Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHAMS:2026:1052

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
7 april 2026
Publicatiedatum
23 april 2026
Zaaknummer
23-001569-25
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 SrArt. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 22c Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep belaging met voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf

In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd en opnieuw recht gedaan in een zaak over belaging. De feiten betreffen gedragingen gepleegd tussen 21 juni en 2 juli 2024 te Limmen, gemeente Castricum.

De verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3 maanden, waarvan de uitvoering is voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Tijdens deze proeftijd gelden bijzondere voorwaarden, waaronder het melden bij de reclassering, het ondergaan van behandeling bij een zorgverlener en een contactverbod met het slachtoffer. Daarnaast is een taakstraf van 40 uur opgelegd, die bij niet-naleving kan worden vervangen door 20 dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest.

Het hof heeft tevens het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard in een vordering tot tenuitvoerlegging en het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven. De verdachte heeft afstand gedaan van het recht om cassatie in te stellen.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met proeftijd van 2 jaar en een taakstraf van 40 uur.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg : 15-218498-24 en 05-157058-23 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-001569-25
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsvrouw)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 7 april 2026 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 19 juni 2025 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte 1]
voornamen: [verdachte 1]
geboren: op [geboortedag 1] 1998 te [geboorteplaats]
postadres: [adres 1] .

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
belaging.
Gepleegd
21 juni 2024 tot en met 2 juli 2024 te Limmen, gemeente Castricum.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 63 en 285b van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) maanden.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd.
Stelt als bijzondere voorwaarde dat de verdachte zich binnen vijf dagen na het ingaan van de proeftijd meldt bij de reclassering [bedrijf] op het adres [adres 2] . De verdachte blijft zich melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt.
Stelt als bijzondere voorwaarde dat de verdachte zich laat behandelen door E25 Zorg en Welzijn of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering.
De behandeling start zo snel als mogelijk. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. De verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorgverlener dat nodig vindt.
Stelt als bijzondere voorwaarde dat de verdachte op geen enkele wijze – direct of indirect – contact heeft of zoekt met [persoon] , geboren op [geboortedag 2] 1993, zolang het Openbaar Ministerie dit verbod nodig vindt.
Van rechtswege gelden hierbij als voorwaarden dat de verdachte:
  • meewerkt aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een geldig identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
  • meewerkt aan het hierna te noemen reclasseringstoezicht als bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht, waaronder het meewerken aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dat noodzakelijk vindt.
Geeft opdracht dat de reclassering toezicht houdt op de naleving van de voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan begeleidt.
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
40 (veertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
20 (twintig) dagen hechtenis.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde taakstraf in mindering zal worden gebracht, volgens de maatstaf van twee uren taakstraf per in voorarrest doorgebrachte dag, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vordering tenuitvoerlegging met parketnummer
05-157058-23.
Heft op het – geschorste – bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte.
Gewezen door mr. D.A.C. Koster, in bijzijn van J.W.B. Mullink en mr. N.M. Simons, griffiers.
mr. D.A.C. Koster
De raadsvrouw heeft na afloop van de terechtzitting per e-mailbericht van 8 april 2026 te kennen gegeven dat de verdachte afstand doet van het recht beroep in cassatie in te stellen.