ECLI:NL:GHAMS:2025:3333

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
11 december 2025
Publicatiedatum
12 december 2025
Zaaknummer
23-001438-24
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep inzake de moord op Peter R. de Vries en drugshandel

In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 11 december 2025 uitspraak gedaan in hoger beroep tegen de verdachte, die betrokken was bij de moord op Peter R. de Vries en de handel in verdovende middelen. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier weken voor het aanwezig hebben van 34,6 gram cocaïne en 11,9 gram heroïne. De zaak betreft een complexe strafzaak waarin de verdachte werd beschuldigd van medeplichtigheid aan de moord op de bekende misdaadverslaggever Peter R. de Vries, die op 6 juli 2021 in Amsterdam werd neergeschoten. Het hof heeft vastgesteld dat de verdachte niet bewezen kon worden dat hij medeplichtig was aan de moord, maar wel dat hij opzettelijk verdovende middelen aanwezig had. De rechtbank had eerder de verdachte vrijgesproken van de moord, maar het hof heeft de eerdere uitspraak vernietigd en de verdachte veroordeeld voor het bezit van drugs. De zaak heeft veel media-aandacht gekregen vanwege de hoge profile van het slachtoffer en de betrokkenheid van meerdere verdachten in een criminele organisatie.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001438-24
datum uitspraak: 11 december 2025
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 12 juni 2024 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 71-268719-22 (hierna: zaak A) en 71-067992-23 (hierna: zaak B) tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,
adres: [adres 1] .

1.Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 23 en 24 oktober 2024, 6, 7, 8, 9, 27 en 30 oktober 2025 en 11 december 2025 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte en het openbaar ministerie hebben hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en zijn raadslieden en de advocaten van de benadeelde partij en de spreekgerechtigde nabestaanden naar voren hebben gebracht.

2.Tenlasteleggingen

De tenlastelegging is bij de rechtbank en in hoger beroep gewijzigd. Na deze wijzigingen is aan de verdachte (samengevat) tenlastegelegd dat:
Zaak A
1. primair
het in de periode van 23 mei 2021 tot en met 6 juli 2021 in Nederland in vereniging uitlokken van het medeplegen van de moord, al dan niet begaan met een terroristisch oogmerk, op Peter R. de Vries op 6 juli 2021 te Amsterdam;
1. subsidiair
hij in de periode van 23 mei 2021 tot en met 6 juli 2021 in Nederland in vereniging [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] heeft uitgelokt tot medeplichtigheid aan het medeplegen van de moord, al dan niet begaan met een terroristisch oogmerk, op Peter R. de Vries op 6 juli 2021 te Amsterdam;
1. meer subsidiair
hij in de periode van 23 mei 2021 tot en met 6 juli 2021 in Nederland in vereniging medeplichtig is geweest aan het medeplegen van de moord, al dan niet begaan met een terroristisch oogmerk, op Peter R. de Vries op 6 juli 2021 te Amsterdam;
1. meest subsidiair
hij in de periode van 11 juni 2021 tot en met 6 juli 2021 in Nederland in vereniging medeplichtig is geweest aan het medeplegen van de moord, al dan niet begaan met een terroristisch oogmerk, op Peter R. de Vries op 6 juli 2021 te Amsterdam;
1. uiterst subsidiair
hij in de periode van 11 juni 2021 tot en met 6 juli 2021 in Nederland in vereniging medeplichtig is geweest aan medeplichtigheid aan de moord, al dan niet begaan met een terroristisch oogmerk, op Peter R. de Vries op 6 juli 2021 te Amsterdam;
2.
primair
hij in de periode 1 april 2021 tot en met 31 augustus 2021 in Nederland heeft deelgenomen aan een criminele organisatie, bestaande uit verdachte, [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] , [medeverdachte 5] , [medeverdachte 6] , [medeverdachte 7] , [medeverdachte 8] , en/of met een of meer anderen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van (terroristische) misdrijven, te weten moord (met een terroristisch oogmerk), (zware) mishandeling met voorbedachten rade, heling en het voorhanden hebben van vuurwapens en munitie (begaan met een terroristisch oogmerk);
2. subsidiair
hij in de periode 1 april 2021 tot en met 31 augustus 2021 in Nederland heeft deelgenomen aan een criminele organisatie, bestaande uit verdachte, [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] , [medeverdachte 5] , [medeverdachte 6] , [medeverdachte 8] en/of met een of meer anderen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van (terroristische) misdrijven, te weten moord (met een terroristisch oogmerk), (zware) mishandeling met voorbedachten rade, heling en het voorhanden hebben van vuurwapens en munitie (begaan met een terroristisch oogmerk);
Zaak B
hij op 23 januari 2023 te Tilburg opzettelijk 34,6 gram cocaïne en 11,9 gram heroïne aanwezig heeft gehad.
De volledige tekst van de tenlastelegging is opgenomen in bijlage I van dit arrest en geldt als hier ingevoegd.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

3.Vonnis van de rechtbank

Het vonnis van de rechtbank zal om praktische redenen worden vernietigd.

4.Onderzoeken Iraklia en Hendon

Op 6 juli 2021 werd Peter R. de Vries neergeschoten in het centrum van Amsterdam. Op 15 juli 2021 overleed hij aan zijn verwondingen.
Binnen een uur na de moordaanslag werden de medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] aangehouden. Het opsporingsonderzoek naar hun betrokkenheid betreft het onderzoek Iraklia. Niet veel later is ook een onderzoek gestart naar mogelijk andere betrokkenen. Dat betreft het onderzoek Hendon. Naar aanleiding van dat onderzoek zijn op een veel later moment de medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 7] , [medeverdachte 5] , [medeverdachte 4] , [verdachte] , [medeverdachte 6] en [medeverdachte 3] aangehouden.
De rechtbank heeft uiteindelijk – nadat het onderzoek ter terechtzitting tegen de verdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] bijna was afgerond – de zaken tegen alle verdachten tegelijk behandeld. De strafzaken tegen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] hebbend daardoor wel extra lang geduurde. De rechtbank heeft de dossiers samengevoegd en ook processen-verbaal van de zittingen van de rechtbank over en weer gevoegd in de zaken tegen de verschillende verdachten. Het hof heeft dus de beschikking over één dossier. Op grond daarvan verwijt het openbaar ministerie de verdachten op verschillende manieren betrokken te zijn geweest bij de moord op De Vries en/of deelneming aan een criminele organisatie.
In hoger beroep heeft het openbaar ministerie zich op het standpunt gesteld dat de verdachte samen met anderen medeplichtig is geweest aan de moord op De Vries en dat hij heeft deelgenomen aan een criminele organisatie die tot doel had het plegen van zware geweldsmisdrijven, waaronder moord.
Het hof zal de vraag moeten beantwoorden of de verdachte daarvoor moet worden veroordeeld.
Voor de leesbaarheid worden de verdachte en de medeverdachten (ook) met naam genoemd.

