gewezen op de gebreken in de AO/IC en de projectorganisatie die deze problemen in belangrijke mate hebben veroorzaakt. Voormalig accountant PwC en het bankenconsortium hebben bovendien bij herhaling gewezen op de achterliggende oorzaken van de financiële problemen bij de vennootschappen, te weten (met name) een gebrekkige financiële organisatie (veelal werd verwezen naar de noodzaak tot versterking van de “financiële kolom”) en een onevenwichtige governance (waarbij vooral werd gewezen op het ontbreken van voldoende
countervailing powerstegenover de bestuurder [DGA] die tevens nagenoeg alle aandelen Oranjewoud houdt). Het geeft al te denken dat accountant en bankenconsortium bij een onderneming een situatie aantreffen waarin dergelijke waarschuwingen moeten worden gegeven. Van een bestuurder mag in een dergelijke situatie worden verlangd dat aan de (terechte) waarschuwingen zonder meer gevolg wordt gegeven en dat hij doet wat nodig is om de interne organisatie (in het bijzonder de financiële verslaglegging) te verbeteren, het bestuur te versterken (vooral met financiële deskundigheid) en het toezicht op het bestuur te vergroten. Ook de raad van commissarissen heeft bij [DGA] als bestuurder herhaaldelijk aandacht gevraagd voor deze problemen. Uit het onderzoeksverslag volgt echter dat [DGA] niets met deze waarschuwingen en adviezen heeft gedaan. Dat klemt temeer, omdat voor [DGA] toen al duidelijk moet zijn geweest dat niet-ingrijpen het risico met zich bracht dat de accountant en de banken hun relatie met Oranjewoud en Strukton zouden beëindigen, met alle (continuïteits-)risico’s voor Oranjewoud en Strukton van dien.
4.4
In februari 2019 vond de FIOD-inval bij Strukton plaats. Uit het onderzoek komt naar voren dat er wat [DGA] gedrag betreft duidelijk een periode vóór en ná de FIOD-inval is. In de periode na de inval is [DGA] vertrouwen in de overheid, naar talloze geïnterviewden tegenover de onderzoeker hebben verklaard, sterk gedaald en in zijn gedrag gaf hij daarvan ook blijk. In die periode ontstonden ook zijn problemen met zijn ex-partner [ex-echtgenote] die tot talloze rechtszaken leidden. Bij deze (privé-)problemen heeft Sandrink Strukton betrokken, door zijn verklaring over die problemen op de website van Strukton te zetten en het Lumen Lawyers-rapport onder een grote groep Strukton-medewerkers te verspreiden. Dat was op geen enkele wijze in het belang van Strukton of Oranjewoud, integendeel. De rechtbank Overijssel heeft in juni 2023 geoordeeld dat Strukton hier onrechtmatig jegens [ex-echtgenote] heeft gehandeld en heeft Strukton veroordeeld tot schadevergoeding aan [ex-echtgenote] , nader op te maken bij staat.
4.5
De raad van commissarissen van de vennootschappen is in de periode 2019/2020 verzwakt, om redenen die alle terug te voeren zijn op ondoordacht en irrationeel handelen van [DGA] . Zo hielden de beweegredenen van Van Zeeland om terug te treden verband met de beslissing van [DGA] om de voltallige directie van Centric vrijwel in één keer weg te sturen, waardoor [DGA] zelf voor de onmogelijke taak kwam te staan om leiding te geven aan Centric, Strukton en Oranjewoud, en met de – in belangrijke mate door [DGA] veroorzaakte – slechte relatie met de accountant. [RvC-lid 5] , de opvolger van Van Zeeland, vertrok omdat [DGA] om onnavolgbare redenen ineens het vertrouwen in [RvC-lid 6] opzegde. [RvC-lid 5] noemde het gedrag van [DGA] met betrekking tot [RvC-lid 6] tegenover de onderzoeker “een volstrekt onzakelijk besluit”. Door het vertrek van [RvC-lid 5] bestond de raad van commissarissen vanaf februari 2020 uit slechts twee personen. Dat was met betrekking tot Oranjewoud in strijd met de eisen die voor een beursfonds gelden en met haar statuten. Ook in zoverre had het optreden van [DGA] toen al een negatieve weerslag op de governance van Oranjewoud en Strukton.
