ECLI:NL:GHAMS:2025:794

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
26 februari 2025
Publicatiedatum
26 maart 2025
Zaaknummer
23-001247-24
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Oproeping in hoger beroep nietig verklaard door Gerechtshof Amsterdam

In deze strafzaak heeft het Gerechtshof Amsterdam op 26 februari 2025 uitspraak gedaan over het hoger beroep dat was ingesteld tegen het vonnis van de politierechter van 30 mei 2024. De zaak betreft een verdachte geboren in 1988, woonachtig op een adres in Nederland. Het hof heeft geoordeeld dat de oproeping in hoger beroep nietig is verklaard omdat de verdachte niet is verschenen bij de zitting.

Het arrest is gewezen door de enkelvoudige strafkamer van het Gerechtshof Amsterdam, waarbij mr. R. van der Heijden als rechter zitting had. De griffier mr. S.K. van Eck was eveneens aanwezig. De uitspraak werd gedaan tijdens een openbare terechtzitting.

Door de nietigheid van de oproeping kan het hoger beroep niet inhoudelijk worden behandeld. Dit betekent dat het oorspronkelijke vonnis van de politierechter blijft staan. De procedure is hierdoor beëindigd zonder inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep.

Uitkomst: De oproeping in hoger beroep is nietig verklaard, waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk is.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001247-24
datum uitspraak: 26 februari 2025

NIET VERSCHENEN

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 30 mei 2024 in de strafzaak onder parketnummer 13-004220-24 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1988,
adres: [adres] .

Beslissing

Het hof:
Verklaart de oproeping in hoger beroep nietig.
Dit arrest is gewezen door de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting had mr. R. van der Heijden, in tegenwoordigheid van mr. S.K. van Eck, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 26 februari 2025.