5.Beoordeling van het bewijs

5.1
Identificatie telefoonnummers
In het dossier zijn verschillende telefoons en telefoonnummers beschreven. Uit de bewijsmiddelen volgt welke telefoon en welk telefoonnummer, op welk moment, in gebruik was bij een verdachte.
Het hof stelt vast dat de navolgende telefoonnummers en chatnamen in gebruik waren bij de daarachter genoemde verdachten. Hiertegen is geen verweer gevoerd.
  • [telefoonnummer 1] in gebruik bij [medeverdachte 5] ;
  • [telefoonnummer 2] in gebruik bij [medeverdachte 5] ;
  • [telefoonnummer 3] in gebruik bij [medeverdachte 4] ;
  • [telefoonnummer 4] in gebruik bij [medeverdachte 4] ;
  • [telefoonnummer 5] in gebruik bij [medeverdachte 4] ;
  • [telefoonnummer 6] in gebruik bij [medeverdachte 4] ;
  • [telefoonnummer 7] (telio nummer) met persoonlijk TULP nummer [nummer] in gebruik bij [medeverdachte 6] ;
  • [telefoonnummer 8] in gebruik bij [verdachte] ;
  • [telefoonnummer 9] in gebruik bij [medeverdachte 3] ;
  • [chatnaam 1] , [chatnaam 2] en [chatnaam 3] – chatnamen [medeverdachte 8] .
5.2
Feiten en omstandigheden
Op grond van de inhoud van het dossier en wat ter terechtzitting is besproken stelt het hof de volgende feiten en omstandigheden vast die voor de beoordeling van die beschuldiging relevant zijn.
RTL Boulevard is een televisieprogramma dat elke werkdag van 18.35 tot ongeveer 19.30 uur wordt opgenomen en live op de televisie wordt uitgezonden. De studio van RTL Boulevard ligt aan het Leidseplein in Amsterdam. De achteruitgang ligt aan de Lange Leidsedwarsstraat. Tegenover deze uitgang ligt de nooduitgang van een McDonalds. Deze McDonalds is gevestigd aan de Leidsestraat. Peter R. de Vries was zeer regelmatig te gast bij RTL Boulevard. Op dinsdag 6 juli 2021 is De Vries rond 19:30 uur kort na een gastoptreden bij RTL Boulevard neergeschoten op de Lange Leidsedwarsstraat in Amsterdam. Hij verliet kort daarvoor de studio van RTL Boulevard via de achteruitgang. De Vries was op weg naar zijn auto die geparkeerd stond in parkeergarage De Hoofdstad. Op 15 juli 2021 is De Vries aan zijn schotverwondingen overleden.
De Vries was een bekende misdaadverslaggever. Ook stond hij als adviseur en vertrouwenspersoon de kroongetuige bij in het ‘Marengo proces’.
Het hof heeft het hierna over de moord op De Vries, omdat uit de bewijsvoering blijkt van een vooropgezet plan om De Vries van het leven te beroven, en daarmee van voorbedachte raad.
Gebeurtenissen voorafgaand aan de moord op De Vries
April 2021 – [medeverdachte 1] zoekt mensen om een journalist te volgen en dood te schieten
Uit de verklaring van de getuige 5089 volgt dat hij van [medeverdachte 1] had gehoord dat [medeverdachte 1] vanaf april 2021 op zoek was naar een journalist en iemand om de journalist dood te schieten. Vanaf mei 2021 werden er foto’s van de journalist gemaakt en werd er achter hem aan gereden. [medeverdachte 1] heeft dit aan de getuige 5089 gevraagd en ook aan [getuige] . Vanaf juni 2021 was [medeverdachte 2] bezig met het volgen van de journalist om hem dood te schieten. [medeverdachte 1] zou dit doen voor ‘oom’, een Marokkaanse man voor wie hij werkte en die in de gevangenis zat. De journalist moest worden doodgeschoten omdat hij samenwerkte met de kroongetuige in een zaak tegen de Marokkaanse man. Daarvoor hadden ze de broer van de kroongetuige doodgeschoten en nu zou de journalist aan de beurt zijn.
[getuige] heeft verklaard dat [medeverdachte 1] hem, ongeveer twee maanden voordat De Vries is neergeschoten, heeft gevraagd om een paar foto’s te maken van een meneer die uit een kantoorpand kwam. [getuige] kwam er later achter dat het om De Vries ging. Nadat De Vries was neergeschoten, heeft hij van [medeverdachte 1] gehoord wat er is gebeurd (het hof begrijpt: dat [medeverdachte 1] betrokken was bij de moord). [medeverdachte 1] liep ermee te pronken, en ook over de man voor wie hij werkte en die hij ‘oom’ noemde.
Mei 2021– [medeverdachte 5] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 6] in [plaats]
De telefoons van [medeverdachte 6] , [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] stralen vanaf 10 mei 2021 zendmasten aan in [plaats] .
Op 28 mei 2021 komt de politie op het adres [adres 2] te [plaats] wegens geluidsoverlast. In de woning worden [medeverdachte 6] , [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] aangetroffen. [medeverdachte 6] wordt aangehouden in verband met een openstaande gevangenisstraf van 144 dagen.
Juni 2021 – aanwezigheid [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] in de omgeving van RTL Boulevard
De telefoon van [medeverdachte 5] straalt op 9 juni 2021 tussen 17:53 uur en 20:57 uur een zendmast aan die dekking geeft aan de omgeving van de studio van RTL Boulevard in Amsterdam. De telefoon van [medeverdachte 4] straalt om 20:56 uur dezelfde zendmast aan.
Op 11 juni 2021 voert [medeverdachte 6] vanuit de gevangenis een gesprek met [medeverdachte 5] . In het gesprek wordt onder meer het volgende gezegd:
[medeverdachte 6] : wat gaan jullie doen gaan jullie beginnen met werken?
[medeverdachte 5] : jaah we zijn gaan zitten kijken, maar we hadden je nodig maar jaah
Op 11 juni 2021 is [verdachte] samen met [persoon 1] (een ander dan de verdachte [medeverdachte 5] ) en [persoon 2] in Amsterdam. Zij bezoeken om 9:58 uur de McDonalds op de Leidsestraat in Amsterdam. Om 20:29 uur vertrekken zij bij de McDonalds.
21 tot en met 28 juni 2021 – [medeverdachte 2] moet De Vries doodschieten
De getuige 5089 heeft verklaard dat [medeverdachte 1] aan hem heeft verteld dat [medeverdachte 2] vanaf juni 2021 de journalist ging volgen om hem dood te schieten, maar dat hij waarschijnlijk bang was en dat [medeverdachte 1] iemand anders moest vinden. [medeverdachte 2] moest toen als chauffeur rijden.
[medeverdachte 2] heeft in hoger beroep, als getuige, verklaard dat hij op 21, 23, 24, 25, 27 en 28 juni 2021 in Amsterdam aanwezig was. Hij was daar om De Vries te doden en beschikte in dat verband over twee vuurwapens en een ‘Matrix telefoon’. Hij heeft gedurende die tijd De Vries drie keer gezien en is achter De Vries aangelopen nadat De Vries de studio van RTL Boulevard verliet. [medeverdachte 2] heeft ook verklaard dat hij niet de schutter wilde zijn, maar dat hij zich niet terug mocht trekken.
1 juli 2021 – aanwezigheid [verdachte] , [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] in omgeving RTL Boulevard
Op camerabeelden van 1 juli 2021 is te zien dat [verdachte] , [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] om 19:33 uur door de Leidsestraat lopen. Zij lopen langs de McDonalds op de kruising Leidsestraat en de Lange Leidsedwarsstraat, in de richting van het Leidseplein. Om 19:47 uur lopen zij langs de ingang van parkeergarage De Hooftstad. Zij kijken tijdens het voorbijlopen alle drie bij de parkeergarage naar binnen.
Twee minuten later, om 19:49 uur, voert [medeverdachte 6] vanuit de gevangenis een telefoongesprek met [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] . In het gesprek wordt het volgende gezegd:
[medeverdachte 6] : waar zijn jullie mee bezig. Met kijken naar werk?
[medeverdachte 4] : we zijn hier... “observation”
[medeverdachte 6] : “observation”
[medeverdachte 5] : ja, “observation” voor “celebration” om te kunnen blijven kloten
[medeverdachte 6] : het is zo meteen zover,..... een maand is al voorbij
(…)
[medeverdachte 6] : Hebben jullie al iets te doen gekregen?
[medeverdachte 5] : hoor je niet dat we op “observation voor celebration” zijn
[medeverdachte 6] : een andere of hetzelfde?
[medeverdachte 5] : op hetzelfde nog steeds
[medeverdachte 6] : hetzelfde
[medeverdachte 5] : jaah
[medeverdachte 6] : jullie beide zelf
[medeverdachte 5] : jaah (…)
Vervolgens is in het gesprek te horen dat [medeverdachte 4] op de achtergrond een ander telefoongesprek voert met een onbekende man, waarbij de telefoon op speaker staat. Het volgende wordt gezegd:
[medeverdachte 4] : ja, we hebben gezien wat je net gestuurd hebt.. die man is niet hier in de buurt toch?
Onbekende man: Nee, hij is niet hier in de buurt. Maandag en dinsdag...
1 juli 2021 was een donderdag. De maandag en dinsdag daaropvolgend was het 5 en 6 juli 2021.
Op 1 juli 2021 om 22:21 uur zijn in de telefoon van [verdachte] de zoektermen ingevoerd ‘wat speelt tussen peter r en kroongetuige nabil b’ en om 22:27 uur ‘peter r de vries beveiliging’.
In de telefoon van [verdachte] zijn op 2 en 3 juli 2021 de volgende zoektermen ingevoerd:
2 juli 2021 om 07:42 uur rtl boulevard adres
2 juli 2021 om 08:25 uur Leidseplein Amsterdam
2 juli 2021 om 08:26 uur Mcdonald's Amsterdam Leidsestraat
2 juli 2021 om 14:08 uur rtl boulevard peter r de vries
3 juli 2021 om 11:51 uur mcdonalds leidsestraat
3 juli 2021 om 12:07 uur parking de hoofdstad ingang en uitgangspunt
5 juli 2021 om 16:31 uur hoe laat begint boulevard
Bevindingen met betrekking tot de Renault Kadjar
Tussen 19 en 20 juni 2021 is een zilvergrijze Renault Kadjar met [kenteken 1] in Hoofddorp gestolen.
Deze Renault Kadjar heeft een infotainmentsysteem dat wordt ingeschakeld zodra het contact van de auto wordt ingeschakeld. Uit dit infotainmentsysteem blijkt dat de auto op verschillende tijdstippen tussen 21 en 27 juni 2021 is gestart. De auto staat dan telkens onder bereik van zendmasten die dekking geven aan de [adres 3] in Utrecht.
Op 27 juni 2021 is de auto om 01:52 uur gestart. De auto staat op dat moment nog steeds onder bereik van een zendmast die dekking geeft aan de [adres 3] in Utrecht. Om 02:12 uur staat het nummer van [persoon 3] , en om 02:29 uur het nummer van [medeverdachte 1] , ook onder bereik van een zendmast die dekking geeft aan de [adres 3] . [persoon 3] heeft verklaard dat hij en [medeverdachte 1] jeugdvrienden zijn.
Op 3 juli 2021 om 16:41 uur is het [kenteken 2] van een Renault Kadjar bevraagd door een politieambtenaar die zich op dat moment op de [adres 3] bevond.
Op 6 juli 2021 worden [medeverdachte 9] en [medeverdachte 2] aangehouden in de Renault Kadjar. Dit betreft de Renault Kadjar die rond 20 juni 2021 is gestolen in Hoofddorp. De Renault Kadjar is op dat moment voorzien van vervalste kentekenplaten met [kenteken 2] . Op de valse kentekenplaten zijn vingerafdrukken van [persoon 3] aangetroffen.
Het hof stelt vast dat de Renault Kadjar die rond 20 juni 2021 in Hoofddorp is gestolen, is ‘koud gezet’ op de [adres 3] in Utrecht en daarna is voorzien van de valse kentekenplaten.
5 juli 2021 – de dag voor de moord op De Vries
[medeverdachte 2] en [medeverdachte 7] rijden naar Alphen aan den Rijn om wapens te halen
Op 5 juli 2021 om 14:48 uur ontvangt [medeverdachte 1] van [persoon 4] een SMS-bericht met het telefoonnummer van [medeverdachte 7] . [medeverdachte 7] woonde op dat moment op de [adres 4] te Rotterdam.
Om 15:20 uur wordt de auto van [persoon 5] geregistreerd op de [adres 5] in Rotterdam in de richting van [adres 9] en één minuut later straalt het nummer van [persoon 5] een zendmast aan die dekking geeft aan de [adres 5] . Om 15:23 uur straalt het nummer van [medeverdachte 1] een zendmast aan in diezelfde omgeving en om 15:35 uur straalt het nummer van [medeverdachte 1] een zendmast aan die dekking geeft aan de [adres 4] in Rotterdam.
Om 16:05 uur stuurt [medeverdachte 1] naar [medeverdachte 2] een SMS-bericht met als inhoud: ‘ [adres 3] ’. Om 16:51 uur belt [medeverdachte 1] naar [medeverdachte 2] . Op dat moment maken beide nummers gebruik van zendmasten die dekking geven aan de [adres 3] in Utrecht. Om 16:56 uur wordt [persoon 5] gebeld en op dat moment staat zijn nummer eveneens onder bereik van een zendmast die dekking geeft aan de [adres 3] in Utrecht.
Om 17:01 uur wordt de Renault Kadjar gestart. Op dat moment staat de auto onder bereik van een zendmast die dekking geeft aan de [adres 3] .