4.6
PwC heeft in het feit dat de governance bij Oranjewoud en Strukton niet werd versterkt, de financiële kolom zwak bleef en de AO/IC niet zichtbaar verbeterde, aanleiding gezien de dienstverlening definitief te beëindigen, waardoor de vennootschappen zich geplaatst zagen voor de heikele opdracht onder zeer netelige omstandigheden een nieuwe accountant te vinden. Het bankenconsortium heeft de kredietfaciliteit opgezegd; dat is intern bij Oranjewoud begrijpelijkerwijze opgevat als een bedreiging voor de continuïteit. De afhankelijkheid van Oranjewoud van haar aandeelhouder als financier werd daarmee alleen maar groter.
4.7
Bij het verbreken van de banden door PwC en het bankenconsortium speelde ook de FIOD-kwestie een rol, alsmede de negatieve media-aandacht over de persoon [DGA] . De weinig doordachte wijze waarop [DGA] optrad in de kwestie van [ex-echtgenote] had vanaf 2019 tot de nodige onrust en media-aandacht omtrent zijn persoon geleid.
4.8
In januari 2021 zag de raad van commissarissen daarin aanvankelijk aanleiding om [DGA] te vragen terug te treden als bestuurder. Ook de banken drongen erop aan dat [DGA] als bestuurder zou terugtreden. [DGA] bleef uiteindelijk op verzoek van de raad van commissarissen toch aan bij Oranjewoud en werd bij Strukton tijdelijk vervangen door [CFO Strukton-1] . Daardoor zijn de governance-problemen niet, laat staan definitief, opgelost. In juni 2021 keerde [DGA] bij Strukton terug als beletfunctionaris en in oktober 2021 werd hij weer ingeschreven als enig bestuurder van Strukton. Een en ander hield rechtstreeks verband met het feit dat [DGA] op 31 mei 2021 opeens, zonder de daarvoor geldende procedurele voorschriften te volgen, en zonder goede reden had besloten [CFO Strukton-1] per direct te schorsen als bestuurder van Strukton. Daardoor ontstond een leemte in het bestuur; de raad van commissarissen heeft [DGA] toen gevraagd terug te keren als beletfunctionaris. Of daarvoor ook een andere, geschikte(re), persoon had kunnen worden gekozen, is onduidelijk; uit het onderzoeksverslag volgt vooral dat de raad van commissarissen probeerde de ontstane problemen samen met [DGA] op te lossen. Vast staat wel dat de problemen met betrekking tot de governance van Oranjewoud en Strukton ook in deze periode nadrukkelijk zijn voortgezet.
4.9
Dat geldt temeer omdat [DGA] kort voor het ontslag van [CFO Strukton-1] , wederom plotseling, had besloten de beoogde versterking van de raad van commissarissen van Oranjewoud en Strukton met [RvC-lid 9] af te blazen. De timing daarvan is klemmend. De twee personen waaruit de raad van commissarissen van Oranjewoud bestond, zouden per ultimo medio 2021 vertrekken. [DGA] liep dus het gerede risico dat Oranjewoud en Strukton volledig zonder raad van commissarissen zou komen te zitten. Het effectieve toezicht op het bestuur van Oranjewoud en Strukton – en daarmee op [DGA] – werd dus niet versterkt (zoals geëist door PwC, Mazars die als nieuwe accountant in beeld was, en het bankenconsortium), maar werd door het eigen handelen van [DGA] juist verder verzwakt. Dat de twee zittende commissarissen hun positie zijn blijven vervullen, lijkt hun eigen keuze te zijn geweest, die zij in het belang van de vennootschappen hebben gemaakt. Uit het onderzoeksrapport leidt de Ondernemingskamer af dat hun inspanningen in belangrijke mate hebben bijgedragen aan het feit dat in de eerste helft van 2022 een nieuwe raad van commissarissen is aangetreden.
