Uitspraak
Procesgang
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
Schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel
7 september 2016 in zijn woning en op de woonboot van een vriend zijn aangetroffen, recent had ontvangen en in bewaring had in het kader van zijn werkzaamheden; deze bedragen wachtten nog op uitbetaling. Hij heeft ook eerder, in juli en augustus 2016, in dat kader geldbedragen bewaard op deze woonboot. [16] In de strafzaak is de betrokkene veroordeeld voor het bankieren zonder vergunning in de periode van 9 maart 2016 tot en met 7 september 2016 (perioden 1 en 2 in de ontnemingsberekening). De betrokkene heeft in zijn verklaringen nooit het onderscheid gemaakt tussen de perioden voor en na juni 2016; evenmin heeft hij dat onderscheid gemaakt met betrekking tot de intensiteit van zijn werkzaamheden.
€ 217.032,26.
€ 215.346,92.
€ 432.379,18.
Verplichting tot betaling aan de Staat
€ 459.800,00 wel van misdrijf afkomstig was.
€ 427.379,00.
Toepasselijk wettelijk voorschrift
BESLISSING
432.379,18 (vierhonderdtweeëndertigduizend driehonderdnegenenzeventig euro en achttien cent).
betaling aan de Staatter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel van een bedrag van
€ 427.379,00 (vierhonderdzevenentwintigduizend driehonderdnegenenzeventig euro).