Om 17:06 uur begint een chatgesprek tussen de Google Pixel telefoon met Matrix id-nummer eindigend op *1212 en de Google Pixel telefoon met Matrix id-nummer eindigend op*4299, waarvan het hof heeft vastgesteld dat deze bij [medeverdachte 1] in gebruik was. De volgende chatberichten – die zijn vertaald vanuit het Pools naar het Nederlands – worden op 5 juli 2021verstuurd:
17:06 uur
*1212:
Oké
17:10 uur
*1212:
Ik weet alles
17:17 uur
*1212:
Stuur me de foto’s
Allemaal
17:21 uur
*1212:
Van die lul
17:34 uur
*1212:
We zijn al aan het rijden
In de Google Pixel telefoon met het Matrix id-nummer eindigend op *1212 zijn drie fotobestanden aangetroffen waarop De Vries is te zien. Deze fotobestanden hebben de tijdstempels: 5 juli 2021 om 17:24 uur.
Op 5 juli 2021 om 17:38 uur maakt de Renault Kadjar een snelheidsovertreding op de N11 in Alphen aan den Rijn.
Het chatgesprek gaat verder. Er worden onder meer de volgende berichten verstuurd:
18:25 uur
*1212
We zijn er
18:34 uur
18:38 uur
18:43 uur
*1212
[medeverdachte 1]
[Ik] ga er naartoe
Maatje [ga] naar Golf 4 een zwarte zal [er] in zitten
[bedrijf]
18:44 uur
[medeverdachte 1]
Zilverkleurige Golf 4
18:49 uur
*1212
Ik zie
18:52 uur
[medeverdachte 1]
Maak in de auto een foto van wat je gekregen hebt
18:55 uur
[medeverdachte 1]
Maatje die ene is er niet jullie moeten morgen daar naar toe
18:55 uur
[medeverdachte 1]
Het wapen naar huis brengen en de auto achterlaten
18:58 uur
[medeverdachte 1]
Verdomme maar je moet niet met het wapen spelen
18:58 uur
[medeverdachte 7] :
Ik weet het
19:05 uur
[medeverdachte 7]
Luister er is geen demper
19:06 uur
[medeverdachte 7]
Kun je niet voor morgen regelen?
De Vries was op maandag 5 juli 2021 niet in de uitzending van RTL Boulevard.
[medeverdachte 7] heeft op de terechtzitting in hoger beroep, als getuige, verklaard dat hij op 5 juli 2021 is benaderd met de vraag of hij geld wilde verdienen voor een klus. Hij is die dag met een auto opgehaald vlakbij zijn woning in Rotterdam. In de auto is hem verteld dat de klus een liquidatie betrof. Hij ontving een Google Pixel telefoon met een pincode en een wachtwoord. In Utrecht is hij overgestapt in een andere auto. In deze auto zat één ander persoon die de auto bestuurde. Het was de bedoeling dat de liquidatie op 5 juli 2021 zou plaatsvinden. Hij is vervolgens met die andere persoon naar een plek gereden om wapens op te halen. Nadat de wapens in de auto lagen, heeft hij de Google Pixel telefoon gebruikt. Hij kreeg een bericht dat de liquidatie die dag niet doorging. Hij is naar huis gebracht en heeft de telefoon en de vuurwapens meegenomen. De dag daarop zou hij weer opgehaald worden om de liquidatie alsnog uit te voeren.
De getuige [persoon 5] heeft verklaard dat hij met [medeverdachte 1] (hof begrijpt: op 5 juli 2021) naar Rotterdam is gereden en dat zij daarna een Pool (het hof begrijpt: die in Rotterdam is ingestapt) hebben afgezet in Utrecht.
[medeverdachte 2] heeft op de terechtzitting in hoger beroep, als getuige, verklaard dat hij op 5 juli 2021 naar Alphen aan den Rijn is gereden om wapens op te halen. Hij zou vervolgens met iemand naar Amsterdam rijden, maar kreeg onderweg de opdracht dat het niet meer hoefde. Hij heeft de persoon toen afgezet en is met de auto naar Tiel gereden.
Het hof leidt uit het voorgaande af dat [medeverdachte 7] na het afhaken van [medeverdachte 2] als schutter de opdracht heeft gekregen De Vries dood te schieten. Hij is door [medeverdachte 1] en [persoon 5] van Rotterdam naar de [adres 3] in Utrecht gebracht. Onderweg heeft [medeverdachte 7] van [medeverdachte 1] de Google Pixel telefoon met Matrix id-nummer *1212 gekregen. In Utrecht is [medeverdachte 7] overgestapt in de gestolen Renault Kadjar die door [medeverdachte 2] werd bestuurd. [medeverdachte 7] en [medeverdachte 2] zijn vervolgens naar Alphen aan den Rijn gereden om vuurwapens op te halen. Tijdens de reis onderhield [medeverdachte 1] contact via de Google Pixel telefoon *4299 en gaf hij instructies. Het was de bedoeling om met de in Alphen aan den Rijn opgehaalde vuurwapens De Vries dood te schieten. Dat ging niet door omdat De Vries die dag niet bij RTL Boulevard te gast was.
[verdachte] , [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] rijden op 5 juli 2021 naar Amsterdam
Uit de historische verkeersgegevens van de telefoonnummers van [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] volgt dat zij in de middag van 5 juli 2021 in Rotterdam zijn. Om 17:00 uur is er een ANPR-registratie van de Peugeot 206 met [kenteken 3] (in gebruik bij [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] ), op de [adres 6] in Rotterdam. Het nummer van [medeverdachte 5] bevindt zich vervolgens om 18:38 uur in Tilburg, de woonplaats van [verdachte] .
Uit de ANPR-registraties volgt dat de Peugeot 206 om 19:19 uur over de A2 rijdt bij Vianen in de richting van Amsterdam. Vervolgens is de auto rond 20:00 uur in het centrum van Amsterdam en om 20:39 uur wordt de auto op de A1 bij Hoevelaken geregistreerd. Het telefoonnummer van [verdachte] straalt tussen 19:49 uur en 20:16 uur een zendmast aan in Amsterdam.
In de telefoon van [verdachte] zijn de volgende zoektermen ingevoerd:
5 juli 2021 om 15:40 uur Rotterdam tilburg
5 juli 2021 om 15:40 uur Apeldoorn
5 juli 2021 om 15:52 uur Amsterdam naar Apeldoorn
5 juli 2021 om 16:31 uur hoe laat begint rtl boulevard
5 juli 2021 om 19:44 uur mac leidseplein amsterdam
5 juli 2021 om 20:14 uur rtl boulevard gemist
5 juli 2021 om 21:33 uur broer nabil b geliquideerd
Het hof leidt hieruit af dat [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] op 5 juli 2021 met de Peugeot 206 vanuit Rotterdam naar Tilburg zijn gereden om [verdachte] op te halen. Zij zijn met zijn drieën naar Amsterdam gereden. Zij waren gedurende ongeveer een half uur in het centrum van Amsterdam.
6 juli 2021 - de dag van de moord op De vries
[medeverdachte 7] trekt zich terug als schutter en [medeverdachte 1] vindt iemand anders
Op 6 juli 2021 om 10:21 uur start het chatgesprek tussen de Google Pixel telefoon met Matrix id-nummer *1212, op dat moment in gebruik bij [medeverdachte 7] , en de Google Pixel telefoon met Matrix id-nummer *4299, in gebruik bij [medeverdachte 1] . De volgende berichten worden verstuurd:
10:21 uur
[medeverdachte 7]
Laat die vent [in het Pools: ‘ziomek’ – betekent letterlijk landgenoot] eerder komen
10:22 uur
[medeverdachte 7]
Zonder de uitlaatdemper is het een zeer linke boel het gaat zo tekeer dat de hele stad aan het trillen is
10:36 uur
[medeverdachte 1]
Hahaha maatje hij zal komen
Je kunt je nu niet terugtrekken
10:39 uur
[medeverdachte 7]
Je hebt helemaal niet gezegd dat dit het centrum is ik ben niet wanhopig als iets doen dan goed laat hem komen ik zal dit allemaal aan hem geven en kom even langs om te praten als je wilt ik zal je alles vertellen hoe het eruit ziet
10:50 uur
[medeverdachte 1]
Maatje ben je nu aan het dollen
10:50 uur
[medeverdachte 1]
Verdomme volgens mij wil je dat ze mij gaan gaan afschieten
10:53 uur
[medeverdachte 7]
Wat zeg je nou laat die vent [in het Pools: ‘ziomek’, betekent letterlijk: ‘landgenoot’] even langskomen hij wilde hij heeft slechts een chauffeur nodig dit moet anders gedaan worden zoals ik [het zie] nou zoals nu is het met alle zekerheid de gevangenis dit zeg ik eerlijk tegen je bek
10:54 uur
[medeverdachte 7]
Ik ben daar nergens aan geweest alles is zoals het was het mobieltje zal ik ook aan hem geven
10:58 uur
[medeverdachte 1]
Verdomme ik wist dat het zo zou gaan wat een tering zooi
Om 11:38 uur belt [medeverdachte 1] naar [medeverdachte 9] en vindt er een gesprek van 106 seconden plaats. Het nummer van [medeverdachte 1] staat op dat moment onder bereik van een zendmast die dekking geeft aan zijn woonadres in [woonplaats] . Het nummer van [medeverdachte 9] staat op dat moment onder bereik van een zendmast die dekking geeft aan zijn verblijfadres in Rotterdam.
Het chatgesprek tussen [medeverdachte 7] en [medeverdachte 1] vervolgt:
11:42 uur
[medeverdachte 1]
Ben je er
11:43 uur
11:44 uur
[medeverdachte 1]
Ik heb iemand die het gaat doen
Verdomme ik heb iemand gevonden die het gaat doen
11:45 uur
[medeverdachte 7]
Bek maar ik zeg het eerlijk tegen je het zou goed zijn als je een uitlaatdemper zou regelen
11:46 uur
[medeverdachte 1]
Jajaja de pot op
Ik heb iemand anders
Die dat gaat doen
11:46 uur
[medeverdachte 7]
Ik ben thuis
11:46 uur
[medeverdachte 1]
Maar je moet niet slapen
Hij zal het komen halen
11:46 uur
11:47 uur
[medeverdachte 7]
Geef een seintje
Ik zal wachten
13:21 uur
[medeverdachte 1]
Ben je er
13:43 uur
[medeverdachte 7]
Ik ben er
Ik ben aan het wachten
Ik was aan het douchen
14:55 uur
[medeverdachte 1]
Ik zal daar zijn vóór 4 [uur]
De auto van [persoon 5] wordt om 16:25 uur geregistreerd op de [adres 8] in Rotterdam.
Op 6 juli 2021 om 14:54 uur stuurt [medeverdachte 1] naar [medeverdachte 2] een SMS-bericht met de tekst ‘ [adres 7] Rotterdam’. [medeverdachte 1] heeft eerder die dag, om 13:26 uur, een bericht met daarin dit adres ontvangen van het nummer van [persoon 4] . Het adres is vlakbij de woning van [medeverdachte 7] .
Om 15:02 uur wordt de Renault Kadjar gestart, die op dat moment een zendmast in Tiel aanstraalt die gedeeltelijk hetzelfde dekkingsgebied heeft als de zendmast waar het nummer van [medeverdachte 2] om 14:53 uur aanstraalt. Om 16:09 uur belt [medeverdachte 1] naar [medeverdachte 2] . Op dat moment staat het nummer van [medeverdachte 2] onder bereik van een zendmast die dekking geeft aan de [adres 4] in Rotterdam. Eén van de laatste bestemmingen ingevoerd in het Automotive systeem van de Renault Kadjar is het adres [adres 9] in Rotterdam. Om 16:29 uur staat de Renault Kadjar onder bereik van een zendmast die dekking geeft aan de [adres 4] en het [adres 9] in Rotterdam.
De Google Pixel telefoon waarmee [medeverdachte 7] communiceert start om 16:00 uur een datasessie. De volgende berichten tussen [medeverdachte 7] en [medeverdachte 1] worden verstuurd:
16:02 uur
[medeverdachte 7]
Moet ik al naar buiten komen
16:03 uur
[medeverdachte 1]
nee
Blijf wachten
Ik ben er bijna
16:03 uur
[medeverdachte 7]
Kom naar dezelfde [plaats] als gisteren
16:05 uur
[medeverdachte 7]
Mocht er iets zijn dan zal ik naar buiten komen, nou ja [persoon 4] heeft je het adres gestuurd, de flat ernaast
16:05 uur
[medeverdachte 1]
Oké
16:05 uur
[medeverdachte 7]
Moet ik hem die telefoon geven
16:06 uur
[medeverdachte 7]
ook?
16:06 uur
[medeverdachte 1]
Ja
16:06 uur
[medeverdachte 7]
Oké stuur mij dan een berichtje als ik naar buiten moet komen
16:15 uur
[medeverdachte 1]
Waar is de benzine
16:15 uur
[medeverdachte 7]
In de auto
16:16 uur
[medeverdachte 7]
Moet dit allemaal meegenomen worden
16:17 uur
16:18 uur
[medeverdachte 1]
Ja maar blijf wachten
Ik zal je een berichtje sturen over hoeveel [tijd] je naar buiten moet komen
16:24 uur
[medeverdachte 1]
Die vent [letterlijk: 'landgenoot’] staat daar waar hij met hem had afgesproken
Gisteren
Op de hoek
16:25 uur
[medeverdachte 7]
Oké
Ik ga lopen
Moet ik alles aan hem geven
Met de telefoon?
16:25 uur
[medeverdachte 1]
Tal [geen bestaand Pools woord, had vermoedelijk moeten zijn: ‘ Tak’ - betekent: ‘Ja’]
En zeg ook wat het wachtwoord is
16:28 uur
[medeverdachte 1]
Ben je al met hem
Ik heb 3 minuten
16:32 uur
[medeverdachte 1]
Waar zijn jullie verdomme
Er is geen tijd
Om 16:33 uur belt [medeverdachte 1] naar [medeverdachte 2] . Beide nummers staan op dat moment onder bereik van een zendmast die dekking geeft aan de [adres 4] . Het nummer van [medeverdachte 9] staat om 16:41 uur eveneens onder bereik van een zendmast die dekking geeft aan de [adres 4] en het [adres 9] in Rotterdam.
Om 16:49: uur, wordt de Renault Kadjar geregistreerd op de [adres 8] in Rotterdam en vervolgens om 16:51 uur in de Maastunnel.
[medeverdachte 7] heeft verklaard dat hij op 6 juli 2021 in de ochtend met de Google Pixel telefoon een bericht heeft gestuurd waarin hij zich terugtrok als schutter. Hij moest de Google Pixel telefoon en vuurwapens toen teruggeven en heeft deze naar de auto gebracht.
