Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.Tenlastelegging
hij op 6 juli 2021 te Amsterdam samen met anderen P.R. de Vries heeft vermoord;
subsidiair
hij in de periode van 23 juni 2021 tot en met 6 juli 2021 samen met anderen medeplichtig is geweest aan het medeplegen van de moord op Peter R. de Vries;
hij op 6 juli 2021 in Nederland samen met anderen een pistoolmitrailleur, een getransformeerd pistool en munitie voorhanden heeft gehad.
3.Vonnis van de rechtbank
4.Onderzoeken Iraklia en Hendon
5.Beoordeling van het bewijs
- [telefoonnummer 1] in gebruik bij [medeverdachte 1] ;
- [telefoonnummer 2] (Matrix id) in gebruik bij [medeverdachte 1] ;
- [telefoonnummer 3] in gebruik bij [verdachte] ;
- [telefoonnummer 4] in gebruik bij [verdachte] ;
- [telefoonnummer 5] in gebruik bij [verdachte] ;
- [telefoonnummer 2] (Matrix id) in gebruik bij [verdachte] ;
- [telefoonnummer 6] in gebruik bij [medeverdachte 2] ;
- [telefoonnummer 7] in gebruik bij [medeverdachte 2] ;
- [telefoonnummer 8] (Matrix-id) in gebruik bij [medeverdachte 2] ;
- [telefoonnummer 9] in gebruik bij [medeverdachte 2] ;
- [telefoonnummer 10] (Matrix-id) in gebruik bij [medeverdachte 2] ;
- [telefoonnummer 11] in gebruik bij [medeverdachte 3] ;
- [telefoonnummer 12] in gebruik bij [medeverdachte 3] ;
- [telefoonnummer 2] (Matrix id) in gebruik bij [medeverdachte 3] .
6.Bewezenverklaring
hij op 6 juli 2021 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk en met voorbedachten rade, P.R. de Vries van het leven heeft beroofd door met een vuurwapen in het hoofd van P.R de Vries te schieten, ten gevolge waarvan hij op 15 juli 2021 is overleden;
hij op 6 juli 2021 in Amsterdam, tezamen en in vereniging met anderen, voorhanden heeft gehad
7.Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
8.Strafbaarheid van de verdachte
- i) de verklaring van de getuige 5089, die van [medeverdachte 2] gehoord heeft dat [verdachte] moest chauffeuren omdat hij ‘te veel wist’ en dat [verdachte] zou worden gedood als hij dat niet deed.
- ii) berichtenwisselingen van september 2021 tussen [medeverdachte 2] en ‘ [chatnaam 1] ’ en ‘ [chatnaam 2] ’. Uit deze berichtenwisselingen volgt dat er zware druk is uitgeoefend op [medeverdachte 2] om strafbare feiten te plegen, waardoor volgens de verdediging de verklaring van [verdachte] dat hij onder zware druk stond om te chauffeuren ook aannemelijk is.
9.Benadeelde partij
immateriële schade (totaal)€ 57.500,00
materiële schade (totaal)€ 1.894,52
- enkele hoofdstukken uit het boek dat zij en De Vries aan het schrijven waren,
- een e-mailbericht met daarin een verklaring van een vriend over de innige relatie tussen de benadeelde partij en De Vries,
- een WhatsApp bericht aan een vriend waarin staat dat zij door De Vries ten huwelijk is gevraagd,
- een WhatsApp bericht over het bezichtigen van een woning,
- een condoleancekaartje van een makelaar en
- een WhatsApp-gesprek van De Vries aan een vriend waarin hij schrijft hoe veel hij van haar houdt.
- de aard, de toedracht en de gevolgen van de jegens het primaire slachtoffer gepleegde onrechtmatige daad, waaronder de intentie van de dader en de aard en ernst van het aan het primaire slachtoffer toegebrachte leed;
- de wijze waarop het secundaire slachtoffer wordt geconfronteerd met de jegens het primaire slachtoffer gepleegde onrechtmatige daad en de gevolgen daarvan. Daarbij kan onder meer worden betrokken of hij door fysieke aanwezigheid of anderszins onmiddellijk kennis kreeg van het onrechtmatige handelen jegens het primaire slachtoffer, of dat hij nadien met de gevolgen van dit handelen is geconfronteerd. Bij een latere confrontatie kan een rol spelen in hoeverre dit onverhoeds was;
- de aard en hechtheid van de relatie tussen het primaire slachtoffer en het secundaire slachtoffer.
10.Oplegging van straf
11.Beslag
12.Toepasselijke wettelijke voorschriften
13.BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
27 (zevenentwintig) jaren en 6 (zes) maanden.
teruggaveaan de verdachte van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:
teruggaveaan [persoon 4] van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
€ 38.222,41 (achtendertigduizend tweehonderdtweeëntwintig euro en eenenveertig cent) bestaande uit € 722,41 (zevenhonderdtweeëntwintig euro en eenenveertig cent) materiële schade en € 37.500,00 (zevenendertigduizend vijfhonderd euro) immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.