ECLI:NL:GHAMS:2026:1192
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- A.W.T. Klappe
- M. Iedema
- M.J.A. Duker
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot schadevergoeding na ongeldigverklaring rijbewijs afgewezen voor bestuursrechtelijke schade, deels toegewezen voor proceskosten
Verzoeker diende een verzoekschrift in tot vergoeding van schade veroorzaakt door de schorsing en daaropvolgende ongeldigverklaring van zijn rijbewijs door het CBR, alsmede vergoeding van kosten voor rechtsbijstand in de strafzaak en de verzoekschriftprocedure.
Het hof oordeelde dat artikel 164 van Pro de Wegenverkeerswet 1994 geen grondslag biedt voor vergoeding van schade als gevolg van de bestuursrechtelijke schorsing en ongeldigverklaring van het rijbewijs, ook niet wanneer deze het gevolg is van een politie-melding op grond van artikel 130 WVW Pro 1994. Daarom werd verzoeker niet-ontvankelijk verklaard voor de schadevergoeding wegens ongeldigverklaring.
Voor de kosten van rechtsbijstand in de strafzaak en de verzoekschriftprocedure oordeelde het hof dat op grond van artikel 534 Sv Pro billijkheidsoverwegingen een vergoeding rechtvaardigen. Daarom werd een bedrag van €7.384,82 toegekend ter vergoeding van deze kosten.
De beschikking werd uitgesproken door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam op 15 april 2026, waarbij de tenuitvoerlegging van de vergoeding werd bevolen.
Uitkomst: Verzoek tot schadevergoeding wegens ongeldigverklaring rijbewijs wordt afgewezen, vergoeding van proceskosten wordt toegewezen.