De getuige [persoon 5] heeft verklaard dat hij op de dag van de moord [medeverdachte 1] heeft opgehaald en dat ze naar het huis van ‘ [medeverdachte 9] ’ zijn gegaan in Rotterdam, waar zij [medeverdachte 9] hebben opgehaald. Mensen noemen [medeverdachte 9] op straat ‘Demper’. [persoon 5] heeft [medeverdachte 9] van een foto herkend als de door hem bedoelde ‘Demper’. Vervolgens hebben zij met z’n drieën een kort ritje in Rotterdam gereden en daarna zijn [medeverdachte 1] en ‘Demper’ uitgestapt. [medeverdachte 1] is later weer bij hem ingestapt en toen zijn zij naar Tiel gegaan.
De bijnaam van [medeverdachte 9] is Demper.
Het hof stelt vast dat, nadat [medeverdachte 7] zich terug had getrokken als schutter, [medeverdachte 1] een andere schutter heeft gevonden: [medeverdachte 9] . [medeverdachte 1] is vervolgens met [persoon 5] meegereden naar Rotterdam. In Rotterdam hebben zij [medeverdachte 9] opgehaald en naar de omgeving van de [adres 4] en het [adres 9] gebracht. [medeverdachte 2] is met de gestolen Renault Kadjar ook naar de omgeving van de [adres 4] en het [adres 9] gereden. [medeverdachte 7] en [medeverdachte 2] hebben elkaar daar ontmoet. [medeverdachte 7] heeft de Google Pixel telefoon en de wapens aan [medeverdachte 2] gegeven. [medeverdachte 9] , zoals ook volgt uit de hierna te noemen feiten en omstandigheden, is bij [medeverdachte 2] in de Renault Kadjar gestapt.
[medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] gaan met de Renault Kadjar naar Amsterdam
Het chatgesprek tussen de beide Google Pixel telefoons gaat door. Het chatgesprek wordt zowel in de Poolse taal als de Nederlandse taal gevoerd. De Poolse berichten met nummer *1212 worden verstuurd door [medeverdachte 2] , zoals hij zelf heeft verklaard. De Nederlandse berichten door [medeverdachte 9] , concludeert het hof. In het gesprek worden de volgende berichten verstuurd, waarbij de Poolse berichten zijn vertaald naar het Nederlands.
Berichten in de Poolse taal
16:43 uur
[medeverdachte 1]
Geef hem de telefoon
Laat hem foto’s maken
Van het wapen/de wapens
En dat jullie de snelweg op gereden zijn
16:43 uur
[medeverdachte 2]
In de kofferbak
Ik ga zo direct ergens stoppen
16:44 uur
[medeverdachte 1]
Geef hem de telefoon
16:44 uur
[medeverdachte 1]
Ik zal het aan hem uitleggen
Berichten in de Nederlandse taal
16:44 uur
[medeverdachte 1]
Bro
Pak tel ff
16:44 uur
[medeverdachte 9]
Yo
16:44 uur
[medeverdachte 1]
Hij laat je zo zien waar die gaat wachten
Op je en van waar die man komt
16:45 uur
[medeverdachte 1]
Daar moet je hem doen
Maar echt doen bro
16:45 uur
[medeverdachte 9]
Ahaha komt goed komt goes
16:45 uur
[medeverdachte 1]
Leeg die ding op hem
16:47 uur
[medeverdachte 9]
Komt goed
16:47 uur
[medeverdachte 1]
Je gaat met die glock doen toch
16:47 uur
[medeverdachte 9]
Jaman
16:58 uur
[medeverdachte 1]
Afbeelding: foto van Peter R. de Vries
16:59 uur
[medeverdachte 1]
Afbeelding: foto van Peter R. de Vries
Deze hond
Moet je hebben
16:59 uur
[medeverdachte 9]
Siii
16:59 uur
[medeverdachte 1]
Aub doe het goed
Geld is er
Je krijg miss extra als je goed doet
16:59 uur
[medeverdachte 9]
Geen stress bro
17:00 uur
[medeverdachte 1]
Knal op zijn hoofd
17:00 uur
[medeverdachte 9]
Jaman KKK hard
17:00 uur
[medeverdachte 1]
Paar keer
17:00 uur
[medeverdachte 9]
Ahahahah
17:07 uur
[medeverdachte 9]
die waggie
Gaat later brande toch
17:07 uur
[medeverdachte 1]
Ja
Daar is benziwn
17:12 uur
[medeverdachte 1]
Zeg die pool jullie met 2 beter
17:14 uur
[medeverdachte 1]
Zeg tegen hem jullie mets 2 doen beter
Dan zeker lukken
17:14 uur
[medeverdachte 9]
Op hem knalle
17:15 uur
[medeverdachte 9]
ik doe hem solo bro
Ik finish dit
17:32 uur
[medeverdachte 1]
Aub verpest niet
17:33 uur
[medeverdachte 1]
Helemaal leeg
17:34 uur
[medeverdachte 9]
Broo ik schiet die kk ding helemaal door ze kk lichaam heen die vieze kk Hoer hoofd alles laat hem daar Al's been sletje achter
17:35 uur
[medeverdachte 9]
I love this
17:36 uur
[medeverdachte 1]
Zeg tegen die pool hij moet je alles laten zien
17:36 uur
[medeverdachte 9]
Afbeelding van een verkeersbord op de A4
17:37 uur
[medeverdachte 1]
Is niet beter als jullie samen doen
17:38 uur
[medeverdachte 1]
Weet je zeker dat je lukt alleen
17:39 uur
[medeverdachte 9]
Kan maar die andere is opvallen moete slim zijn
17:40 uur
[medeverdachte 9]
Ik Ben snel bro voordat ze door hebbr Ben ik alang weg
17:42 uur
[medeverdachte 9]
Ik twijfel niet
17:42 uur
[medeverdachte 1]
Is goed
17:44 uur
[medeverdachte 9]
Maakt he niet druk ik klik
die ding leeeeg
Uit de kentekenregistraties van de Renault Kadjar volgt dat [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] vanaf 17:08 uur via de A13, de A4 en vervolgens de A10 van Rotterdam naar Amsterdam rijden. Om 17:43 uur is de eerste registratie in Amsterdam, waarna de Renault Kadjar meerdere registraties heeft in Amsterdam West.
17:47 uur
[medeverdachte 1]
Kan je die ding snel testen
17:48 uur
[medeverdachte 9]
we zijn nu Adam
17:49 uur
[medeverdachte 9]
Hij is schoon toch
17:49 uur
[medeverdachte 1]
Ja jr moet filmpje makken
Als je test
17:50 uur
[medeverdachte 1]
Laat die pool filmpje maken hoe jullie hem testen
17:50 uur
[medeverdachte 9]
Oke we moete ff goeie plek zoeke
17:58 uur
[medeverdachte 1]
Maak filmpje aub
Van
Dat je test die glock
17:58 uur
[medeverdachte 9]
Jaman komt goes bro
18:10 uur
[medeverdachte 9]
Ik heb op industries gestest
18:11 uur
[medeverdachte 9]
Deze diet trrr
Deze is goed
18:12 uur
[medeverdachte 9]
Kan me die andere niet vanuitcwaggie broe
Deze moet tege schouder
18:13 uur
[medeverdachte 1]
Kan wel
Hard vast houden
Hij moet filmen
18:14 uur
[medeverdachte 1]
Doe maar uit wagi
18:14 uur
[medeverdachte 9]
Al’s we plek hrbbr
Stuur ik je
18:24 uur
[medeverdachte 1]
Doe gwn uit ram
18:24 uur
[medeverdachte 9]
Jaman hebbe plek
Moment
18:26 uur
[medeverdachte 9]
Deze is niet goed
Gaan nog been x probere
Bro deze hapert
Bullet blijfen vastzitte
Op de Google Pixel telefoon waarmee [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] communiceerden, is een video aangetroffen met tijdstempel: 6 juli 2021 om 18:26 uur. Op de video is te zien hoe een persoon een MP5 van het merk Heckler & Koch vasthoudt, de loop uit het autoraam steekt en drie keer de trekker overhaalt. Te zien is dat het wapen niet vuurt. De persoon probeert hierna meermalen om het wapen af te vuren, maar het wapen vuurt niet.
[medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij het wapen heeft getest dat het niet bleek te doen.
Het chatgesprek vervolgt:
18:28 uur
[medeverdachte 1]
Ga naar doe plek
Rijden
Gelijk
18:28 uur
[medeverdachte 9]
Ja zijn omw
18:28 uur
[medeverdachte 1]
Heb die je laten zien
18:29 uur
[medeverdachte 1]
Waar hij gaat staan
18:30 uur
[medeverdachte 9]
We gaan daar nu heen
Gaat die allies uitleggen
18:37 uur
[medeverdachte 1]
Afbeelding: foto van Peter R. de Vries in de live-uitzending van RTL Boulevard
Zeg tegen die pool
Hij is er
Zo zit die uit
18:38 uur
[medeverdachte 1]
Afbeelding: foto van Peter R. de Vries in de live-uitzending van RTL Boulevard
18:38 uur
[medeverdachte 9]
Hij zegt kan he pools naar hem schrijven
Berichten in de Poolse taal
18:40 uur
[medeverdachte 1]
Ga en laat het aan hem zien, dat is het beste
En kom terug naar de auro
auto
18:41 uur
[medeverdachte 1]
Bek misschien kunnen jullie hem met z’n tweeën doen
18:44 uur
[medeverdachte 2]
Het is onmogelijk
Want het zal ons niet lukken om te vluchten
Er is geen plek om de auto
te parkeren
18:44 uur
[medeverdachte 1]
Oké
Laat hem zien waar de mac is
18:45 uur
[medeverdachte 2]
Ja ik zal samen met hem [daarheen] lopen
18:45 uur
[medeverdachte 1]
Doe het zo dat het lukt
Laat hem alles zien
Zeg tegen hem dat hij niet bang moet zijn
Berichten in de Nederlandse taal
18:46 uur
[medeverdachte 9]
Neeman gap
Zijn niet bang
Zijn blij
18:46 uur
[medeverdachte 1]
Bro als hem zit gelijk doen
Gelijk
18:47 uur
[medeverdachte 9]
Ja nneef
Ik ga snel maccie
Op camerabeelden is te zien dat de Renault Kadjar om 18:47 uur de Prinsengracht op rijdt en wordt geparkeerd op een invalideparkeerplaats. [medeverdachte 9] en [medeverdachte 2] lopen over de Prinsengracht richting de Leidsestraat. Ze slaan linksaf de Leidsestraat in, lopen vervolgens langs de McDonalds en slaan de Lange Leidsedwarsstraat in. Zij lopen voorbij de achteruitgang van de studio van RTL Boulevard en kijken allebei tijdens het voorbijlopen in de richting van die uitgang. Zij lopen verder over de Lange Leidsedwarsstraat, langs parkeergarage De Hoofdstad en vervolgens via de Spiegelgracht terug naar de Renault Kadjar. Om 18:56 uur stappen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] in de Renault Kadjar.
Drie minuten later stapt [medeverdachte 9] uit de auto. Hij doet een schoudertas om en zet tijdens het weglopen een pet op. De Renault Kadjar rijdt weg richting de Spiegelgracht. [medeverdachte 9] loopt via de Leidsekruisstraat naar de Lange Leidsedwarsstraat. Vervolgens is te zien dat hij van het midden van de Lange Leidsedwarsstraat naar de rechterzijde van de straat loopt en uit beeld verdwijnt.
Berichten in de Poolse taal
19:01 uur
[medeverdachte 2]
Ik ben er geweest om hem te voet daarheen te brengen
Ik heb hem alles laten zien
19:02 uur
[medeverdachte 2]
Hij is daar
Ik wacht op hem
19:02 uur
[medeverdachte 1]
Heb je tegen hem gezegd om hem naast de garage te doen
19:14 uur
[medeverdachte 2]
Het duurt een beetje lang voordat hij komt
19:15 uur
[medeverdachte 2]
Wanneer is het einde
Weet je [dat]
Ik ben rondjes aan het rijden om hem onderweg mee te nemen
19:15 uur
19:16 uur
[medeverdachte 1]
Blijf daar staan
Blijf daar staan
19:16 uur
[medeverdachte 2]
Ik ben er
19:16 uur
[medeverdachte 1]
Blijf wachten
Op camerabeelden is te zien dat de Renault Kadjar tussen 19:01 uur en 19:13 uur rondjes aan het rijden is en langs de hoek van de kruising tussen de Prinsengracht en de Spiegelgracht rijdt. Vervolgens is te zien dat de auto om 19:16 uur parkeert aan de linkerzijde van de Prinsengracht.
[medeverdachte 2] heeft ter terechtzitting in hoger beroep, als getuige, verklaard dat hij op 6 juli 2021 in Amsterdam een rondje heeft gelopen en dat hij daarbij langs de parkeergarage De Hoofdstad en de McDonalds is gelopen met de persoon die bij hem in de auto zat.
Neerschieten De Vries
Om 19:26 uur verlaat De Vries via de achteruitgang de studio van RTL Boulevard. Hij loopt door de Lange Leidsedwarsstraat in de richting van de Spiegelgracht.
Om 19:27 uur rijdt de Renault Kadjar weg vanaf de Prinsengracht in de richting van de Vijzelgracht.
Om 19:28 uur loopt De Vries over de Lange Leidsedwarsstraat. Op de camerabeelden is te zien dat vanaf de rechterzijde van de straat – op de plek waar De Vries net is gepasseerd en ter hoogte van de plek waar [medeverdachte 9] eerder uit het beeld was verdwenen – een persoon in het donker gekleed in beeld komt. De donker geklede persoon maakt met zijn rechterarm een beweging waarmee de elleboog omhoog komt. De donker geklede persoon loopt achter De Vries, in dezelfde richting als De Vries.
Op 6 juli 2021 om 19.28 uur is De Vries neergeschoten op de Lange Leidsedwarsstraat in Amsterdam.
De donker geklede persoon rent weg in de richting van de Spiegelgracht.
[medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] zijn ook in Amsterdam en filmen het slachtoffer
Op 6 juli 2021 om 16:49 uur, wordt de Peugeot 206 met [kenteken 3] geregistreerd op de [adres 8] . Vervolgens rijdt de Peugeot 206, om 16:50 uur door de Maastunnel naar Amsterdam.
Op 6 juli 2021 om 16:34 uur voert [medeverdachte 6] een telefoongesprek met [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] . In het gesprek wordt onder meer het volgende gezegd:
[medeverdachte 6] : jaah wat doen jullie
[medeverdachte 5] : we zijn op een rustig hier nog steeds op werk
[medeverdachte 6] : nog steeds op werk
[medeverdachte 5] : ach jaah
[medeverdachte 6] : zitten jullie in de regen?
[medeverdachte 5] : nee we zitten in de auto