4.1
De overeenkomst met [interim-CFO 1] , die sedert juni 2021 als niet-statutair CFO fungeerde, is rond september 2022 door [DGA] opgezegd, net als bij [CFO Strukton-1] zonder vooroverleg met de – toen uit net nieuw benoemde leden bestaande – raad van commissarissen. Dat kwam op een zeer onhandig moment, omdat Mazars midden in het controleproces van de jaarrekening 2020 zat. Van enigerlei goede reden om de overeenkomst met [interim-CFO 1] op dat moment te beëindigen is niet gebleken. Ook hier heeft [DGA] de belangen van Oranjewoud en Strukton genegeerd.
4.11
[DGA] heeft in 2023 de relatie met accountantskantoor Mazars op onacceptabele wijze op het spel gezet. Blijkbaar was dat het gevolg van de positie die dit kantoor innam met betrekking tot het dividendverbod dat (volgens Mazars, en anders dan eerder door PwC en CMS was geadviseerd) onder de NOW-regels van toepassing was op [DGA Investments B.V.] . Mazars constateerde dat het jaarrekeningenrecht prevaleert en dat [DGA Investments B.V.] een geconsolideerde jaarrekening opstelt. Uit het onderzoeksverslag blijkt dat de beschuldigingen van [DGA] aan het adres van Mazars (en [interim-CFO 2] ) dat hij bij het terugdraaien van de dividenduitkering zou zijn misleid en dat informatie van hem zou zijn weggehouden, onjuist en ongegrond waren. Door de bejegening door [DGA] van accountant Opzitter en [DGA] aansprakelijkstelling van het kantoor Mazars hing de relatie van de vennootschappen met Mazars aan een zijden draad; het is slechts aan de schorsing van [DGA] door de raad van commissarissen te danken dat Mazars de dienstverlening aan Oranjewoud en Strukton toen niet direct heeft beëindigd. Tekenend is in dat verband dat Mazars de relatie met [DGA Investments B.V.] wel direct heeft beëindigd. Ook hier heeft [DGA] als bestuurder zonder goede grond gedrag vertoond dat, als niet zou zijn ingegrepen, tot grote schade bij de vennootschappen zou hebben geleid.
4.12
Op de dag dat [DGA] Opzitter onheus bejegende heeft hij tevens [interim-CFO 2] , die na [interim-CFO 1] als niet-statutair CFO was benoemd, op staande voet ontslagen. Ook daarvoor bestond geen reële grond zodat ook die handeling in strijd met de belangen van Oranjewoud en Strukton was.
4.13
In de periode na [DGA] schorsing als bestuurder van Centric heeft de raad van commissarissen pogingen ondernomen om met [DGA] afspraken te maken over versterking van de governance (met name werd aangedrongen op benoeming van een “rechterhand” van [DGA] , om hem operationeel te ondersteunen) en over de financiële afronding van een aantal grote verlieslatende projecten die een bedreiging vormden voor de cashpositie van Strukton. [DGA] heeft die pogingen genegeerd. Hij heeft slechts aandacht gevraagd voor de kwestie rondom de Intra Group Loan Agreement/de NOW-kwestie (zie 4.11), waarbij hij – geheel ten onrechte – sprak over bedrog. [DGA] heeft niet gereageerd op verzoeken van de raad van commissarissen om over de levensgrote problemen voor de vennootschappen in overleg te treden. Daarbij komt nog dat hij Strukton op de zitting op 16 maart 2023 heeft vertegenwoordigd zonder daarover de raad van commissarissen of de juridische afdeling van Strukton te informeren en hij toen op last van de rechter uit de zaal is verwijderd. Vervolgens is [DGA] op 17 maart 2023 door de raad van commissarissen geschorst.
