Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHAMS:2025:807

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
24 januari 2025
Publicatiedatum
26 maart 2025
Zaaknummer
23-003039-22
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 23 SrArt. 24 SrArt. 24c SrArt. 63 SrArt. 285 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen bedreiging met zware mishandeling met geldboete en hechtenis

In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd dat alleen een aantekening bevatte. De verdachte werd ten laste gelegd zijn woonbegeleider te hebben bedreigd met de woorden "Ik breek je kankernek" op 1 juli 2021 te Amsterdam.

Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte deze bedreiging heeft geuit, maar sprak hem vrij van overige tenlasteleggingen. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde werd bevestigd omdat geen omstandigheden aannemelijk zijn geworden die dit uitsluiten.

De politierechter had in eerste aanleg een geldboete van €250 opgelegd, te vervangen door 5 dagen hechtenis bij niet-betaling. De advocaat-generaal vorderde bevestiging van deze straf. Het hof overwoog dat de bedreiging een angstige situatie veroorzaakte en het veiligheidsgevoel van de aangeefster aantastte, vooral omdat zij tijdens een werkbezoek bij de verdachte thuis was.

Gelet op de ernst van het feit en de omstandigheden achtte het hof een geldboete van €250 passend en veroordeelde de verdachte tot deze boete, met vervangende hechtenis van 5 dagen. Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 24 januari 2025.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €250, te vervangen door 5 dagen hechtenis wegens bedreiging met zware mishandeling.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-003039-22
datum uitspraak: 24 januari 2025
VERSTEK
Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 14 september 2022 in de strafzaak onder parketnummer 13-039021-22 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1967,
adres: [adres] .

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 24 januari 2025.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 1 juli 2021 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die voornoemde [slachtoffer] dreigend de woorden toe te voegen "Ik breek je kankernek", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat daarvan slechts aantekening is gedaan ingevolge artikel 378a van het Wetboek van Strafvordering.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:
hij op 1 juli 2021 te Amsterdam [slachtoffer] heeft bedreigd met zware mishandeling, door voornoemde [slachtoffer] dreigend de woorden toe te voegen "Ik breek je kankernek”.
Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.
Het bewezenverklaarde is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat, zoals deze na het eventueel instellen van beroep in cassatie zullen worden opgenomen in de op te maken aanvulling op dit arrest.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Geen omstandigheid is aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.
Het bewezenverklaarde levert op:
bedreiging met zware mishandeling.

Strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen omstandigheid aannemelijk is geworden die de strafbaarheid ten aanzien van het bewezenverklaarde uitsluit.

Oplegging van straf

De politierechter heeft de verdachte voor het in eerste aanleg bewezenverklaarde veroordeeld tot een geldboete ter hoogte van € 250,00, te vervangen door 5 dagen hechtenis.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd.
Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.
De verdachte heeft zijn woonbegeleider van perMens bedreigd in niet mis te verstane bewoordingen. Hiermee heeft hij een voor de aangeefster angstige situatie gecreëerd en haar gevoel van veiligheid aangetast. Het hof rekent het de verdachte aan dat hij deze bedreigingen jegens de aangeefster heeft geuit terwijl zij in het kader van een werkbezoek bij de verdachte thuis was.
Het hof acht, alles afwegende, een geldboete van na te melden hoogte passend en geboden.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 23, 24, 24c, 63 en 285 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een
geldboetevan
€ 250,00 (tweehonderdvijftig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
5 (vijf) dagen hechtenis.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. D.A.C. Koster, mr. P.F.E. Geerlings en mr. D. Abels, in tegenwoordigheid van mr. S.K. van Eck, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 24 januari 2025.
mr. D. Abels is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.