Op camerabeelden is te zien dat de Peugeot 206 met [kenteken 3] om 18:27 uur parkeert op de Prinsengracht in Amsterdam. [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] stappen uit. Zij lopen over de Prinsengracht in de richting van de Leidsestraat. Zij komen om 18:33 uur aan bij eerdergenoemde McDonalds. [medeverdachte 4] gaat naar binnen, gevolgd door [medeverdachte 5] . [medeverdachte 4] lijkt naar iets te wijzen in de McDonalds. [medeverdachte 4] loopt naar buiten en loopt ongeveer tien meter de Lange Leidsedwarsstraat in en kijkt bij de McDonalds door het raam naar binnen. Vervolgens kijkt hij in de richting van de achteruitgang van de RTL Boulevard-studio en loopt terug naar de ingang van de McDonalds en gaat naar binnen. [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] bestellen eten. Om 18:40 uur gaan zij met hun eten aan een tafeltje zitten rechts achterin, aan het raam. Vanaf die plek hebben zij zicht op de achteruitgang van de studio van RTL Boulevard. Zij blijven hier vervolgens ruim drie kwartier zitten, tot 19:28 uur.
Kort nadat De Vries de studio verlaat, verlaten [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] de McDonalds via de nooduitgang. Na het vallen van de schoten beginnen [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] te rennen richting De Vries. Zij hebben beiden op dat moment een telefoon in hun hand. Kort daarna staat [medeverdachte 4] vlakbij de plek waar De Vries op de grond ligt. Een aantal meter daarachter staat [medeverdachte 5] met een telefoon in zijn rechterhand. Om 19:30 uur lopen [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] op de Spiegelgracht in de richting van de Prinsengracht. Om 19:41 uur lopen zij over de Prinsengracht in de richting van de Peugeot 206, waarna zij in de auto stappen en wegrijden.
Vlak na het neerschieten van Peter R. de Vries circuleren er op het internet en sociale media meerdere filmpjes waarop te zien was dat Peter R. de Vries neergeschoten op de grond ligt. Eén van deze filmpjes is gemaakt door [medeverdachte 4] .
Vlucht van [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] en hun aanhouding
Om 19:28 uur rijdt de gestolen Renault Kadjar, vanuit de richting van de Vijzelgracht, over de Prinsengracht in de richting van de Spiegelgracht. Om 19:29 uur rijdt de auto over de Antiquairsbrug en slaat linksaf de Prinsengracht op.
Om 19:29 uur rent de donker geklede persoon uit de richting van de Spiegelgracht de Prinsengracht op.
Het chatgesprek tussen [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] gaat als volgt verder:
Berichten in de Poolse taal
19:30 uur
[medeverdachte 1]
En wat is er
Is [hij] er nog steeds niet
Berichten in de Nederlandse taal
19:30 uur
[medeverdachte 9]
Bro ahahahah
19:31 uur
[medeverdachte 9]
Dwarfs door die kk hoofs rn lichaam
19:31 uur
[medeverdachte 1]
Echt
19:31 uur
[medeverdachte 9]
gelukt
Jaman
19:31 uur
[medeverdachte 1]
Zeker
19:31 uur
[medeverdachte 9]
Hij is doood
Kk dood
19:32 uur
[medeverdachte 1]
Weet je zeker
Hij is slaapnw
19:33 uur
[medeverdachte 9]
Bro die kogel gicbt dwars door ze hoofs 2 keer
Allies spoot
Kk mooi
die bloed iedereen gille
19:34 uur
[medeverdachte 1]
Weet je zeker
Is gelukt
19:34 uur
[medeverdachte 9]
Jaa bro
Hij bewoog niet niks meer
19:34 uur
[medeverdachte 1]
Hoeveel keer
19:35 uur
[medeverdachte 9]
4/5/x
hij slaapt maak he niet druk
19:35 uur
[medeverdachte 1]
Weet je zeker
19:36 uur
[medeverdachte 9]
Jaa bro Zn ogen lagen open
19:36 uur
[medeverdachte 1]
Heb je hem voor gedaan
Zijn jullie weg
19:37 uur
[medeverdachte 9]
Gewoon voor Zn auto
Ja richting snelweg
19:37 uur
19:37 uur
19:37 uur
[medeverdachte 1]
[medeverdachte 9]
[medeverdachte 1]
Diw platen weg doen auto in fik
Diw grote me neme
Waar moet die kleine
In water
19:39 uur
[medeverdachte 1]
Kleren ook in fik
19:46 uur
[medeverdachte 9]
Stuur die adrrss door naar mij aub
19:46 uur
[medeverdachte 1]
Welke
19:46 uur
[medeverdachte 9]
die nummer
Die ik jou vandaag gaf
19:47 uur
[medeverdachte 1]
[telefoonnummer 10]
Kan ze jullie Tiel brengen
19:48 uur
[medeverdachte 1]
Laat haar je Tiel brengen
19:49 uur
[medeverdachte 1]
Same met Die pool
19:50 uur
[medeverdachte 1]
En die platen trekken als je brand wago
Wacht ga naar die adrdsx van die polen
19:51 uur
[medeverdachte 1]
In rotje zeg tegen pool
19:51 uur
[medeverdachte 9]
oke
We gaan daar heen
19:52 uur
[medeverdachte 1]
Hij is niet thuis
19:53 uur
[medeverdachte 1]
Waar rijden jullie
19:54 uur
[medeverdachte 9]
Bij hoofdorp bihna
Bijna
19:59 uur
20:01 uur
20:04 uur
[medeverdachte 9]
[medeverdachte 1]
politir motor achtrt ons
We gaan gevouwt worde
Maak die twl van die pool kapot
En simkart opeten
20:13 uur
[medeverdachte 9]
Stopteke
20:14 uur
[medeverdachte 9]
Zorg voor me FAM
Beef gun alles
20:14 uur
[medeverdachte 1]
Doe twl uit
Het telefoonnummer [telefoonnummer 10] dat [medeverdachte 1] op verzoek van [medeverdachte 9] stuurt, is het telefoonnummer van de vriendin van [medeverdachte 9] .
Omstreeks 20:00 uur wordt de Renault Kadjar op de A4 gezien door een motoragent. De motoragent volgt de Renault Kadjar. Meerdere politievoertuigen sluiten hierbij aan. Omstreeks 20:15 uur wordt de Renault Kadjar ‘staande gehouden’. In de auto zitten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] . [medeverdachte 2] was de bestuurder en [medeverdachte 9] de bijrijder. Zij zijn beiden omstreeks 20:17 uur aangehouden.
De handen van zowel [medeverdachte 2] als [medeverdachte 9] onderzocht op schotresten. Uit de conclusie van het NFI-rapport ‘Aanvullend schotrestenonderzoek’ leidt het hof af, mede gelet op de overige feiten en omstandigheden, dat op de handen van beide verdachte schotresten zijn aangetroffen.
[medeverdachte 2] heeft in hoger beroep, als getuige, verklaard dat hij op 6 juli 2021 naar Rotterdam is gegaan en vervolgens met één persoon naar Amsterdam is gereden. Ze hebben de wapens getest. Hij heeft deze persoon de witte deur bij de McDonalds (het hof begrijpt: de achteruitgang van RTL Boulevard) en de parkeergarage laten zien. Nadat die persoon uit de auto is gestapt, liep de persoon terug en heeft [medeverdachte 2] op hem gewacht. De man is later weer in gestapt en op de snelweg zijn ze beiden aangehouden.
[medeverdachte 1] heeft ter zitting in eerste aanleg verklaard dat hij berichten heeft verstuurd. Dit proces-verbaal is in de zaak van de verdachte gevoegd. Het hof begrijpt dat [medeverdachte 1] de berichten bedoeld die met de Google Pixel telefoon met matrix-id *4299 zijn verzonden.
Getuige 5089 heeft verklaard dat [medeverdachte 1] hem heeft verteld dat [medeverdachte 9] degene is die geschoten heeft en dat [medeverdachte 9] na de moord op De Vries via de speciale telefoon aan [medeverdachte 1] heeft geschreven dat hij voor zijn familie moest zorgen.
In de Renault Kadjar aangetroffen goederen
De Renault Kadjar is door de politie doorzocht. In de auto lag achter de bestuurdersstoel een Louis Vuitton schoudertas. In de tas zat een bankpas op naam van de vriendin van [medeverdachte 9] en een Nederlandse identiteitskaart op naam van [medeverdachte 9] . In de tas is een getransformeerd gas- en alarmpistool van het merk Zoraki, model 917, dat was voorzien van een valse inscriptie ‘Glock 25’, aangetroffen. In de kamer van het wapen zat één patroon en in het patroonmagazijn zaten 6 patronen.
Achter de bijrijdersstoel is op de vloer een ‘Hoogvliet’ big shopper tas aangetroffen met daarin een patroonmagazijn gevuld met zeven patronen, geschikt voor de Zoraki, een machinepistool van het merk Heckler & Koch, type MP5, en twee patroonmagazijnen met respectievelijk 25 en 21 patronen voor de MP5.
Op de patroonhouder van de Zoraki is een dactyloscopisch spoor aangetroffen dat overeenkomt met de linker duim van [medeverdachte 9] . Op de trekker, bij het handvat en van de zijkant en de onderzijde van de patroonhouder zijn DNA-mengprofielen van meerdere donoren verkregen. Het is respectievelijk circa 360 duizend, circa 170 duizend, meer dan 1 miljard en circa 5,8 miljoen keer waarschijnlijker dat – samengevat – dit mengprofiel wordt gezien wanneer [medeverdachte 9] één van de donoren is dan wanneer dit niet zo is.
Op het extra patroonmagazijn geschikt voor de Zoraki, dat in de big shopper tas zat, is een DNA-mengprofiel verkregen. Het is circa 260 miljoen keer waarschijnlijker dat dit mengprofiel wordt gezien wanneer [medeverdachte 9] één van de donoren is dan wanneer dit niet zo is.
Op de plek waar De Vries is neergeschoten, zijn vier hulzen aangetroffen. Deze hulzen zijn door het NFI vergeleken met de Zoraki. Op basis van het daarvan opgemaakte rapport concludeert het hof, mede in het licht van de overige feiten en omstandigheden, dat in elk geval drie (AAJP0397NL, AAJP0398NL en AAJP0399NL) van de vier hulzen zijn verschoten met de Zoraki.
Achter het linkeroor van De Vries is een inschotwond en in de rechterwang is een metalen projectiel met een bijbehorend schotkanaal aangetroffen. Deze kogel is door het NFI onderzocht. Op basis van het daarvan opgemaakte rapport concludeert het hof, mede in het licht van de overige feiten en omstandigheden, dat deze kogel is verschoten met de Zoraki.
15 juli 2021 – overlijden De Vries
Op 15 juli 2021 is De Vries aan zijn verwondingen overleden.
Tussenconclusie
Op grond van de voorgaande onderzoeksbevindingen stelt het hof vast dat, nadat [medeverdachte 2] en [medeverdachte 7] zich hadden teruggetrokken als schutters, [medeverdachte 1] [medeverdachte 9] op 6 juli 2021 bereid heeft gevonden om De Vries te vermoorden. [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] zijn diezelfde dag in de Renault Kadjar met de Google Pixel telefoon en de op 5 juli 2021 in Alphen aan den Rijn door [medeverdachte 7] en [medeverdachte 2] opgehaalde vuurwapens naar Amsterdam gereden met het doel om De Vries dood te schieten. [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] hebben de vuurwapens in opdracht van [medeverdachte 1] onderweg getest. In Amsterdam heeft [medeverdachte 2] aan [medeverdachte 9] laten zien waar De Vries vandaan zou komen en waar hij doodgeschoten moest worden. Ook dit gebeurde in opdracht van [medeverdachte 1] . Het hof stelt verder vast dat [medeverdachte 9] De Vries heeft neergeschoten met de in Alphen aan den Rijn opgehaalde Zoraki. [medeverdachte 9] heeft hiervan verslag gedaan aan [medeverdachte 1] . Hierna zijn [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] Amsterdam uitgereden en was er conctact met [medeverdachte 1] over waar zij naar toe moesten gaan. Zij zijn niet veel later op de snelweg aangehouden.
Na 6 juli 2021 – Gesprekken [medeverdachte 4] , [medeverdachte 5] , [medeverdachte 6]
In een spraakbericht van 14 juli 2021 zegt [medeverdachte 4] onder meer het volgende:
‘We gaan gewoon staan en we kijken naar de straat en zo… jaah het is gebeurd het is gebeurd.
Maar die mannen aan die kant die hebben grote domme dingen gedaan, 5 keer geluid en een in zijn hoofd. (…) Ik denk dat ze ook zijn begonnen met praten want op het nieuws staat er van alles zo van dat ze willen weten hoeveel die man betaald heeft om het te laten doen… dit en dat en ze hebben zelfs de naam van de grote man genoemd en zo’.
Op 28 juli 2021 voert [medeverdachte 6] vanuit de gevangenis een gesprek met [medeverdachte 4] . In het gesprek wordt onder meer het volgende gezegd:
[medeverdachte 4] : jaah maar men we hebben niks met die mannen te maken … want we kennen ze niet eens die clownen.
Op 26 oktober 2021 om 18:36 uur voert [medeverdachte 6] vanuit de gevangenis een gesprek met [medeverdachte 5] . In het gesprek wordt onder meer het volgende gezegd:
[medeverdachte 6] : vergeet niet vandaag naar opsporing verzocht te kijken
[medeverdachte 5] : omdat de mannen zijn blijven zeuren daarom ben ik gegaan… anders was ik niet gegaan
[medeverdachte 6] : jullie beiden… je kan zien dat ze beiden achter de man lopen gewoon. Je ziet dat die man aan komt, terug loopt, Men komt terug lopen… filmt die man in zijn gezicht
[medeverdachte 5] : ze hebben mij verhoord en ze hebben mij van alles gevraagd.