4.14
De slotsom luidt dat in de gehele onderzoeksperiode [DGA] als bestuurder keer op keer de belangen van zijn vennootschappen heeft genegeerd, hetzij door actief handelen (zoals het ontslaan/schorsen/opzeggen) van bestuurders (daarbij bovendien verplichtingen op grond van de WOR negerend) en het betrekken van Strukton bij zijn geschil met [ex-echtgenote] , hetzij door nalaten (zoals het niet versterken van de AO/IC, het niet versterken van de “financiële kolom” en de raad van commissarissen, het negeren van de adviezen van zijn commissarissen en van externe stakeholders). Wat het gedrag van [DGA] des te laakbaarder maakt is dat [DGA] in toenemende mate onvoorspelbaar, irrationeel en eigenmachtig is opgetreden en zich in zijn gedrag in de onderzoeksperiode op generlei wijze heeft (willen) laten beïnvloeden door medebestuurders of commissarissen. Een aandeelhouder/bestuurder van een vennootschap dient zich echter rekenschap te geven van zijn wettelijke en statutaire verplichtingen en daaraan op een integere wijze gevolg te geven; hij kan niet met de vennootschap doen wat hij wil op de enkele grond dat het “zijn” vennootschap is. Juist in een constellatie als de onderhavige, met een enig bestuurder tevens grootaandeelhouder, is een solide governance en een waarachtige invulling van
countervailing powerscruciaal, temeer gezien de omvang en maatschappelijk belang van de vennootschappen. [DGA] heeft echter alle suggesties van commissarissen om de organisatie en de governance van Oranjewoud en Strukton te verbeteren naast zich neergelegd en daarmee hun speelveld, dat door de positie van [DGA] als bestuurder én grootaandeelhouder al complex was, verder verkleind. [DGA] heeft door zijn optreden zelf verhinderd dat zijn ondernemingen goed werden bestuurd. Dat heeft een dieptepunt bereikt in de laatste maanden dat [DGA] bestuurder was en waarin, naar uit de verklaringen van betrokkenen is gebleken, geen goed gesprek meer met hem mogelijk was.
4.15
Met betrekking tot de drie onderzochte projecten volgt uit het onderzoeksverslag dat de gebrekkige projectadministratie en -organisatie een van de oorzaken van de verlieslatendheid van die projecten en daarmee van Strukton vormde. [DGA] heeft geen zichtbare actie ondernomen om die problemen daadwerkelijk het hoofd te bieden. Wel heeft hij de regie naar zich toegetrokken: dat is een enkele keer behulpzaam geweest bij het komen tot een oplossing (hoofdstation Groningen) maar heeft een oplossing ook in de weg gestaan (RIVM). [DGA] weigering om het Riyad Project met gesloten beurzen te schikken (waarop intern al in oktober 2022 werd aangedrongen) heeft in ieder geval ertoe geleid dat Strukton tot medio 2023 heeft moeten wachten op het vrijvallen van de door haar verstrekte zekerheden. Ook hier is een patroon zichtbaar van eigenmachtig handelen, zonder reflectie op de vraag of dat handelen ook werkelijk in het belang van de onderneming is.
4.16
[DGA] heeft geen verweer gevoerd in de onderhavige procedure, zodat zijn beweegredenen om zich te gedragen zoals hij deed slechts kunnen worden beoordeeld voor zover het onderzoeksverslag daar licht op werpt. De laatdunkende uitlatingen die [DGA] tegenover de onderzoeker heeft gedaan over zijn commissarissen, (ex-) bestuurders en medewerkers doen vermoeden dat zijn vertrouwen in (de vaardigheden en intenties van) deze personen zeer gering was. Uit het onderzoeksverslag blijkt echter geen objectief gegronde reden voor dat geringe vertrouwen.
