ECLI:NL:GHAMS:2025:799

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
14 februari 2025
Publicatiedatum
26 maart 2025
Zaaknummer
23-003436-22
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging vonnis politierechter in hoger beroep wegens verstek

In deze strafzaak heeft het Gerechtshof Amsterdam op 14 februari 2025 het hoger beroep behandeld van een verdachte tegen het vonnis van de politierechter van 13 december 2022. De verdachte was niet verschenen en had geen gemachtigde raadsvrouw, waardoor sprake was van verstek. Het hof heeft de vordering van de advocaat-generaal tot bevestiging van het vonnis gevolgd.

Het hof heeft zich verenigd met het vonnis waarvan beroep en dit bevestigd. De uitspraak vond plaats in aanwezigheid van de meervoudige strafkamer, bestaande uit drie rechters, waarvan twee niet in de gelegenheid waren het arrest mee te ondertekenen. De griffier was aanwezig.

De zaak betrof een hoger beroep in een strafzaak, waarbij het hof geen nieuwe inhoudelijke beoordeling heeft gegeven, maar het eerdere vonnis heeft bekrachtigd. De verdachte was vertrokken en onbekend waarheen, waardoor het proces in zijn afwezigheid is voortgezet.

De procedure verliep conform artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, waarbij het hof het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en hoger beroep heeft betrokken. De uitspraak is openbaar gedaan en het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het Gerechtshof Amsterdam.

Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis van de politierechter in hoger beroep tegen verdachte die verstek liet gaan.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-003436-22
datum uitspraak: 14 februari 2025
VERSTEK (niet gemachtigde raadsvrouw)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 13 december 2022 in de strafzaak onder parketnummer
13-235460-22 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1982,
adres: vertrokken, onbekend waarheen.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 14 februari 2025 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot de bevestiging van het vonnis waarvan beroep.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. D.A.C. Koster, mr. A.W.T. Klappe en mr. M.J. Dubelaar, in tegenwoordigheid van mr. S.K. van Eck, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 14 februari 2025.
mrs. Klappe en Dubelaar zijn niet in de gelegenheid dit arrest mee te ondertekenen.