Het gerechtshof Amsterdam heeft op 26 maart 2025 het hoger beroep behandeld van een verdachte veroordeeld door de rechtbank Noord-Holland voor grootschalige internationale drugshandel. De zaak maakt deel uit van een omvangrijk onderzoek met elf verdachten, waarbij procesafspraken tussen het Openbaar Ministerie en de verdediging een belangrijke rol speelden. Na langdurige onderhandelingen zijn deze afspraken kort voor de inhoudelijke behandeling bekrachtigd, wat het hof als laat en inefficiënt beoordeelde.
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot 43 maanden gevangenisstraf. In hoger beroep is, mede vanwege de procesafspraken, een gevangenisstraf van 24 maanden opgelegd, met aftrek van voorarrest. Het hof achtte de straf passend gezien de ernst van de feiten, het lange tijdsverloop sinds de feiten en de overschrijding van de redelijke termijn. De verdachte was betrokken bij het inpakken en verzenden van meer dan 100 kilo harddrugs via postpakketten naar het buitenland.
Het hof benadrukte het belang van tijdige procesafspraken in megazaken om proceseconomie en efficiëntie te bevorderen. In deze zaak kwamen de afspraken echter te laat, waardoor zittingsdagen verloren gingen. Het hof adviseert om in toekomstige megazaken procesafspraken binnen drie maanden na een regiezitting te maken en alle relevante afspraken, zoals over beslag en executie, transparant te documenteren. De strafoplegging werd vernietigd en opnieuw vastgesteld conform de procesafspraken. De overige onderdelen van het vonnis bleven in stand.