4.17
Het hiervoor beschreven handelen van [DGA] kan niet anders worden gekarakteriseerd dan als strijdig met elementaire beginselen van verantwoord ondernemingsbestuur. De slotsom moet daarom luiden dat er sprake is geweest van wanbeleid bij Oranjewoud en Strukton in de onderzoeksperiode en dat [DGA] daarvoor als bestuurder verantwoordelijk is.
Voorzieningen
4.18
Verzoeksters hebben allereerst verzocht om [DGA] als bestuurder van de vennootschappen te ontslaan. Zij hebben aangevoerd dat de terugkeer van [DGA] een reële bedreiging vormt voor de vennootschappen. Dat is niet alleen omdat uit het onderzoeksverslag blijkt dat [DGA] , ook gezien zijn publieke uitingen, niet (meer) in staat geacht moet worden om deze ondernemingen te leiden, maar ook omdat de accountant en de huidige projectfinancier te kennen hebben gegeven slechts voor de vennootschappen te willen werken zolang er geen enkele invloed van [DGA] is en contractueel hebben bedongen de relatie direct te kunnen beëindigen als [DGA] weer op enige wijze invloed op of binnen de vennootschappen krijgt.
4.19
De COR heeft dit verzoek ondersteund en daaraan toegevoegd dat er sinds het ingrijpen door de Ondernemingskamer sprake is van rust, stabiliteit, herstel van vertrouwen en constructieve samenwerking met het huidige bestuur. Een terugkeer van [DGA] kan deze vooruitgang weer teniet doen.
4.2
De Ondernemingskamer is van oordeel dat het belang van de vennootschappen tot het ontslag van [DGA] noopt. Gegeven de omvang van het wanbeleid zoals dat in deze beschikking is vastgesteld en het feit dat [DGA] daarvoor verantwoordelijk is, is diens ontslag als bestuurder reeds een passende maatregel. Uit de uitlatingen die [DGA] blijkens het onderzoeksverslag heeft gedaan kan in het geheel niet worden afgeleid dat hij (inmiddels) zelf inziet dat, en in welke mate, hij heeft bijgedragen aan de bij Oranjewoud en Strukton ontstane problemen: hij wijt die problemen (ten onrechte) geheel aan andere bestuurders, directeuren en commissarissen en aan de accountant en verwijt hen incompetentie en verkeerde motieven. Ook dat brengt mee dat het bestuur van de vennootschappen bij [DGA] niet (meer) in goede handen is. Verder is van belang dat de terugkeer van [DGA] in de organisatie de perspectieven op herstel van Oranjewoud en Strukton ernstig bedreigt. Uit het onderzoeksverslag volgt dat Mazars te kennen heeft gegeven de controleopdracht terug te zullen geven zodra [DGA] weer als bestuurder zou terugkeren; als dat scenario zich ontvouwt, is nagenoeg zeker dat Oranjewoud en Strukton niet langer toegang zullen hebben tot een accountant die de jaarrekeningen kan controleren, met alle risico’s van dien voor hun continuïteit. Gevreesd moet worden dat ook andere stakeholders (in het bijzonder financiers) de relatie met de vennootschappen zullen beëindigen als [DGA] terugkeert. De Ondernemingskamer heeft in het belang van de vennootschappen dan ook geen andere keuze dan het verzoek tot ontslag van [DGA] als bestuurder toe te wijzen.
