ECLI:NL:GHAMS:2025:3454
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schorsing overnachtingsregeling minderjarige bij vader
De zaak betreft een geschil tussen ouders over de zorgregeling voor hun minderjarige kind, met name over de uitbreiding van de regeling met overnachtingen bij de vader. De rechtbank had een voorlopige zorgregeling vastgesteld waarbij de minderjarige vanaf 1 oktober 2025 bij de vader mag overnachten. De moeder verzocht het hof om de werking van dit gedeelte van de beschikking te schorsen zolang het hoger beroep loopt.
Het hof overwoog dat de belangen van het kind en de ouders tegen elkaar moeten worden afgewogen. De rechtbank had geen contra-indicaties gezien voor de overnachtingen en vond het in het belang van het kind om een duurzame band met de vader en halfbroers op te bouwen. De moeder voerde zorgen aan over de jonge leeftijd van het kind, het ontbreken van een eigen slaapkamer bij de vader en de nog te starten hulpverleningstraject.
Het hof stelde vast dat de vader het belang van het kind op verantwoorde wijze behartigt en dat communicatieproblemen tussen ouders geen belemmering vormen. De verzoeken van de vader om de moeder te bevelen tot nakoming van de regeling met politie-inzet en dwangsommen werden afgewezen vanwege het belang van het hulpverleningstraject en de ingrijpende aard van politie-inzet voor het kind.
Het hof wees het schorsingsverzoek van de moeder af en bevestigde dat de overnachtingen bij de vader doorgaan totdat in de hoofdzaak anders wordt beslist.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot schorsing af en bevestigt dat de overnachtingsregeling bij de vader wordt uitgevoerd zonder politie-inzet of dwangsommen.