Ze bleven vragen stellen en ze zeiden dat die man belangrijk was en ik zei:
“ik ken hem niet”.
[medeverdachte 6] : daarom zeg ik je, kijken naar opsporing verzocht, ik ga ook kijken … wat ze van jullie gezet hebben was gewoon op het nieuws laten zien maar ze zijn er niet meer op terug gekomen weet je
Maar… jullie werkten samen met die mannen
[medeverdachte 6] : Maar Men heeft dom gedaan die lul en hij is ook terug komen lopen
[medeverdachte 5] : jaa, toen heeft hij gebeld… toen heeft hij gebeld
[medeverdachte 6] : toen heeft hij gebeld
[medeverdachte 5] : … gebeld en is hij dicht bij die man gegaan en heeft hij gezegd: “kijk maar”.
Op 14 januari 2022 is [medeverdachte 5] op het politiebureau verhoord. Na afloop van het verhoor wordt [medeverdachte 5] opgehaald door [persoon 6] (hierna: [persoon 6] ) en daarna vindt er een ontmoeting plaats tussen [medeverdachte 5] , [persoon 6] en [persoon 7] . Het gesprek is middels OVC-techniek opgenomen en onder meer het volgende wordt gezegd:
[medeverdachte 5] : eigenlijk,.. kijk,.. ze weten het niet! Dat is het,... hahaah dat is de ding. Want [persoon 8] heeft 3 mensen de opdracht gegeven. En één van de mensen waarvan hij de opdracht heeft gegeven. Een van de mensen waarvan hij de opdracht aan heeft gegeven die heeft ons de opdracht gegeven om de klus te doen. Hij heeft ze gezegd om de straat in de gaten te houden, camera dit en dat etc. De straat in de gaten houden. Maar wij waren niet van plan om die dag te gaan. Maar ze zeiden: nee je moet nog één dag gaan. Want vergeet niet dat ik al twee keer ben gegaan, als ik al twee keer ben gegaan dan heb ik daar toch niks meer te zoeken.
Maar degene die ons de opdracht heeft gegeven die hebben ze daar ook in de buurt vastzitten.
[persoon 7] : dan hebben ze iedereen gepakt dan?
[medeverdachte 5] : plus een maat die daar eigenlijk had moeten zijn maar die was er niet. Kijk de mensen hebben me gestuurd. Ze weten dat ik die man ben gaan bezoeken in de PI in Leiden en alles.
[persoon 6] : want de schutters willen niet takkie... Zo zegt het nieuws. De schutters willen niet meer praten broer
[medeverdachte 5] : ze hebben me in de McDonalds aan het eten en zo. Nee, want de broer was met me aan het kijken dat de man naar buiten komt.
[persoon 7] : om wat te doen?
[medeverdachte 5] : hahah. Om hem te zien toch. Omdat de mensen geen foto wilden geven. Want ze weten wie de persoon is, maar ze willen geen foto geven zodat ik niet ga zeggen: ow jee, nee deze persoon niet snap je? Want ze wilden dat we dat ding zouden doen.
[persoon 7] : zonder te weten wie het is, daarom zijn jullie je in een situatie terecht gekomen. Dat jullie niet weten wie jullie moeten gaan vermoorden.
[medeverdachte 5] : jaah dat was de ding
[persoon 7] : ze laten jullie daar iemand gaan vermoorden zonder dat jullie weten hoe en wat en wie het is.
[persoon 6] : en een journalist ook bro
[medeverdachte 5] : want toen ze de prijs noemde zei ik oké een mooi bedrag
[persoon 6] is op 18 oktober 2023 bij de rechter-commissaris als getuige gehoord. Hij heeft verklaard dat het OVC-gesprek van 14 januari 2022 gaat over Peter R. de Vries en dat [medeverdachte 5] heeft verteld dat hij ervan wordt verdacht dat hij op de uitkijk heeft gestaan.
5.3
Moord op De Vries (feit 1)
Uitlokking
De verdachte wordt verweten dat hij betrokken is geweest bij de moord op De Vries. In de tenlastelegging is dat verwijt beschreven in verschillende juridische varianten. Aan de verdachte is in de eerste plaats (primair) ten laste gelegd dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan de uitlokking van anderen tot het plegen van de moord op De Vries. Met andere woorden; dat hij anderen heeft aangezet tot het plegen of het medeplegen van die moord. In de tweede plaats (subsidiair) is ten laste gelegd dat de verdachte [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] heeft uitgelokt om medeplichtig te zijn aan de moord op De Vries. Met andere woorden; dat hij hen heeft aangezet om voorafgaand of bij het plegen van de moord behulpzaam te zijn. Net als de rechtbank, het openbaar ministerie en de verdediging is het hof van oordeel dat niet bewezen kan worden dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de uitlokking van plegers van de moord of van medeplichtigen aan de moord. De verdachte zal daarom worden vrijgesproken van wat aan hem onder 1 primair en 1 subsidiair ten laste is gelegd.
Medeplichtigheid
Standpunt van het openbaar ministerie
Het openbaar ministerie heeft zich op het standpunt gesteld dat [verdachte] medeplichtig is aan het medeplegen van moord. [verdachte] heeft op 11 juni 2021 en op 1 en 5 juli 2021 voorverkenningen uitgevoerd en hij heeft informatie over De Vries opgezocht op internet, welke informatie hij heeft gedeeld met [medeverdachte 4] , [medeverdachte 5] en anderen. Er werd door [verdachte] met de medeverdachten samengewerkt als een ‘geoliede machine’ die tot doel had De Vries te vermoorden. De verklaring van de getuige 5089 en de bevindingen over de betalingen die blijken uit het zaaksdossier 26Offenburg ondersteunen dit scenario.
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft verzocht [verdachte] vrij te spreken van alle onder feit 1 ten laste gelegde varianten.
Allereerst is geen bewijs voor betrokkenheid van [verdachte] bij de moord op De Vries. Er is namelijk geen bewijs dat [verdachte] op 11 juni 2021 en 1 en 5 juli 2021 voorverkenningen aan het uitvoeren was voor een moord. Het openbaar ministerie wijst op het gesprek van 1 juli 2021 over ‘observation for celebration’, maar niet blijkt dat hij de inhoud van dat gesprek heeft gehoord. Uit de context van het gesprek kan niet worden opgemaakt dat [verdachte] bij de groep hoorde. De verdachte was op 6 juli 2021 niet aanwezig in Amsterdam. In het dossier bevindt zich geen communicatie tussen [verdachte] en [medeverdachte 8] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 4] waaruit blijkt dat [verdachte] een rol had.
Er zijn wel zoektermen gevonden in de telefoon van [verdachte] , maar niet staat vast door wie, wanneer en waarom deze zijn ingevoerd. Ook is niet gebleken dat de zoektermen ergens toe hebben geleid of dat de bevindingen daarvan zijn doorgespeeld aan anderen. Er is daar geen communicatie over, terwijl er veel communicatie in het dossier zit.
Bovendien is er onvoldoende bewijs voor medeplichtigheid. Er is geen sprake geweest van (gelijktijdige) medeplichtigheid op 6 juli 2021. De enkele aanwezigheid van [verdachte] in Amsterdam vóór 6 juli 2021 en de zoektermen die zijn gevonden in de telefoon van [verdachte] zijn onvoldoende voor het bewijs van voorafgaande medeplichtigheid. Het is niet duidelijk welk handelen van [verdachte] behulpzaam is geweest voor de andere verdachten. Er is geen bewijs dat [verdachte] strafbare gedragingen van [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] heeft ondersteund.
Juridisch kader
Aan de verdachte is subsidiair ten laste gelegd dat hij medeplichtig is geweest aan de moord op De Vries. Uiterst subsidiair is aan hem ten laste gelegd dat hij medeplichtig is geweest aan de medeplichtigheid aan het medeplegen van de moord op De Vries. De ‘deelnemingsvorm’ medeplichtigheid is strafbaar gesteld in artikel 48 van het Wetboek van Strafrecht (Sr). Dit artikel noemt twee vormen van medeplichtigheid: ‘behulpzaam zijn bij het plegen van het misdrijf’ en ‘het verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen tot het plegen van het misdrijf’. De eerste vorm wordt ook wel de gelijktijdige medeplichtigheid genoemd en de tweede vorm wordt voorafgaande medeplichtigheid genoemd.
Gedragingen die na het misdrijf worden verricht, kunnen als zodanig geen medeplichtigheid opleveren. Wel kunnen gedragingen na het misdrijf bijdragen aan het bewijs dat de verdachte voorafgaand of gelijktijdig bij het misdrijf betrokken is geweest. Voor het overige zijn gedragingen verricht na het misdrijf, alleen strafbaar als een aparte strafbepaling daarin voorziet.
Volgens artikel 48 Sr is voor strafbare medeplichtigheid opzet vereist. Dit opzet van de verdachte moet gericht zijn op zijn handelingen als medeplichtige – het behulpzaam zijn bij of het verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen – en (in beginsel volledig) op het misdrijf dat de dader heeft gepleegd.
Voor de strafbaarheid van medeplichtigheid gelden dus drie voorwaarden: (i) de medeplichtige moet opzet hebben op zijn eigen bijdrage en op het misdrijf dat hij ondersteunt, (ii) hij moet daadwerkelijk hulp hebben verleend – hetzij voorafgaand aan hetzij tijdens het plegen van het misdrijf – en (iii) het misdrijf – dan wel een strafbare poging daartoe of strafbare voorbereiding daarvan – moet zijn gevolgd.
Oordeel van het hof
Medeplichtigheid
Het dossier biedt aanwijzingen dat [verdachte] wist dat er opdracht was gegeven om De Vries te vermoorden. De verdachte heeft op 1 juli 2021 samen met medeverdachten [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] voorverkenningen verricht. Dit blijkt onder meer uit de aanwezigheid van [medeverdachte 5] , [medeverdachte 4] en [verdachte] in Amsterdam op 1 juli 2021. Zij hadden op die dag bijzondere belangstelling voor parkeergarage de Hoofdstad, de garage waar De Vries zijn voertuig parkeerde. Kort daarna zeggen [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] tegen [medeverdachte 6] dat ze met een ‘observation’ bezig zijn. Niet staat vast dat [verdachte] de inhoud van dat gesprek heeft gehoord. Dat neemt echter niet weg dat [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] vertellen wat zij aan het doen waren. In de telefoon van [verdachte] zijn zoektermen aangetroffen, onder meer ingevoerd op 1 juli 2021, die in verband kunnen worden gebracht met De Vries en zijn rol als adviseur en vertrouwenspersoon van de kroongetuige in het Marengo proces.
Uit de dossiertukken blijkt verder dat de moord op De Vries is gepleegd door [medeverdachte 9] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] . Het hof heeft op basis van het dossier niet kunnen vaststellen dat er op enig moment direct of indirect communicatie heeft plaatsgevonden tussen [verdachte] aan de ene kant en [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] aan de andere kant. Uit het dossier blijkt niet dat [medeverdachte 1] , [medeverdachte 9] of [medeverdachte 2] over informatie beschikten die met die voorverkenningen was verkregen. [verdachte] was op 6 juli 2021 niet aanwezig in Amsterdam. Het hof heeft ook niet kunnen vaststellen dat [verdachte] wist dat De Vries op 6 juli 2021 neergeschoten zou worden. In het chatgesprek met de Google Pixel telefoon tussen [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] of in andere dossierstukken zijn geen aanwijzingen aangetroffen voor een betrokkenheid, direct of indirect, van [verdachte] bij de voorbereiding of de uitvoering van de moord door [medeverdachte 1] , [medeverdachte 9] en [medeverdachte 2] .
Het openbaar ministerie heeft nog gewezen op een spraakbericht van [verdachte] aan [medeverdachte 3] van 6 juli 2021 waarin hij spreekt over ‘het nummer van een maat die kan worden toegevoegd zodat zij kunnen beginnen met praten’. Uit dat bericht zou kunnen worden afgelegd dat er een afzonderlijk communicatiekanaal is opgezet dat uit het zicht van de politie is gebleven. De betekenis van die mogelijkheid is echter beperkt. Daarbij is van belang dat [verdachte] en [medeverdachte 3] met elkaar contact hadden over de handel in verdovende middelen. Het communicatiekanaal hoeft dus niet iets te maken te hebben met de moord op De Vries. Ook is van belang dat er geen aanknopingspunten bestaan dat iemand van of rond de groep [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] deel heeft genomen aan dat communicatiekanaal. Zonder zo’n aanknopingspunt kan dit spraakbericht niet bewijzen dat er contact was tussen [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] aan de ene kant en [verdachte] aan de andere kant.