4.21
Verzoeksters hebben (daarin gesteund door de COR) voorts verzocht de overdracht ten titel van het beheer van de aandelen van [DGA Investments B.V.] in Oranjewoud (minus één) voor een periode van vijf jaren te handhaven. Zij hebben hun verzoek als volgt toegelicht. Er is bijzonder hard gewerkt aan versterking van de organisatie en van het bestuur van de vennootschappen. Dat is uiteindelijk gelukt. De achterstand in de controle van de jaarstukken is volledig ingelopen en de jaarstukken tot en met 2024 zijn inmiddels opgemaakt en van een goedkeurende verklaring van Mazars voorzien. Bij Oranjewoud is het volledige structuurregime ingevoerd en zijn twee additionele commissarissen benoemd. Na een interim-fase, waarin [RvC-lid 9] optrad als interim-CEO, is per 1 maart 2025 [CEO Strukton 3] benoemd tot CEO van Strukton en is per 1 mei 2025 [CFO Strukton 2] benoemd tot CFO van Strukton. Voor de aandeelhoudersvergadering van 16 juli 2025 is benoeming van een nieuwe bestuurder van Oranjewoud geagendeerd, te weten [bestuurder Oranjewoud] . Hun moet de gelegenheid worden geboden in alle rust een nieuwe strategie te ontwikkelen en te implementeren. Verder is de solvabiliteit van de vennootschappen weliswaar verbeterd, maar nog onvoldoende om zelfstandig
bankablete zijn: op dit moment moet Strukton noodgedwongen gebruikmaken van (dure)
direct lending. Na de schorsing van [DGA] is gebleken dat de positie van Oranjewoud en Strukton veel penibeler was dan tevoren werd ingeschat. Los van de drie door de onderzoeker onderzochte projecten bleken er meer projecten zeer verlieslatend. De enige keuze was om die projecten af te ronden, ondanks de verliezen. Uiteindelijk is het gelukt om de onderliggende business van Strukton rendabel te maken. Met het Openbaar Ministerie is een (voorwaardelijke) schikking getroffen met betrekking tot het Riyad Project. De focus ligt nu op voortzetting van Strukton onder het nieuwe bestuur. Voor werknemers en klanten van de vennootschappen is het van groot belang dat deze ontwikkelingen niet worden verstoord. Wat de klanten betreft, is van belang dat de door Strukton afgesloten (onderhouds-)contracten voor een termijn van 5 jaar plegen te worden gesloten en dat de bouwprojecten van Strukton een looptijd van 5-10 jaar hebben. Klanten moet de zekerheid worden geboden dat gedurende de looptijd van de contracten de situatie binnen Strukton stabiel blijft.
4.22
De Ondernemingskamer is van oordeel dat de gevraagde duur voor de voortzetting van de overdracht van de aandelen van [DGA Investments B.V.] ten titel van beheer weliswaar uitzonderlijk lang is, maar dat die lange duur onder de bijzondere omstandigheden van dit geval geboden is. Zij zal het verzoek daarom toewijzen als verzocht.
4.23
Omdat alle kosten van deze procedure ten laste komen van Oranjewoud en/of Strukton en [DGA] en [DGA Investments B.V.] inhoudelijk geen verweer hebben gevoerd, ziet de Ondernemingskamer geen aanleiding een kostenveroordeling uit te spreken.

5.De beslissing

De Ondernemingskamer:
verstaat dat in de periode van 1 januari 2019 tot 26 april 2023 sprake was van wanbeleid bij Oranjewoud N.V. en Strukton Groep N.V.;
verstaat dat [DGA] verantwoordelijk is voor het wanbeleid;
ontslaat met onmiddellijke ingang [DGA] als bestuurder van Oranjewoud N.V. en als bestuurder van Strukton Groep B.V.;
bepaalt dat de door [DGA Investments B.V.] gehouden aandelen in Oranjewoud N.V. met uitzondering van één aandeel met onmiddellijke ingang ten titel van beheer zijn overgedragen aan mr. dr. M. Holtzer te Amsterdam voor de duur van vijf jaren vanaf heden;
bepaalt dat het salaris en de kosten van deze beheerder voor rekening komen van Oranjewoud N.V. en bepaalt dat Oranjewoud N.V. voor de betaling daarvan ten genoegen van de beheerder zekerheid dient te stellen vóór de aanvang van zijn werkzaamheden;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af hetgeen meer of anders is verzocht.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.C. Meijer, voorzitter, en mr. W.A.H. Melissen en mr. A.P. Wessels, raadsheren, en prof. dr. mr. A.J.C.C.M. Loonen en mr. drs. F. Marring RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.C.W. Wijffels, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. C.C. Meijer op 11 december 2025.