Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
- het hof het eerste bewijsmiddel (de verklaring van de verdachte afgelegd ter terechtzitting in eerste aanleg) aanpast in die zin dat het de laatste zin
- de navolgende passage uit het bewijsmiddel op p. 18 “Een verslag zijnde een laboratoriumrapport van 21 oktober 2024 etc”
- het hof het bewijsmiddel “Een geschrift, zijnde een kennisgeving van inbeslagneming met nummer PL 13000-2024216652-38, opgemaakt door [persoon 1] en [persoon 2] (KVI’s onderzoek BETON, ongenummerd) op p. 19 onderaan, aanpast in die zin dat het hof het goed nummer PL1300-2024216652-656135 gewijzigd leest als: PL1300-2024216652-65613
- het hof het vonnis aanvult met de hierna volgende bewijsoverweging;
- de verdachte op de terechtzitting in hoger beroep afstand heeft gedaan van de onder hem in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen zodat het hof ten aanzien van het beslag geen beslissing meer hoeft te nemen.
Aanvullende bewijsoverweging
(fonetisch)een groene Nike tas met daarin sportsupplementen bewaard. Deze tas met sportsupplementen is
voordatde verdachte naar België is afgereisd (en dus voordat de doorzoeking in de woning van de verdachte op
hetzelfdefamilielid toestemming had gegeven om de koffer bij hem op te slaan in de berging bij de keuken omdat hij het idee had dat dat familielid in de problemen zat, dat hij weet dat hij dit niet had moeten doen en dat het familielid tegen hem had gezegd dat er sport-supplementen in de koffer zaten. Ook heeft de verdachte verklaard dat hij moeite heeft met ‘nee’ zeggen tegen zijn familie door de druk die zij opleggen. In het kader van zijn laatste woord heeft de verdachte een op schrift gestelde verklaring voorgelezen waarin de verdachte heeft verklaard dat hij begrijpt dat hij verantwoordelijk is voor wat er is gebeurd, dat hij verantwoordelijk is voor zijn woning en dat zijn betrokkenheid voortkwam uit een verkeerde inschatting.
(fonetisch). Volstrekt onduidelijk is gebleven hoe deze groene Nike tas – die zich volgens de verdachte al niet meer in het huis van de verdachte bevond op het moment van de doorzoeking van zijn woning op
Oplegging van straf
Vordering tenuitvoerlegging
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
24 (vierentwintig) maanden.
12 (twaalf) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde(n) niet heeft nageleefd.
bijzondere voorwaardendat:
- de verdachte zich meldt op afspraken met reclassering Inforsa, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt;
- de verdachte zich laat behandelen door forensische polikliniek Inforsa of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. De verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling. Bij een terugval in middelengebruik kan de reclassering een indicatiestelling aanvragen voor een kortdurende opname voor detoxificatie. Als de voor indicatie verantwoordelijke instantie een kortdurende opname indiceert, zal de verdachte zich, na goedkeuring door de rechter laten opnemen in een zorginstelling voor zeven weken of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. De justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing in forensische zorg, bepaalt in welke zorginstelling de opname plaatsvindt. De verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling;
- de verdachte zich in spant voor het vinden en behouden van een dagbesteding, met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;
- de verdachte meewerkt aan controle van het gebruik van alcohol om het middelengebruik te beheersen. De reclassering kan urineonderzoek en ademonderzoek (blaastest) gebruiken voor de controle. De reclassering bepaalt hoe vaak de verdachte wordt gecontroleerd.
- meewerkt aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een geldig identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- meewerkt aan het hierna te noemen reclasseringstoezicht als bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht, waaronder het meewerken aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dat noodzakelijk vindt;
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, bij gebreke van het naar behoren verrichten te vervangen door
4 (vier) maanden hechtenis.