Nu niet vastgesteld kan worden dat [verdachte] een bijdrage heeft geleverd aan het neerschieten van De Vries op 6 juli 2021, zal hij worden vrijgesproken van de medeplichtigheid aan het medeplegen van de moord op De Vries.
Medeplichtigheid aan medeplichtigheid
Uiterst subsidiair is aan de verdachte ten laste gelegd dat hij medeplichtig is geweest aan de medeplichtigheid aan het medeplegen van de moord op De Vries. Of te wel: dat hij behulpzaam is geweest aan [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] die op hun beurt medeplichtig zijn geweest bij de moord op De Vries.
[medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] zullen bij arrest van vandaag worden vrijgesproken van het medeplegen van medeplichtigheid aan het medeplegen van de moord op De Vries. Het hof heeft daartoe – samengevat – overwogen dat uit het dossier niet blijkt dat [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] wisten dat De Vries op 6 juli 2021 door [medeverdachte 1] , [medeverdachte 9] en [medeverdachte 2] vermoord zou worden. Evenmin blijkt dat zij op enig moment direct of indirect met elkaar contact hebben gehad. Er is ook niet gebleken dat een ander namens hun contact had met [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] of [medeverdachte 9] of dat er voorafgaand afspraken zijn gemaakt over hulp aan hen. Er is geen bewijs van enige vorm van contact, waaruit [medeverdachte 9] en [medeverdachte 2] hebben kunnen begrijpen dat er iemand voor hen op de uitkijk stond, zodat zij onbevreesd hun gang konden gaan. Evenmin is er bewijs dat [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] op de uitkijk stonden, zónder dat de daders dit wisten, maar dat zij de opdracht hadden op 6 juli in te grijpen als er iets mis dreigde gaan.
Het hof volgt het openbaar ministerie niet, dat het
niet anders kan,dan dat er contact er is geweest tussen [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] aan de ene kant, en [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] aan de andere kant. In het dossier is de communicatie beschikbaar tussen [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] waaruit blijkt hoe [medeverdachte 2] [medeverdachte 9] heeft laten zien waar De Vries de RTL studio zou verlaten en waar hij moest worden doodgeschoten. Ook blijkt daaruit dat [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] pas kort van te voren afspraken hadden gemaakt over de vlucht, zonder dat [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] daarin een rol hadden. Bovendien zijn er afgeluisterde gesprekken waaruit blijkt dat [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] de uitvoerders juist niet kenden.
Het hof is tot de conclusie gekomen dat uit het beschikbare bewijs niet blijkt dat er een samenwerking bestond tussen [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] aan de ene kant en en [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] aan de andere kant. Wel zijn er in de dossierstukken concrete aanwijzingen dat er meerdere groepen bezig waren met een moord op De Vries.
Het voorgaande leidt tot de conclusie dat niet is komen vast te staan dat [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] behulpzaam zijn geweest voorafgaand of bij de moord op De Vries die door [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] werd gepleegd. [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] waren dan ook niet medeplichtig aan deze gepleegde moord. Onder die omstandigheden kan de verdachte ook niet worden veroordeeld voor de medeplichtigheid aan de medeplichtigheid van [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] .
Het hof zal de verdachte, gelet op al het voorgaande, vrijspreken van wat aan de verdachte onder 1 meer, meest en uiterst subsidiair ten laste is gelegd.
5.4
Deelname aan een criminele organisatie (zaak A feit 2)
Standpunt van het openbaar ministerie
Het openbaar ministerie heeft zich op het standpunt gesteld dat [verdachte] heeft deelgenomen aan een criminele organisatie. [verdachte] had een faciliterende en uitvoerende rol. Hij was betrokken bij de moord op De Vries door het uitvoeren van voorverkenningen en het opzoeken van informatie over De Vries, welke informatie hij vervolgens deelde met [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] .
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft aangevoerd dat uit het bewijs niet blijkt dat er een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband bestond. Er kan niet worden bewezen dat er communicatie is geweest tussen de ‘Antilliaanse’ groep en de ‘Poolse’ groep. Bovendien was [verdachte] geen deelnemer aan de criminele organisatie. [verdachte] heeft geen contact gehad met de medeverdachten over de moord op De Vries. De contacten die [verdachte] had met [medeverdachte 3] zagen op verdovende middelen. [verdachte] komt ook niet voor in de communicatie van de medeverdachten over opdrachten, betalingen en logistieke zaken rondom de moord van De Vries. [verdachte] was ook niet betrokken bij andere incidenten, zoals rondom [persoon 9] en ‘ [persoon 10] ’.
Juridisch kader
Deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven is strafbaar gesteld in artikel 140 Sr. Voor de beoordeling of een verdachte heeft deelgenomen aan een zogenoemde criminele organisatie gebruikt de rechter de volgende criteria (voor zover in deze strafzaak van belang).
Een ‘organisatie’ als bedoeld in artikel 140 Sr is een samenwerkingsverband, met een zekere duurzaamheid en structuur, tussen de verdachte en ten minste één andere persoon.
Voor het bewijs van die ‘deelneming’ is nodig dat komt vast te staan dat de betrokkene behoort tot het samenwerkingsverband en een aandeel heeft in gedragingen – of gedragingen ondersteunt – die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie. Het is niet vereist dat vast komt te staan dat de betrokkene heeft samengewerkt, of bekend is, met alle andere personen die deel uitmaken van de organisatie. Ook is niet vereist dat de samenstelling van het samenwerkingsverband steeds dezelfde is. De deelneming moet voor de betrokkene op zichzelf worden beoordeeld. Voor ‘deelneming’ in de zin van artikel 140 Sr is voldoende dat de betrokkene in zijn algemeenheid weet (in de zin van onvoorwaardelijk opzet) dat de organisatie het plegen van misdrijven tot oogmerk heeft. De betrokkene hoeft geen wetenschap te hebben van één of meer concrete misdrijven die door de organisatie worden beoogd.
Voor het bewijs gaat het erom dat de organisatie het ‘oogmerk’ heeft tot het plegen van misdrijven. Niet is vereist dat er daadwerkelijk misdrijven zijn gepleegd. Het oogmerk, of het doel, van de organisatie hoeft niet in de tenlastelegging nader te zijn omschreven, maar moet uit het bewijs blijken. Daarbij kan onder meer betekenis toekomen aan misdrijven die in het kader van de organisatie al zijn gepleegd, aan het meer duurzaam of gestructureerde karakter van de samenwerking – zoals dat kan blijken uit de onderlinge verdeling van werkzaamheden of onderlinge afstemming van activiteiten van deelnemers binnen de organisatie met het oog op het bereiken van het gemeenschappelijke doel van de organisatie – en, meer algemeen, aan de planmatigheid of stelselmatigheid van de met het oog op dit doel verrichte activiteiten van deelnemers binnen de organisatie.
Oordeel van het hof
Het hof is tot de vaststelling gekomen dat de moord op De Vries op 6 juli 2021 is gepleegd door de medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] . Het hof heeft niet kunnen vaststellen dat de [medeverdachte 5] , [medeverdachte 4] en [verdachte] voorafgaand of bij die moord behulpzaam zijn geweest.
Uit het beschikbare bewijs blijkt wel dat ook [verdachte] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] voorverkenningen hebben uitgevoerd voor een moordaanslag op De Vries, maar dus niet die van 6 juli 2021. Uit het bewijs volgt verder dat [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] , daarbij aangestuurd door [medeverdachte 3] , ook betrokken waren bij het plegen of voorbereiden van andere geweldsdelicten. Er is echter geen bewijs dat ook [verdachte] heeft meegedaan met andere geweldsklussen of daar anderszins een bijdrage aan heeft geleverd. Evenmin blijkt uit het dossier dat [verdachte] wist dat [medeverdachte 4] , [medeverdachte 5] en [medeverdachte 3] deel uit maakten van een groep die geweldsmisdrijven pleegde. Uit de dossierstukken blijkt wel dat de verdachte samen met [medeverdachte 3] bezig was met de handel in verdovende middelen. Deze bezigheden kunnen alleen niet worden gezien als gedragingen die iets te maken hebben met het oogmerk van de organisatie die in de tenlastelegging is beschreven, namelijk een organisatie die zich bezig houdt met – samengevat – zwaar geweld en moord.
Niet bewezen kan dus worden dat [verdachte] wist (in de zin van onvoorwaardelijk opzet) dat de organisatie het plegen van geweldsmisdrijven tot oogmerk heeft. Het hof spreekt de verdachte daarom vrij van wat aan hem onder 2 ten laste is gelegd, deelneming aan een criminele organisatie.
5.5
Opzettelijk aanwezig hebben cocaïne en heroïne (zaak B)
Standpunt van het openbaar ministerie
De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat het in zaak B tenlastegelegde kan worden bewezen. Het openbaar ministerie vindt niet aannemelijk dat een ander dan [verdachte] de verdovende middelen heeft achtergelaten in zijn woning.
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat [verdachte] geen wetenschap had van en geen beschikkingsmacht had over de verdovende middelen die in zijn woning zijn aangetroffen. Het enkele feit dat [verdachte] in de woning verbleef is onvoldoende om dit aan te nemen. De verdovende middelen lagen niet in het zicht. Er kwamen na het overlijden van de broer van [verdachte] bovendien veel naasten langs in de woning. Het is niet onwaarschijnlijk dat iemand anders de verdovende middelen in de woning heeft achtergelaten zonder dat [verdachte] hier wetenschap van had.
Oordeel van het hof
Op 23 januari 2023 heeft de politie een doorzoeking gedaan op de [adres 1] in Tilburg. [verdachte] stond op die datum ingeschreven op dat adres en woonde daar. Tijdens de doorzoeking zijn geen aanwijzingen gevonden dat er behalve [verdachte] en zijn jonge kinderen ook andere personen in de woning verbleven. In een telefoondoosje dat in een lade van een tv-meubel in de woonkamer lag heeft de politie een zakje met cocaïne, een zakje met bolletjes cocaïne en een zakje met bolletjes heroïne gevonden. De zakjes met drugs lagen onder een stapel eurobiljetten met een waarde van € 140,00. Op het tv-wandmeubel lag een brillenkoker met bolletjes cocaïne.
Het hof acht deze feiten redengevend voor het bewijs dat de verdachte opzettelijk verdovende middelen aanwezig heeft gehad. De verklaring van [verdachte] dat anderen de middelen mogelijk hebben achtergelaten in de woning – nota bene in een telefoondoosje onder een stapel eurobiljetten in een lade van een tv-meubel en in een brillenkoker op de tv-meubel – en dat hij dit niet door heeft gehad door zijn emotionele toestand, houdt niet meer in dan een theoretische mogelijkheid en vindt het hof niet geloofwaardig. Overigens is [verdachte] zelf pas met deze verklaring gekomen ter terechtzitting in hoger beroep tijdens het laatste woord, terwijl hij tijdens de inhoudelijke behandeling geen vragen over de aangetroffen drugs wilde beantwoorden.
Het hof acht bewezen dat [verdachte] opzettelijk 34,6 gram cocaïne en 11,9 gram heroïne aanwezig heeft gehad.
6.
Bewezenverklaring
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het in zaak B tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:
hij op 23 januari 2023 te Tilburg opzettelijk aanwezig heeft gehad 34,6 gram cocaïne en 11,9 gram heroïne.
Hetgeen in zaak B meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.
Het bewezenverklaarde is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn opgenomen, die in een bijlage achter dit arrest zijn te vinden.

