ECLI:NL:GHAMS:2026:1860

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
7 juli 2026
Publicatiedatum
7 juli 2026
Zaaknummer
23-002146-24
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 63 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging vonnis politierechter met vernietiging beslissing tenuitvoerlegging

Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in Amsterdam van 11 september 2024. De verdachte, zonder bekende woon- of verblijfplaats, had hoger beroep ingesteld tegen dit vonnis. Het hof heeft het vonnis van de politierechter bevestigd, met uitzondering van de beslissing over de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke straf.

De rechtbank had op 13 april 2023 een voorwaardelijke straf opgelegd aan de verdachte. Uit justitiële documentatie van 9 juni 2026 bleek dat deze straf inmiddels was tenuitgevoerlegd. Daarom verklaarde het hof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vordering tot tenuitvoerlegging van deze straf en vernietigde het de eerdere beslissing hierover.

Het hof voegde artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht toe aan de toepasselijke wettelijke voorschriften en werkte de bewijsmiddelen verder uit in een aanvulling op het arrest. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 7 juli 2026.

Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis van de politierechter, vernietigt de beslissing over de tenuitvoerlegging en verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vordering tot tenuitvoerlegging.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002146-24
datum uitspraak: 7 juli 2026
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 11 september 2024 in de strafzaak onder de parketnummers 13-289458-24 en 02-097110-23 (TUL) tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 2002,
zonder bekende woon- of verblijfplaats.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
23 juni 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsman naar voren heeft gebracht.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen, behalve ten aanzien van de beslissing op de vordering tenuitvoerlegging – in zoverre zal het vonnis worden vernietigd – en met dien verstande dat het hof:
  • de door de politierechter opgesomde bewijsmiddelen uitwerkt en aanvult in de op te maken aanvulling op dit arrest na het eventueel instellen van beroep in cassatie;
  • artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht (Sr) toevoegt aan de toepasselijke wettelijke voorschriften.

Vordering tenuitvoerlegging

De rechtbank Amsterdam heeft op 13 april 2023 een voorwaardelijke straf aan de verdachte opgelegd (parketnummer 02-097110-23). Uit de justitiële documentatie van 9 juni 2026 volgt dat deze straf inmiddels is tenuitvoergelegd. Het hof zal daarom het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaren in zijn vordering tot tenuitvoerlegging van deze straf.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigthet vonnis waarvan beroep ten aanzien van de beslissing op de vordering tenuitvoerlegging en doet in zoverre opnieuw recht.
Verklaart het openbaar ministerie
niet-ontvankelijkin de vordering tenuitvoerlegging, met parketnummer 02-097110-23.
Bevestigthet vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. E.J. Hofstee, mr. T. de Bont en mr. C.A. Boom, in tegenwoordigheid van mr. S. Bonset, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 7 juli 2026.