7.Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Geen omstandigheid is aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het in zaak B bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.
Het in zaak B bewezenverklaarde levert op:
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod.

8.Strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen omstandigheid aannemelijk is geworden die de strafbaarheid ten aanzien van het in zaak B bewezenverklaarde uitsluit.

9.Benadeelde partij

De benadeelde partij [benadeelde partij] heeft zich bij de rechtbank in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding van € 64.394,52. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd en de oorspronkelijke vordering verminderd met € 5.000,00, door de post ‘toekomstige medische kosten/eigen risico’ niet langer te handhaven. De vordering tot schadevergoeding bedraagt in hoger beroep in totaal € 59.394,52 en bestaat uit de volgende posten:
-
immateriële schade (totaal)€ 57.500,00
a) affectieschade € 17.500,00
b) schokschade € 40.000,00
-
materiële schade (totaal)€ 1.894,52
a) kosten veiligheidsmaatregelen € 358,00
b) reiskosten € 814,11
c) eigen risico in verband met GGZ € 722,41
De rechtbank heeft de vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk toegewezen. De affectieschade is toegewezen tot een bedrag van € 17.500,00 en de schokschade tot een bedrag van € 20.000,00. De kostenpost ‘eigen risico in verband met GGZ’ van € 722,41 is volledig toegewezen als materiële schokschade. Voor het overige heeft de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering.
De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij kan worden toegewezen tot een bedrag van € 58.222,41. De posten ‘kosten veiligheidsmaatregelen’ en ‘reiskosten’ komen niet voor toewijzing in aanmerking, maar de overige posten kunnen volgens de advocaat-generaal geheel worden toegewezen.
De verdediging heeft primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren gelet op het verzoek van de verdediging om [verdachte] geheel vrij te spreken. De verdediging heeft aangevoerd dat de vordering ‘ook overigens wordt betwist’.
[verdachte] wordt vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten waardoor de gestelde schade zou zijn veroorzaakt. De benadeelde partij kan daarom in de vordering niet worden ontvangen en wordt niet-ontvankelijk verklaard.

10.Oplegging van straf

De rechtbank heeft [verdachte] veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier weken voor het bezit van 34,6 gram cocaïne en 11,9 gram heroïne.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat [verdachte] voor medeplichtigheid aan medeplegen van moord op De Vries zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van zeventien jaren.
De verdediging heeft vrijspraak bepleit van alle feiten. Voor het geval [verdachte] toch zou worden veroordeeld voor het bezit van drugs, is verzocht [verdachte] schuldig te verklaren maar geen straf op te leggen.
Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.
[verdachte] heeft in zijn woning in totaal 34,6 gram cocaïne en 11,9 gram heroïne aanwezig gehad. Dat is een flinke hoeveelheid. [verdachte] heeft niet uitgelegd hoe hij daaraan is gekomen, maar de verspreiding, en daaraan ten grondslag liggende handel, van drugs gaat veelal gepaard met vele andere vormen van criminaliteit en is een gevaar voor de volksgezondheid. [verdachte] heeft zich van deze nadelige effecten echter niets aangetrokken.
Het hof houdt bij het bepalen van de straf rekening met straffen die meestal worden opgelegd voor soortgelijke misdrijven, zoals is beschreven in de zogenoemde Oriëntatiepunten voor straftoemeting van het LOVS.
Uit het recente strafblad van [verdachte] blijkt dat hij weliswaar niet eerder is veroordeeld wegens overtredingen van de Opiumwet, maar wel dat aan hem meermalen forse gevangenisstraffen zijn opgelegd wegens ernstige strafbare feiten, zoals diefstal met geweld met dodelijke afloop en wapenbezit. Het hof weegt dat in het nadeel van de verdachte mee. Het is daarom niet passend [verdachte] voor het bewezenverklaarde feit geen straf op te leggen.
Het hof vindt, alles afwegende, een gevangenisstraf van vier weken passend en geboden.
Het hof is nagegaan of de procedure bij de rechtbank en de procedure in hoger beroep bij het hof heeft plaatsgevonden binnen een redelijke termijn. In de zaak van de verdachte geldt als uitgangspunt dat de strafzaak moet zijn afgerond met een eindarrest binnen 24 maanden nadat de redelijke termijn is gestart, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden. Het hof stelt vast dat de redelijke termijn in eerste aanleg is aangevangen op 23 januari 2023 omdat de verdachte op die datum in verzekering is gesteld. De verdachte kon daaraan in redelijkheid de verwachting ontlenen dat tegen hem strafvervolging zou worden ingesteld. Op 12 juni 2024 heeft de rechtbank vonnis gewezen, dit is dus binnen de redelijke termijn. Ook in hoger beroep is er geen overschrijding van de redelijke termijn. Door de verdediging is overigens ook geen beroep gedaan op overschrijding van de redelijke termijn.
Het openbaar ministerie heeft de gevangenneming van de verdachte gevorderd. Daarvoor bestaat geen aanleiding gelet op de beslissingen die het hof heeft genomen. Het hof wijst de vordering dan ook af.

11.Beslag

Onder [verdachte] zijn de volgende voorwerpen in beslag genomen en niet teruggegeven:
  • 1. Bolletjes cocaïne 8,7 gram (IBN-code: ED342.05.01.007)
  • 2. Bolletjes cocaïne, 7,3 gram (IBN-code: ED342.05.01.001)
  • 3. Bolletjes heroïne, 11,9 gram (IBN-code: ED342.05.01.002)
  • 4. Zakjes met cocaïne, 18,6 gram (IBN-code: ED342.05.01.003)
Standpunt van het openbaar ministerie
De advocaat-generaal heeft verzocht de onder 1 tot en met 4 genoemde voorwerpen aan het verkeer te onttrekken.
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft zich niet verzet tegen een beslissing tot onttrekking aan het verkeer van de onder 1 tot en met 4 genoemde voorwerpen.
Oordeel van het hof
Gelet op de inhoud van het bewijs en de bewezenverklaring van het tenlastegelegde in zaak B stelt het hof vast dat de onder 1 tot en met 4 genoemde voorwerpen aan [verdachte] toebehoren. De onder 1 tot en met 4 genoemde voorwerpen worden onttrokken aan het verkeer, omdat het in zaak B bewezenverklaarde is begaan met die voorwerpen en deze van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en het algemeen belang.

12.Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en de artikelen 36b, 36d en 63 van het Wetboek van Strafrecht.

13.BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het in zaak A onder 1 primair, 1 subsidiair, 1 meer subsidiair, 1 meest subsidiair, 1 uiterst subsidiair, 2 primair en 2 subsidiair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het in zaak B tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het in zaak B bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) weken.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Beveelt de
onttrekking aan het verkeervan de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
  • 1. Bolletjes cocaïne 8,7 gram (IBN-code: ED342.05.01.007)
  • 2. Bolletjes cocaïne, 7,3 gram (IBN-code: ED342.05.01.001)
  • 3. Bolletjes heroïne, 11,9 gram (IBN-code: ED342.05.01.002)
  • 4. Zakjes met cocaïne, 18,6 gram (IBN-code: ED342.05.01.003)
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij]
Verklaart de benadeelde partij [benadeelde partij] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding.
Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder hun eigen kosten dragen.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. J. Piena, mr. R.P. den Otter en mr. N.E. Kwak, in tegenwoordigheid van mr. M.E. de Waard, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 11 december 2025.